Festival van Deauville: Amerikanen in aantocht

In de Normandische badstad Deauville loopt van 31 augustus tot 9 september de 44ste editie van het in 1975 gestichte Festival du Cinéma Américain. Lange tijd lag een filmfestival uitsluitend gewijd aan Amerikaanse cinema moeilijk in cinefiel en chauvinistisch Frankrijk, maar ondertussen is het een klein beetje een instituut geworden in eigen land. Met de internationale reputatie van het filmfestival is het helaas minder goed gesteld.

Dat heeft veel te maken met de strijd onder de grote spelers van het internationale festivalcircuit. In zijn harde strijd met Toronto heeft Venetië, om toch een belangrijke troef in handen te houden, het kleinere Deauville al enkele jaren geleden buitenspel gezet als ‘poort naar Europa’ voor Hollywood. Waar vroeger zowel grote als kleine Amerikaanse producties beide festivals aandeden (en de kosten voor gasten verdeelden), is dat stelselmatig verminderd en bijna herleid tot nul. Komt daarbij dat de blockbusters in hun streven zo lang mogelijk onder de radar van critici te blijven (“hype werkt beter dan informatie” is het motto) festivals sowieso liever links laten liggen. Op mediacircus Cannes na natuurlijk.

De gevolgen zijn goed te merken op Deauvilles jongste editie. Zes jaar geleden zei festivaldirecteur Bruno Barde nog: “Deauville is niet het festival van de Hollywoodstudio’s en evenmin dat van de onafhankelijke Amerikaanse cinema, maar gewoon het festival van de best mogelijke Amerikaanse cinema op een bepaald moment van het jaar.” Jarenlang was Deauville inderdaad een eerbetoon aan de Amerikaanse cinema dat laveerde tussen onafhankelijke en mainstreamfilms. Met deze traditie breekt Deauville dit jaar echter radicaal. De competitie en de sectie ‘Uncle Sam Documentaries’ focusten al enkele jaren op ‘American Independents’, maar nu zijn ook in ‘The Premieres’ enkel kleinere producties te vinden.

Ook de focus op beroemdheden is verlegd. Gevestigde waarden eren was lang, lang geleden (in de tijd dat sterren zoals Bette Davis, Elizabeth Taylor, Dustin Hoffman en Harrison Ford zich graag lieten verwennen in het statige Hotel Royal) de grote missie van Deauville en het team van Barde voegde daar “nieuwe talenten helpen ontdekken” aan toe. Dat streven blijft en zal het festival nog wel een zekere glamour geven, ook zonder spectaculaire premières met sterren die met limousines worden aangevoerd van een tweehonderd meter verder gelegen hotel.

Is dit nieuwe, ‘andere’ Deauville een minder interessant festival? Niet noodzakelijk. De veranderde focus op de Amerikaanse onafhankelijke cinema maakt het mogelijk om een ‘stand van zaken’ op te maken. Gaat het goed met de indies? Zijn er nieuwe tendensen? Ontdekkingen? Welke films moeten we nu absoluut zien en welke talenten beloven ons in de toekomst nog te verrassen? Wat zeggen de onder het Trumpregime gemaakte films over de Verenigde Staten, het land en zijn bevolking? Op deze en andere vragen hopen we na deze tiendaagse een antwoord te kunnen geven.

Wat valt er zoal te bekijken? Zeer veel debuutfilms, vooral in de competitie. “Dit jaar zijn er vijftien eerste films geselecteerd”, zegt Barde. “Met de sectie ‘New Hollywood’ benadrukken we ons blijvende streven om nieuwe cinematografische vormen en nieuwe filmtalenten te ontdekken én het elan en de vitaliteit van een constant evoluerende cinema te belichten. ‘La créativité est contagieuse, faites-la tourner’ is een devies dat het festival met een groot publiek wil delen.”

Grote blikvanger van de competitie is LEAVE NO TRACE van Debra Granik, bekend van Down to the Bone en Winter’s Bone (eerder ook vertoond in Deauville). Verder naast DEAD WOMEN WALKING (Hagar Ben-Asher), PUZZLE (Marc Turtletaub), FRIDAY’S CHILD (A.J. Edwards) en THE KINDERGARTEN TEACHER (Sara Colangelo) vooral dus debuutfilms zoals AMERICAN ANIMALS (Bart Layton), BLINDSPOTTING (videoclip- en kortfilmregisseur Carlos López Estrada), DIANE (Kent Jones), MONSTERS AND MEN (Reinaldo Marcus Green), NANCY (Christina Choe), NIGHT COMES ON (Jordana Spiro), THE TALE (documentairemaker Jennifer Fox), THUNDER ROAD (Jim Cummings) en WE THE ANIMALS (Jeremiah Zagar).

Bij de premières twee absolute blikvangers: de eerste Amerikaanse film van Dheepan-regisseur Jacques Audiard THE SISTERS BROTHERS en de Ted Kennedyfilm CHAPPAQUIDDICK van John Curran (The Painted Veil), die het festival opent. Verder films over vuur (ONLY THE BRAVE van Joseph Kosinski) en ijs (ARCTIC van Joe Penna), een coming-of-ageverhaal (HOT SUMMER NIGHTS van Elijah Bynum), thrillers (PEPPERMINT van Pierre Morel en SEARCHING van Aneesh Chaganty) en drama’s (GALVESTON van Mélanie Laurent, HERE AND NOW van Fabien Constant).

Zoals steeds is er ook in de documentairesectie interessant werk te vinden. Documentaire portretten zoals ELVIS PRESLEY: THE SEARCHER (Thom Zimny), HAL (van Amy Scott over Hal Ashby), WHITNEY (van Kevin Macdonald over Whitney Houston) en RBG (van Betsy West over rechter en popcultuuricoon Ruth Bader Ginsburg). Maar ook historische documentaires over film en meer bepaald enkele pioniers: BE NATURAL: THE UNTOLD STORY OF ALICE GUY-BLACHÉ (Pamela B. Green) en THE GREAT BUSTER: A CELEBRATION (Peter Bogdanovich’ Buster Keatonfilm).

Wat hommages betreft focust Deauville dit jaar vooral op acteurs: Morgan Freeman, Kate Beckinsale, Jason Clarke en Sarah Jessica Parker. Plus New Hollywoodtalent Elle Fanning en Shailene Woodley. Niet op regisseurs en scenaristen, wat toch een beetje vreemd is in het land van de ‘politique des auteurs’. Maar goed, hopelijk ontdekken we tussen al de debutanten enkele beloftevolle auteurs. Wordt vervolgd.

BEELD: LEAVE NO TRACE

Geschreven door IVO DE KOCK
 
onomatopee