Berlinale, een uitstekende Bruno Dumont

Op elk festival zijn er gevestigde namen die bevestigen of die door de mand vallen. Dat is in Berlijn niet anders. Ken Loach verpakte in het document THE SPIRIT OF ’45 over de economische en sociale ontwikkelingen in de UK een stevig onderbouwd pleidooi voor meer democratische controle. Jacques Doillon was, geholpen door een charismatische Sara Forestier, sterk op dreef in MES SCéANCES DE LUTTE waarin zij uitdagendheid en tristesse een jonge buurman poogt te versieren. Giuseppe Tornatore maakte met zijn eerste Engelstalige film THE BEST OFFER een genrefilm waarin de Nederlandse actrice Sylvia Hoeks zich voor een verzamelaar van antiek tot muze ontpopt. PROMISED LAND van Gus Van Sant is onderhoudende cinema waar de poëzie, toch karakteristiek voor de films van Van Sant, weggefilterd werd uit een ecologisch verhaal met Matt Damon. De brave man komt in opdracht van een gasontginningsmaatschappij landbouwgronden van een verpauperde gemeenschap opkopen tot zijn pad ineens wordt gekruist door een milieuactivist... Alleen veelfilmer Michael Winterbottom stelde ronduit teleur met THE LOOK OF LOVE waarin hij op een vrij oppervlakkige manier een seksbaron portretteert die het Londense Soho uitbouwde maar onderweg wel zijn dochter ten onder ziet gaan.

Geen groter contrast ook dan tussen de twee opeenvolgende wereldpremières CAMILLE CLAUDEL 1915 (foto) en NIGHT TRAIN TO LISBON. De Franse filmer Bruno Dumont en hoofdrolspelers Juliette Binoche en Jean-Luc Vincent van het intimistische CAMILLE CLAUDEL leken wel verloren gelopen op de gigantische scène van het Berlinale Palast. Voor de uitgebreide cast van het megalomane NIGHT TRAIN TO LISBON was diezelfde scène dan weer te klein om de Deense cineast Bille August en zijn bijna voltallige cast voor te stellen: Jeremy Irons, Mélanie Laurent, Jack Huston, Martina Gedeck, Tom Courtenay, August Diehl en Lena Olin. En dan waren Christopher Lee, Charlotte Rampling en Bruno Ganz nog thuis gebleven! Gebaseerd op de gelijknamige bestseller van Pascal Mercier vertelt Bille August van een leraar die, nadat hij een meisje van zelfmoord heeft weerhouden, plotseling zijn klaslokaal verlaat om met de nachttrein van Bern naar Lissabon te reizen. Om dan via flashbacks in de Salazardictatuur van het Portugal van de jaren ‘70 terecht te komen. Veteraan August mispakt zich wel degelijk in deze langdradige Europese megaproductie met een ongeloofwaardig verhaal waarin tot en met het laatste shot wordt beweerd dat het leven van Jeremy Irons toch niet zo saai is.
Saai en langdradig waren ook de adjectieven die velen in de mond namen na Bruno Dumonts competitiefilm CAMILLE CLAUDEL 1915. Ten onrechte, want deze beklijvende film gaat door merg en been. Het leven van de geniale Franse beeldhouwster Camille Claudel (1864 - 1943) werd in 1988 al eens verfilmd door Bruno Nuytten met Isabelle Adjani in de rol van Camille, de oudste zus van de beroemde dichter en toneelschrijver Paul Claudel en muze en maîtresse van de 24 jaar oudere beeldhouwer Auguste Rodin. Dumont ruilde het laat 19de eeuwse Parijs in voor de afgelegen psychiatrische inrichting in Montdevergues in de buurt van Avignon, waar Camille de laatste 30 jaar van haar leven doorbracht. Uit de medische dossiers bleek dat Camille inderdaad paranoïde was, maar in 1915 genezen werd verklaard. Toch bleef ze opgesloten. Wie het oeuvre van Bruno Dumont kent, weet dat zijn films altijd verdeeld worden onthaald maar tegelijk bijzonder interessant zijn. Daarvan was ook Juliette Binoche op de hoogte toen ze Dumont uitdrukkelijk vroeg of zij in een van zijn films mocht acteren. En prompt koos hij voor …Camille Claudel. Gebiologeerd door lichamen, een naargeestige sfeer, vol kommer en kwel maar nooit saai. Wat er precies mis was met Camille blijkt uit de scène waarin Binoche toneeltjes bekijkt uit Don Juan, gespeeld door (echte!) zwakzinnigen: de ontrouw van Rodin en de onmacht om als vrouw haar kunst in volle vrijheid te beleven.

Geschreven door KAREL DEBURCHGRAVE