Brussels Short Film Festival: paranoia en la France profonde

Op zijn 22ste editie heeft het Brussels Short Film Festival twee films op de longlist voor de Oscars gekatapulteerd: PROVENCE van Kato De Boeck en EXCESS WILL SAVE US van Morgane Dziurla-Petit. Daarnaast grossierde het festival naar goede gewoonte in heel uiteenlopend kort en middellang werk.

Net als Kortfilmfestival in Leuven is het Brussels Short Film Festival (nu voor het tweede jaar) een route naar een preselectie voor een Academy Award. In EXCESS WILL SAVE US ontstaat er paniek in het Noord-Franse dorp Villereau als het begin van het jachtseizoen en een ruzie tussen twee Poolse arbeiders verward worden met een terroristische aanslag. Onwetendheid en paranoia deden de dorpelingen de kreet ‘Allahu Akbar’ horen in het Poolse gebral. En dat is niet de enige bevreemdende ervaring die Française Morgane Dziurla-Petit terugvindt in Villereau, een plattelandsdorp waar een deel van haar familie woont.

De juryprijs ging naar CADOUL DE CRĂCIUN (Kerstgeschenk) van de Roemeense filosoof-filmmaker Bogdan Muresanu, waarin paranoia opnieuw een belangrijke rol speelt. Op het festival van Clermont-Ferrand won de film de Grote Prijs. Ten tijde van de revolutie tegen Nicolae Ceausescu vraagt een jongetje aan de kerstman om het overlijden van de Roemeense dictator. Zijn vader, gespeeld door Adrian Văncică (prijs van de Beste Acteur op BSFF), ontsteekt in woede en eist een nieuwe kerstbrief. Het jongetje weigert echter.

La France profonde in de prijzen

Onverwacht is de winst van PROVENCE niet. De vorig jaar aan het RITCS afgestudeerde Kato De Boeck ging onder meer op Film Fest Gent en Kortfilmfestival Leuven al aan de haal met een karrenvacht prijzen. Het drama over seksuele ontluiking bij de elfjarige Camille en haar vijftienjarige broer Tuur koppelt herkenbare gevoelens aan een herkenbare locatie. De zonnige zomervakantie op een camping in Zuid-Frankrijk baadt in rijke kleuren en in een groeiende jaloezie van een zus die haar oudere broer afstand ziet nemen van hun gedeelde prepuberale speelsheid. De Boecks afstudeerfilm vat het moment van een tedere breuk tussen twee vertrouwelingen, met de suggestie dat er na thuiskomst een onherroepelijk andere, maar niet per se minder solide relatie tussen hen ontstaat. Zowel omzichtig als met stilistische trefzekerheid benadert ze een thema dat eigen is aan veel werk van studenten en andere beginners.

Een veel minder voor de hand liggende aanpak is te vinden bij D’UN CHÂTEAU L’AUTRE van Emmanuel Marre, eveneens onderdeel van de selectie nationale kortfilms. Marres behendige mix van documentaire en fictie, vernoemd naar een roman van Louis-Ferdinand Céline, wist de persjury te overtuigen in een nationale competitie die sowieso bestond uit een bonte verzameling animatie, fictie, essays en documentaire. D’UN CHÂTEAU L’AUTRE opent op een verkiezingsbijeenkomst van Emmanuel Macron in de lente van 2017, toen nog presidentskandidaat. Tussen de pompende technomuziek en wapperende vlaggen bevindt zich Pierre, een jongeman van bescheiden afkomst die naar Parijs is gekomen om te studeren. Hij woont in bij de bejaarde dame Francine en geeft zijn huisbazin de zorgen die haar zonen haar niet kunnen geven.

Uit hun met een documentair oog gefilmde gesprekken komt een zoekende jongeman naar voren wiens aversie voor de gestagneerde (Franse) politiek flirt met het gedachtegoed van Marine Le Pen. “Eerst dacht ik aan Macron, maar hij is zo dom als een kat”, zegt hij tegen Francine over zijn politieke twijfels. Zij antwoordt: “Macron is het verleden. We hebben iets nieuws nodig.” De vrouw is gepokt en gemazeld in het politieke engagement van onderuit en stond aan de wieg van meerdere vrouwenbewegingen. Haar devies is: als je zaken wil wijzigen, moet je handelen: “De maatschappij verander je niet door passer d’un château à l’autre, maar door iets echts te doen.” Met een verbazingwekkende openheid voor vaak verdonkeremaande gespreksonderwerpen filmt Emmanuel Marre de conversaties tussen de student en de oudere dame. Bedenkingen bij het conformisme van de jongere generatie gaan hand in hand met het afwijzen van al te eenvoudige provocaties (Pierre speelde met het idee om met een pet van Trump naar de les te trekken, alleen maar om reactie los te weken bij zijn medestudenten). Het documentaire essay paart politiek engagement aan persoonlijke zorg en krijgt nog een extra dimensie als je beseft dat Pierre Nisse een acteur is en de 75-jarige Francine Atoch de moeder van de filmmaker blijkt.

Dan is UNE SOEUR van Delphine Girard (nog tot 11 juni te bekijken bij VRT NU) meer rechttoe rechtaan. Sfeervol en beklemmend gefilmd door DoP Juliette Van Dormael gaat deze korte thriller over een jonge vrouw die ontvoerd wordt door haar ex. In de auto belt ze onder het mom van een telefoontje naar haar zus met de hulpdiensten, waar ze een streng ogende, maar behulpzame telefonist (Veerle Baetens) aan de lijn krijgt. De spanning gaat crescendo, maar het spel bereikt nooit de spankracht van het rigider vormgegeven The Guilty (Gustav Möller, 2018). UNE SOEUR ging naar huis met de Publieksprijs van het Belgische programma. 

Onverwachte beelden

In een nationale competitie waarin de live-actionfictie duidelijk de duimen moest leggen voor animatie- en documentaire films, was CE MAGNIFIQUE GÂTEAU! van Emma De Swaef en Marc James Roels (lees hier ons interview met hen) een ongenaakbaar hoogtepunt. Ook Lia Bertels blauwe wereld begeleid door heerlijke snaarklanken NUIT CHÉRIE en de groen-blauwe associatiestroom SPERMACETI van Jacky De Groen zetten animatie op de kaart.

Met het labyrintische AXOLOTL bevestigt Olivier Smolders zich nogmaals als een van de meest mysterieuze Belgische filmmakers. Zwart-witte fotofilmsequenties à la Chris Markers La jetée gaan over in de idealisering én ontering van een jonge vrouw, terwijl ook oorlogstaferelen hun intrede doen in een wereld waarin kijken nooit onschuldig is.

In het documentaire essay NOTRE TERRITOIR bevraagt ook Mathieu Volpe de daad van het filmen en het kijken. Romantische strandvakantiefilmpjes vormen een contrast met beelden van een vluchtelingenkamp in Zuid-Italië en het besef dat de Middellandse Zee een waar kerkhof is. Nadat een man sterft in het kamp (“een stad zonder straatnamen”), verschijnt een zwart beeld en zegt de mijmerende voice-over: “De media toonden de verwachte beelden van miserie.” De ‘verwachte beelden’, niet alleen van grote ellende maar ook van klein geluk, bleken vooral aanwezig in de fictiefilms. De korte films met documentaire inslag reflecteerden niet alleen meer over wat het betekent te filmen, maar brachten ook de relevantste verhalen.

Het integrale palmares vind je op de site van het festival.

Beeld: D’un château l’autre

Geschreven door BJORN GABRIELS
 
onomatopee