Het Viennale-rapport

Voor vele filmliefhebbers is de VIENNALE in Wenen een van de sympathiekste en meest gepassioneerde filmfestivals in Europa. Een uitgebalanceerd en rijk programma met fictiefilms, documentaires, experimenten, korte films, filmhommages (aan Manuel de Oliveira, Raul Perrone), een eresaluut aan een jonge, veelbelovende filmmaker zoals de Uruguayaan Frederico Vieroj en een verrassende retrospectieve zorgen voor mateloos filmplezier en diepgaande discussies. In tegenstelling tot andere festivals schermt de VIENNALE zijn gasten niet af zodat het festival ook een ware ‘filmontmoeting’ wordt. Zo was dit jaar het emotionele hoogtepunt de aanwezigheid van de voormalige filmster Tipi 'The Birds' Hedren bij de voorstelling van 'Marnie', een film waar ze liefst had willen uitstappen maar contractueel niet kon. Het conflict dat tussen regisseur Alfred Hitchcock en zijn hoofdactrice, Hedren dus, tijdens de opnameperiode ontstond, zorgde ervoor dat de film bij de release niet die aandacht had die de film nadien wel zou te beurt vallen.

Over naar het Parijse Louvre. Alexander Sokurovs FRANCOFONIA (foto) kan geïnterpreteerd worden als een appendix bij zijn 'trilogie van de macht' (zijn even kunstzinnige als eigengereide portretten van Hitler, Lenin & Hirohito). In een mix van geënsceneerde en archiefbeelden schetst hij hoe museumdirecteur Jacques Jaujard en nazi-voorman Franz Graff Wolff Metternich tijdens de Duitse bezetting van Parijs elkaar vonden en zowaar samen besloten om het kunstpatrimonium in bescherming te nemen. Een film die relevante vragen stelt over kunst en macht en het museum als levendige conservator van de beschaving. Zoals we bij Sokurov gewoon zijn baadt zijn film in een wonderbaarlijke esthetiek, lang uitgesponnen sequenties, en een poëtische, informatief bespiegelende voice-over. Verbazend toch hoe zijn film plotseling zo actueel is door zijn beschouwingen over de betekenis van cultureel erfgoed voor de mensheid.

De goeroe van de Amerikaanse documentaire, Frederic Wiseman keert, na enkele uitstapjes in Frankrijk, terug naar de eigen haard met IN JACKSON HEIGHTS. In zijn vertrouwde stijl schetst hij een portret van een levendige en multiculturele gemeenschap in Queens, New York. Een buurt waar glbt’s, activisten, latino’s, Pakistani, kleine middenstanders, Hindi, Afro-Americans enzovoort eigen impulsen en kleur geven aan de samenleving dei nog echt een samen-levng kan worden genoemd. Maar de opmars van de grote winkelketens en immobiliën dreigt ook hun buurt aan te tasten. Wiseman is een meester in het observeren en geeft eenieder de tijd om zich uit te spreken waardor de documentaire een even wervelend als verontrustend tijdbeeld is.

Les Blank’s postuum uitgebrachte documentaire A POEM IS A NAKED PERSON is een aardig pareltje. Producent, singer-songwriter Leon Russel, die ook het onderwerp van de film is, was niet tevreden met het resultaat en hield de film in de kelders. Gelukkig is Les Blanks zoon er uiteindelijk in geslaagd om de film toch vrij te krijgen. Net zoals de meeste films van Les Blank is het geen regelrechte muziekdocumentaire. Tussen de optredens en opnames van repetities door sluist hij eigenzinnig loshangende pick-up shots en observaties uit de onmiddellijke omgeving binnen. Twee andere opvallende films binnen het muziekgenre waren Amy Bergs JANIS: LITTLE GIRL BLUE en Paul Marchand & Stephen Kijaks JACO. Beide documentaires veeleer traditioneel van opzet: een uitgebalanceerde afwisseling van authentieke 8-mm beelden met concertregistraties, newsreels en talking heads. Het boeiendste aan beide portretten is het verhaal over genialiteit, roem, twijfel, eenzaamheid en neergang dat zowel het leven van Janis Joplin als de onnavolgbare virtuoze bassist Jaco Pastorius tekende.

Marco Bellechio kerft met SANGUE DEI MIO SANGUE nog wat dieper in de religieuze ziel van de Italiaans maatschappij. Zijn verhaal van schuld, onschuld, wraak en rechtspraak ontrolt zich in het verre verleden maar is gelijktijdig enorm actueel. De sterke vertolking, strakke regie en voornamelijk de enorm uitgekiende beeldregie van cameraman Daniele Cipri maken van de film een ware beleving.

Ietwat lichter ging het eraan toe in de guitige en met cinefiele knipoogjes gemaakte US-Indie ME AND EARL AND THE DYING GIRL van Alfonso Gomez-Rejon. Deze Sundance- winnaar wordt perfect gedragen door zijn drie hoofdpersonages en laat een cineast ontdekken van wie men zeker nog zal horen. Het boek Infinite Jest van David Foster Wallace zorgde voor een literaire storm in de VS. Als schrijver werd hij al gauw vergeleken met literaire vernieuwers genre James Joyce en anderen. In James Ponsoldts film THE END OF THE TOUR volgen we het grote schrijftalent (maar grotendeels ‘loner’) dankzij Rolling Stone-journalist David Lipsky. De film is een fictieve reconstructie van hun ontmoeting. Een roadmovie vol humor, wijsheden, melancholie en verzuchtingen. Acteur Jason Segel incarneert zonderling David Foster Wallace met een bijzondere natuurlijkheid terwijl Jesse Eisenberg zich perfect inpast in zijn rol als journalist en gefascineerde fan. Vlot verteld vol onvergetelijke dialogen en one-liners die men onmiddellijk wil noteren. De native-American Indie SONGS MY BROTHER TAUGHT ME van Chloé Zhao is in meer dan een opzicht een bijzondere film. Zelden worden de problemen en het reservaatleven van native Americans geëvoceerd. Met een broer en zusverhaal vertelt Zhao scherp over de harde realiteit en de uitzichtloosheid van hun gedoemde samenleving. Een uiterst gevoelige en uitzonderlijke eerlijke inkijk in een ‘vergeten’ gemeenschap.

Verrassingen kwamen uit Argentinië en Colombië. In LA MUJER DE LOS PERROS volgen de Argentijnse filmmaaksters Laura Citarella en Veroni Llinas op de voet een vrouw en hondenvriend die buiten de maatschappij leeft. Vier seizoen lang volgen zij (van wie één zelf de protagoniste is) deze zelfgekozen outcast in haar dagdagelijkse doen en laten. Qua vorm en stijl vertoont de film veel gelijkenissen met Lisandro Alonso’s debuutfilm 'La Libertad' terwijl hij verrast door zijn stilte, eenvoud, mysterie en existentiële vragen. Colombiaan Ciro Guara volgt dan weer in prachtig zwart-wit de Duitse volkskundige Theodor Koch-Grünberg in zijn zoektocht naar een hallucinerende wonderplant. Veertig jaar geleden ondernam de Amerikaanse plantkundige en avonturier Richard Evans dezelfde tocht. Guara laat de twee verhalen feilloos in elkaar lopen en laat ons nadenken over mens, cultuur, natuur en de vernietigende kracht van het kolonialisme. Een film die men ergens tussen 'Aguire Zorn Gottes' en de anti-oorlogshellevaart 'Apocalypse Now' kan situeren. Niet de minste referenties!

Geschreven door CIS BIERINCKX