Filmfestival Torino – the end of stories

Niet de geschiedenis is aan z’n einde gekomen zoals Fukujama ooit argumenteerde, ook al lijkt ze zich te herhalen. Wel stellen heel wat films op het 31ste Torino Filmfestival (TFF) het zonder verhaal, brengen daarentegen een situatie, een (gemoeds)toestand over zonder dat een dramatisch voorval in de film een plot aan het rollen brengt. De vormgeving is dus ook niet-dramatisch maar wel boeiend. De economisch-sociale Griekse crisis is Geschiedenis.

In de semidocumentaire TO THE WOLF van Aran Hughes & Christina Koutsospyrou proberen de bewoners van een vergeten bergdorp gelaten te overleven. In LUTON (foto) van Michalis Konstantatos zijn het al even uitgebluste stedelingen die geen toekomst meer verwachten; in allebei de films is finaal geweld het alternatief. En het Amerikaanse C.O.G. van Kyle Patrick Alvarez rijgt bitterzoet de ontgoochelingen aan elkaar van een jonge kerel die zijn kommerloos studentenleventje wil inruilen voor het geïdealiseerde “echte leven”. LUPU van de Roemeen Bogdan Mustata volgt tussen realiteit en inbeelding de groeitwijfels en -pijnen van een adolescent.

De Geschiedenis schrikt aan het einde van de Algerijnse RED BEANS van Narimane Mari de kinderen wakker op het strand waar ze hun tijd verdoen tussen spel, plagerijen, kinderwijsheden, bravoure… wanneer de motoren van Franse gevechtsvliegtuigen de Algerijnse oorlog aankondigen. In een bezinnende off-voice begeleidt het hoofdpersonage van de Thaise KARAOKE GIRL van Visra Vichit Vadakan haar actuele leven tussen een bar in Bangkok en haar plattelandsafkomst. Deze plotloze filmproducties nemen het (daarom?) niet zo nauw met een chronologisch verloop.

De Argentijnse NOCHE van Leonardo Brzezicki voegt nog een schepje toe aan het puzzelkarakter via de klankband; daarin zijn opnamen te horen van een jonge geluidsjager die voor de zelfdood koos en daarmee moet het groepje achtergebleven vrienden in het reine proberen te komen. De in het verre verleden neergezette films van de Spaanse Albert Serra eisen nog een bijkomende inspanning van de kijker want zijn bijna puur filosofische meditaties over cultuur en literatuur, in HISTORIA DE LA MEVA MORT bijna helemaal in de mond gelegd van een oude Giacomo Casanova.

De retrospectieve dit jaar op het TFF is daarentegen op en top dramatische van inslag. Onder de titel “Suicide is painless – New Hollywood” worden 36 US independents vertoond uit de periode tussen 1967 en 1976, films die een breuk vormden met de thema’s en de vorm van Hollywood. Opmerkelijk is vooral de grote publieke belangstelling om nog eens op een groot scherm films te zien zoals Corman’s ‘Wild Angels’, via Nichols’ The Graduate, Hopper’s Easy Rider, Wadleighs Woodstock tot Peckinpahs Pat Garret & Billy the Kid en Penns Night Moves. Wat maar bewijst dat zin voor Geschiedenis en voor geschiedenissen nog niet is afgeschreven.

Geschreven door MARCEL MEEUS