Adieu actrice Laura Antonelli (1941-2015)

Ondanks uiteenlopende rollen en een vroegtijdig afscheid (aan haar carrière als filmactrice) is Laura Antonelli het boegbeeld gebleven van de Italiaanse “commedia sexy all’italiana” van de jaren 1970-’80.

Geboren als Laura Antonaz (°1941) in het toen nog Italiaanse Pola (nu Kroatië), vluchtte haar familie op het einde van WO II uit het communistische Joegoslavië-in-wording naar Napels. Met een diploma lichamelijke opvoedster verhuisde ze begin jaren 60 naar Rome waar ze omwille van haar natuurlijke schoonheid werd opgemerkt door uitgevers van de in die jaren erg populaire fotoromans en door de opkomende televisie. Enkele verschijningen in RAI-reclamespots trokken de aandacht van de bloeiende Italiaanse film. Haar debuut halfweg de jaren ’60 waren kleine rolletjes in films met pikante titels zoals ‘Il Magnifico cornuto’ (1964, Antonio Pietrangeli), ‘Le sedicenne’ (1965, Luigi Petrini)... Het waren de jaren van de 'commedia all’italiana' die het gedrag, de zeden en de hypocrisie errond op de korrel nam, van het asociaal gedrag verpakt als “furbizia”/sluwheid (‘I mostri’, 1963, Dino Risi), over de invloed van de Kerk (‘Divorzio all’italiana’, 1961, Pietro Germi) tot de seksualiteit.

Een combinatie ervan is ‘Scusi, lei è favorevole o contrario?’ (1966, Alberto Sordi) i.v.m. de echtscheiding waarin Laura Antonelli een van de concubines is van het hoofdpersonage. Het zijn ook de jaren van de ’68-revolte en van de seksuele vrijheid. Een eerste hoofdrol kreeg Laura Antonelli in de Duits-Italiaanse ‘Venus im Pelz/Venere in peliccia’ (1969, Massimo Dalamano), een softe sadomaso-plot, maar genoeg om in Italië (en bij ons) pas in 1974 in geknipte versie te worden uitgebracht. Volgden enkele tweedeplansrollen in intriges zonder pretentie zoals ‘Les amants de l’an II’ (1971, Jean-Paul Rappeneau) met Jean-Paul Belmondo, ook haar tegenspeler in ‘Docteur Popaul’ (1972, Claude Chabrol), waaruit een zeven jaar lange tumultueuze liefdesrelatie zou volgen. In 1971 wordt de actrice in Italië een sekssymbool dankzij haar naakte borsten in de Arena van Verona in ‘Il merlo maschio’ (Pasquale Festa Campanile). Goed voor een casting in een gedurfde verleidings- en bedscène in de grimmige commedia ‘All’onorevole piacciono le donne’ (1972, Lucio Fulci) die de draak steekt met de Italiaanse politiek, de Kerk, de maffia - een kassucces ondanks de censuuringrepen om politieke redenen.

Van oneerbiedige commedia all’italiana verschuift het genre naar de 'commedia sexy all’italiana' waarin erotiek overheerst. ‘Malizia’ (1973, Salvatore Samperi) is er zo eentje en voor Laura de grote doorbraak (tot ver buiten Italië). Hier is ze geen provocerende sex doll maar als eenvoudig huishulpje de belichaming van het alledaagse en bereikbare erotisch ideaal voor mannen, oud én jong. Wat later zou ze die onnadrukkelijke huisvrouw-verleiding opnieuw verpersoonlijken in ‘Peccato veniale’ (1974, S. Samperi). Zonder zich echt bloot te moeten geven werd Laura Antonelli ook voor filmauteurs een commerciële troef, geëngageerd voor Molière-verfilmingen van Tonino Cervi (‘Il malato immaginario’, 1979; ‘L’avaro’, 1990), door Luchino Viconti (‘L’innocente’, 1976), Ettore Scola (‘Passione d’amore’, 1981) en Mauro Bolognini (‘La Venexiana’, 1986)...

Het was haar leeftijd die Laura Antonelli in de tweede helft van de jaren 80 naar meer discrete rollen voor film en televisie dwong. Een poging om haar opnieuw de hoofdrolspeelster te maken van ‘Malizia 2000’ (1991, S. Samperi) werd een tweevoudige ondergang; de film flopte, en de plastische chirurgie voor de rol werd haar noodlottig. Tegelijkertijd werd ze veroordeeld voor drugsdeal. Daarop trok de diepgelovige actrice zich uit de openbaarheid terug. Onherroepelijk, en dat ondanks de vrijspraak voor de drugsaanklacht negen (!) jaar later en de aangeboden financiële hulp van vrienden-collega’s. In een open brief schreef ze vergeten te willen worden. + 22 juni

Geschreven door MARCEL MEEUS