Adieu actrice Julie Harris

Broadway-actrice Julie Harris (1925-2013) overleed vorig week, op 24 augustus, in West Chatham (Massachussetts). Minder prominent aanwezig in films (hoewel…) heeft ze vooral een enorme staat van dienst als Broadway-actrice met op haar palmares een record aantal nominaties voor een Tony Award, de hoogste theateronderscheiding in New York - Tien stuks waarvan er vijf werden verzilverd, een record dat ze met Angela Lansbury deelt.

De memorabele filmregisseur Fred Zinnemann was de man die haar op het witte doek introduceerde; eerder al had hij Montgomery Clift (The Search, 1948) en Marlon Brando (The Men, 1950) hun eerste filmrollen bezorgd en decennia later zou hij ook nog Meryl Streep (Julia, 1977) lanceren. Een grote meneer dus met een neus voor talent. In haar debuutfilm, The Member of the Wedding (1952), hernam Harris haar rol van het gelijknamige en succesvolle toneelstuk op Broadway. In de film, een psychologisch drama met die onmiskenbare Zinnemanns signatuur, groeit ze op van meisje tot volwassen vrouw, goed voor een Oscarnominatie.

Aangezien ze, ondanks haar geslaagde start als filmactrice, nooit een filmcarrière ambieerde en in Hollywoodkringen bekend stond om haar low profile, zouden regisseurs met inhoud haar toch casten in enkele topfilms, ofschoon het begrip blockbuster niet aan haar was besteed. Ze was een actrice pur sang; acteren zat haar in het bloed en die gave wilde ze ten volle uitspelen, liefst van al dan nog op de planken.
Toch heeft ze op het witte doek een erfenis nagelaten. Elia Kazan, toen en ook voor de rest van zijn carrière in het oog van de storm om zijn bekentenissen tijdens de communistenjacht in Hollywood, bezorgde haar de vrouwelijke hoofdrol in East of Eden (foto, 1954) als de vriendin van Aron Trask, de broer van Cal, personage gespeeld door James Dean - de eerste van zijn drie hoofdrollen alvorens hij zich twee jaar te pletter zou rijden met zijn sportwagen (zijn volgende twee films waren Rebel Without a Cause en Giant). Julie Harris bewees in deze film dat ze over voldoende draagkracht beschikte om eender welke rol aan te kunnen; met recht en reden werd de film een huzarenstukje van acteerkunst van alle betrokkenen.

Ook I Am a Camera (1955) van de nobele onbekende Henry Cornelius, waarin ze de rol van Sally Bowles speelde (personage dat Liza Minnelli hernam in Cabaret, 1972), was een filmische bewerking van haar toneelstuk. De film werd alom geprezen, maar het weerhield haar niet om in de toekomst te opteren afwisselend voor theater en tv te werken (tv-films, nadien afglijdend naar miniseries en series zoals ‘Knot’s Landing’ in de jaren tachtig). Daardoor kwam haar filmwerk slechts sporadisch uit de verf, ook omdat ze van zichzelf vond dat ze nooit kon wedijveren met The great beauties, zoals ze het zelf ooit laconiek verwoordde. Ze bleef tussendoor wel in films spelen, zoals Requiem for a Heavyweight (1962), The Haunting (1963) van Robert Wise, Harper (1966) met Paul Newman en You’re a Big Boy Now (1966, een van Coppola’s eerste films), maar ze had haar hart verpand aan Broadway.

Vandaar dat ze ook het stardom had afgezworen en er bewust voor koos om aan de Amerikaanse oostkust te blijven wonen; net zoals andere uiterst getalenteerde actrices en generatiegenoten zoals Maureen Stapleton en Teresa Wright is er aan Julie Harris mogelijk een kostbare filmactrice verloren gegaan - wie weet, misschien wel een Meryl Streep avant la lettre zelfs!

Voor haar tv-werk werd ze bekroond met drie Emmy’s uit een totaal van elf nominaties, en zelfs een Grammy prijkt op haar schoorsteen voor de ‘Best Spoken Word Recording’ van een audio-opname van The Belle of Amherst (1976), een one-woman play dat ze deed over het leven van dichteres/schrijfster Emily Dickinson. Julie Harris werd 87 jaar.

Geschreven door LEO VERSWIJVER
 
onomatopee