Jean-Pierre & Luc Dardenne geven de aftrap van het FIFF

De zaal waar vrijdag de persconferentie van de Luikse broers Dardenne plaatsvond bleek te klein om alle toehoorders een zitje te verschaffen. Ze hadden het over LA FILLE INCONNUE, de openingsfilm van het festival, die vanaf volgende week in de zalen draait.

Dé vraag op ieders lippen was waarom er bijna acht minuten werden weggeknipt bij de definitieve montage, na de wereldpremière op het Filmfestival van Cannes.

JEAN-PIERRE & LUC DARDENNE: Zeven en een halve minuut werden eruit geknipt. Normaal nemen we een vakantie tussen het opnemen en het monteren van een film, maar dat kon deze keer niet omdat de film klaar moest zijn om naar Cannes te sturen. Naderhand oordeelden we beiden dat bepaalde scènes iets compacter moesten om het ritme van de film en de innerlijke strijd van het hoofdpersonage Jenny (de dokteres) beter tot hun recht te laten komen.

Waarom opnieuw een steractrice in de hoofdrol?

J. en L. DARDENNE: We proberen telkens iets nieuws in onze films te verwerken en deze keer was dat een bekende actrice (Adèle Haenel). Waarom een actrice is moeilijk te beantwoorden. We namen een vrouw omdat die korter bij de hedendaagse realiteit staat. Elk werk van ons is verschillend, ondanks het sociale thema, en elke acteur of actrice heeft zijn of haar eigen manieren, die specifiek zijn voor de rol. Het belangrijkste daarbuiten is dat het moet klikken.

Nooit zin in een komedie ?

J. en L. DARDENNE: Het is gewoon ons ding niet. We doen wat we doen en dat is het gewoon.

Ken Loach verwerkt wel zowel sociale thema’s als humor in zijn films ...

J. en L. DARDENNE:  Het grote verschil tussen Ken Loach en ons is voetbal. Trouwens, afgezien van het resultaat was het slot van de laatste match van Standaard een knap staaltje voetbal.

Waarom hebben jullie Namen gekozen om de film in Belgische première te laten gaan?

J. en L. DARDENNE: Dat werd besloten samen met de distributeur. We gaan ook naar andere festivals met deze film. Nederland en Zwitserland volgen binnenkort. Soms trekken we zelfs naar filmfestivals die we nauwelijks kennen van naam. Namur kennen we wel, en het festival is van belang niet alleen voor Wallonië maar voor heel België.

Passeerden ook de revue tijdens de eerste dagen: LAYLA M. van Mijke de Jong en LE CIEL ATTENDRA van Marie-Castille Mention-Schaar, twee films die veel verwantschap vertonen. Beide gaan over naïeve meisjes die zich laten ompraten door een Jihadistische extremist. Het dragen van de hijab en vervolgens een chador, het verplichte gebed vijfmaal per dag, het voorgewende huwelijk en tot slot de bereidheid om te sterven (als kanonnenvlees) voor de goede zaak. De films zijn een must voor schoolvoorstellingen, alleen al omwille van de actuele inhoud.

Voor de scholen werd BOIS D'ÉBÈNE vertoond, de nieuwe van de Senegalees Moussa Touré, die bekend werd met TGV (1998) en het vluchtelingendrama La pirogue (2012). BOIS D’ÉBÈNE werd een mix van documentaire en fictie en vertelt het verhaal van twee Afrikaanse gevangenen. Ze worden verscheept naar de Franse Antillen en daar verkocht om op de plantages te werken. Wat opvalt is hun fierheid. De heersende filosofie blijft: Ik mag dan wel een slaaf zijn, doch ik verdien evenveel respect als mijn baas, daar we allen mensen zijn. Een mooie gedachte en een waardevolle prent die zeker een Nederlandse ondertiteling verdient.

Foto: Jean-Pierre (links) en Luc Dardenne. Bron: fiff.be

Geschreven door ZENO CORNELIS
 
onomatopee