Cannes 2018: Manto, over korte verhalen en lange tenen

De interessante biopic MANTO vertelt over de controversiële kortverhaalschrijver Saadat Hasan Manto (1912–1955) en pleit voor sociaal-economische en artistieke vrijheid.

"India heeft zich bevrijd in 1947. Pakistan werd vlug daarna onafhankelijk, maar in beide landen bleef de mens een slaaf, een slaaf van vooroordelen, van religieus fanatisme en van barbaarse onmenselijkheid." Dit citaat van schrijver Saadat Hasan Manto, de protagonist van deze biopic, vat de film van cineaste Nandita Das (°1969) bondig samen. MANTO speelt zich af net voor en na de opdeling van Brits-Indië op 14/15 augustus 1947 op grond van godsdienst. Nandita Das heeft geacteerd in meer dan 40 films, waaronder Fire (1996) en Earth (1998), de eerste twee films uit de 'Elementen-trilogie' van Deepa Mehta, en debuteerde als regisseur met de politieke thriller Firaaq in 2008.

Haar tweede film MANTO speelt in op de 70ste verjaardag van de opdeling van India. Een Pakistaanse gelijknamige film over Manto werd drie jaar geleden al uitgebracht met de Pakistaanse acteur Sarmad Khoosat in de titelrol. Nu is het de beurt aan de Indiase acteur Nawazuddin Siddiqui, die we kennen van The Lunchbox. Hij zet een prachtig portret neer van een groot schrijver achtervolgd door een onverbiddelijke censuur: hij kreeg zes processen voor zijn vermeend obscene kortverhalen, drie processen in Brits-India en drie in Pakistan. Als inleiding op de speelfilm stond de kortfilm Defence of Freedom al op 23 maart 2017 op YouTube.

De speelfilm zelf visualiseert vijf van Manto’s kortverhalen en opent met een jong meisje uit de sloppenwijken. Haar vader verkoopt haar om twee rijke heren en hun chauffeur een namiddag 'strandplezier' te bezorgen. Een ander verhaal toont een brute pooier die zijn doodvermoeide prostituee uit haar bed trekt. Op het einde zien we Manto's bekendste verhaal, 'Toba Tek Singh', over een uitwisseling tussen India en Pakistan: mentaal gestoorde moslims gaan naar Indiase asielen en gekke hindoes en sikhs naar Pakistan. Trieste verhalen, gebaseerd op een nog triestere maar door de overheid moeilijk te aanvaarden realiteit van pedofilie en barbarij.

Manto's problemen met het gerecht herinneren ons aan wat D.H. Lawrence, Gustave Flaubert en natuurlijk Oscar Wilde in het Westen hebben meegemaakt. De vier tumultueuze jaren uit het leven van Manto lijken wel een kopie van de anni horribili van Wilde. Beiden hadden een superstatus, beiden kwamen ten val door zogezegde obsceniteiten, beiden zagen de witness box (getuigenbank) als een wittiness box (guitige bank) en werkten door hun welbespraaktheid tegen conservatieve rechters hun eigen ondergang in de hand. Beide schrijvers verlieten ook hun familie, Manto van Bombay naar Lahore en Wilde van Londen naar Parijs, voor ze allebei jong (als veertigers) stierven door overmatig alcoholgebruik. Maar beiden waren taalvirtuozen en blijven door hun teksten voortleven. Het credo van Wilde was: “There is only one thing in life worse than being talked about, and that is not being talked about.” Dat van Manto: “Either everyone's life matters, or no one's does."

Een plejade van bekende westerse schrijvers sympathiseert met de houding van Saadat Hasan Manto tegenover censuur. “A book is like a mirror. If a fool looks in, you can’t expect a genius to look out.” (J.K. Rowling); “To hell with the censors! Give me knowledge or give me death" (Kurt Vonnegut) en “It is a mad world and it will get madder if we allow the minorities, be they dwarf or giant, orangutan or dolphin, nuclear-head or water-conversationalist, pro-computerologist or Neo-Luddite, simpleton or sage, to interfere with aesthetics.” Dit laatste citaat is van Ray Bradbury, wiens boek Fahrenheit 451 voor de tweede keer geadapteerd werd - eerst door François Truffaut en nu door Ramin Bahrani - en hier in Cannes draait. Want de volgende stap is niet alleen meer censuur, beweert Bradbury, maar massale boekverbranding!

BEELD: MANTO

Geschreven door KAREL DEBURCHGRAVE