Clermont-Ferrand, 36ste editie

Ruim 8200 kortfilms waarvan er meer dan 7700 alleen al op de Marché te zien waren, meer dan 150.000 toeschouwers, meer dan 200 vrijwilligers, meer dan … Hier stop ik met al die cijfers die elk jaar de hoogte ingaan. Ook met het Kortfilmfestival van Clermont-Ferrand is het zo: alles verandert in positieve zin behalve …de subsidies. Die volgen niet ! Als een zo groot filmgebeuren voorzichtig moet zijn, hoezeer moeten we ons dan zorgen maken over die talloze, kleinere initiatieven? In België wordt een aantal bevoegdheden van de Federale Staat naar de Gemeenschappen en de regio’s overgedragen. In Frankrijk zie je eenzelfde fenomeen.

In 2015 krijgen de gemeenschappen nieuwe opdrachten maar de overdracht van financiën (en subsidies) zal misschien niet volgen. Mettertijd is het Festival tot een trekpleister voor de korte film uitgegroeid, uniek in de wereld. En een symbool van vrijheid. Misschien is dat ook de belangrijkste reden waarom zoveel bezoekers de internationale competitie willen volgen. Kortfilms zijn een soort identiteitskaart omdat ze bijna nooit met censuur worden geconfronteerd. Talrijke films komen uit landen waar vrijheid beperkt of zelfs quasi onbestaande is. Sommige regisseurs mogen hun land niet eens uit terwijl hun films toch een uitweg richting buitenland vinden. Het zijn net deze korte films die ons laten zien doe mensen echt leven

Elk jaar merken we tal van thema’s op. In deze editie had men het vooral over de positie van de vrouw, over de nieuwe, soms paradoxale gevoeligheden van de man, wordt radicalisme veroordeeld, zien we hoe volwassenen onderwijs van hun kinderen afremmen om ze naar het veld of naar de leger af te leiden, etc. En wat blijkt ? Mensen hebben meer hoop dan vroeger. De animatie-documentaire breidt zich uit. Ook de animatiefilm is beter geworden. Spijtig genoeg echter: geen dansfilmpjes noch musicals, ook geen echt genrefilms en bijna geen gore of science-fiction. Wel goede komedies en minder pretentie. Al bij al een degelijke selectie met een zeker evenwicht ook. Toch één valse noot : Hoe is het mogelijk dat er in zoveel kortfilms wordt gerookt! Hebben regisseurs en scenarioschrijvers geen verbeeldingskracht meer om iets anders voor de handen van de acteurs te bedenken dan?

Tussen de belangrijke gebeurtenissen van het festival is er jaarlijks het Canal+ rendez-vous. Dit jaar een speciale screening, helemaal aan Jeanne Moreau gewijd met vijf kortfilms van Sandrine Veysset. Met als gevolg : twee totaal uitverkochte vertoningen. Het programma Relief3D kende eenzelfde succes. Zelf ben ik geen aficionado van dat soort film maar toen enkele jaren geleden Serge Bromberg tijdens het openingsgala een relevante selectie van oude en nieuwe 3D kortfilms liet zien, was ik in een klap helemaal mee. Ten slotte stonden in het olympische zwembad Pierre de Coubertin tien kortfilms geprogrammeerd tussen 3 en 9 minuten over wat er zoal in een zwembad kan gebeuren. Er was plaats voor 120 zwemmers en 480 (zittende) toeschouwers. Meer dan 500 geïnteresseerden kwamen niet verder dan de deur (na twee uur wachten in een ijskoude wind). De anderen kregen (als beloning voor hun geduld ?) een bad van 29 graden.

De palmares kwam moeilijk tot stand blijkbaar, getuige daarvan de dertien vermeldingen (of troostprijzen). Ik betwist zeker niet de keuze van de Jury, toch vond ik het jammer dat er bepaalde films werden vergeten. Een palmares bijgevolg zonder grote verrassingen.

De Grote Internationale Prijs was de gelegenheid om een knuppel in het hoenderhok te gooien. De Jury wou de kloof benadrukken die er bestaat tussen homoseksualiteit en het erkennen ervan. PRIDE (foto) van de Bulgaar Pavel Vesnakov vertelt hoe een grootvader ontdekt dat zijn kleinzoon gay, homo is. In zijn van een ondraaglijke strengheid getuigende monoloog schreeuwt de oude man zijn verontwaardiging uit, een en al vooroordeel en frustratie. Soms wordt hij even door zijn vrouw onderbroken maar zijn halsstarrigheid maakt hem doof. Wat opvalt is dat het spel, het acteren van de drie protagonisten zeer zuiver is.

De Speciale Prijs van de Internationale Jury ging naar een Franse film terwijl - grappig toch wel - , de Grote Nationale Prijs voor een Chinees-Franse kortfilm was, in de originele (Chinese) taal gesproken. De eerste, JUKE BOX van Ilan Klipper in een regie van Daniel Bevilacqua (de echte naam van de Franse zanger Christophe ), is een semi-autobiografisch verhaal over de psychiatrische problemen van een zanger van wie de populariteit zich in het verleden situeert.

In de tweede, LA LAMPE AU BEURRE DE YAK, wordt men in de tijd teruggebracht tijdens een opname van een vaste camera. Regisseur Hu Wei vertrekt van een slimme inval. Hij fotografeert Tibetaanse autochtonen vóór grote reproducties van realistische landschappen zoals de Chinese Muur, de Verboden Stad, een strand met kokospalmen… Met tal van ontroerende momenten wanneer we het anachronisme of de breuk vaststellen tussen ‘de modellen’ en de fotograaf en zijn assistent. Een oude dame is helemaal ondersteboven van de reproductie van een tempel. Ze knielt neer, overtuigd dat het de echte is. Het was onmogelijk dat te fotograferen zodat de fotograaf een oplossing moest trachten te vinden om door te kunnen gaan.

De enige Persprijs – jammer - wordt door het Franse blad Télérama toegekend, goed voor € 1000. Télérama heeft een eigen Jury en bekroont een Franse kortfilm. LA FUGUE van Jean-Bernard Marli vertelt over de moeizame reclassering van probleemjongeren. Ze zitten klem tussen slechte kameraden en de opvoeder van het opvangcentrum (gespeeld door Adel Bencherif - Prijs voor de beste vertolking van een mannelijke filmrol) die haar een visie voorspiegelt en een voorstel op langere termijn met aan het einde van de tunnel een nieuw leven. Sabrina, een jonge delinquente, spartelt voortdurend en vooral onoordeelkundig tegen.

Tussen de andere prijzen, graag nog enkele woorden over de Braziliaanse MON AMI NIETZSCHE van Fáuston da Silva die de Internationale Prijs van het Publiek en ook de Prix du Rire Fernand Raynaud kreeg. Een spitsvondig, klassiek en intelligent verhaaltje waarin een kind een motief om te leren vindt dankzij een bijzondere ontdekking. In een hoop vuilnis stuit het op ‘Ainsi parlait Zarathoustra’ van Nietzsche. Het wordt zo in het werk meegesleept dat het gaandeweg, stap voor stap zijn omgeving zal bang maken; hij wordt een tijdbom.

En ten slotte een andere film die hartverscheurend is : CICATRICES DU CAMBODGE van de Franse filmer Alexandre Liebert. Hij kreeg de Prijs voor de Beste Originele Muziek en voor de Beste Fotografie van de Nationale Competitie. De auteur vertrok van het smoelwerk van een slachtoffer van de Rode Khmer. Deze man stelde zich spontaan ter beschikking van de auteur en zonder de minste dialoog speelt hij verrassend realistisch de folteringen dat hij moest verdragen. Men komt niet ongedeerd uit dit verhaal. Onmogelijk. Zoals we ook niet ongedeerd zijn gekomen uit een filmmarathon zoals die van Clermont-Ferrand.

www.clermont-filmfest.com

Geschreven door THIERRY ZAMPARUTTI