Lav Diaz wint Gouden Luipaard op Filmfestival van Locarno

De Gouden Luipaard voor beste film én de FIPRESCI-prijs van de internationale filmkritiek waren voor het 338 minuten durende en in zwart-wit opgenomen MULA SA KUNG ANO ANG NOON / FROM WHAT IS BEFORE (foto) van de gerenommeerde Filipijnse filmregisseur Lav Diaz. Het ‘verhaal’ is gesitueerd begin jaren 70, tijdens de dictatuur van Marcos, en vertelt over geheimzinnige gebeurtenissen in een kleine barrio in een verre uithoek van het land. Gekerm klinkt vanuit een woud, een man verliest veel bloed, koeien sterven en huizen staan in brand … We maken kennis met gewone mensen, hun vreugde, hun problemen en angst voor de gewelddadige wereld die ze niet begrijpen. We zien hoe een menselijk individu en een samenleving reageert op extreme en mysterieuze sociale en fysieke veranderingen.

Deze radicale, compromisloze aanpak waar Diaz om bekend is (slow-cinema, niet de personages bepalen het verloop van het verhaal) zorgt voor een bevreemdende visuele en intellectuele ervaring, waarbij je als kijker wordt meegesleurd in iets ondefinieerbaars. Het ‘Festival del Film Locarno’ profileert zich dus als hét platform voor eigenzinnige auteurscinema. Artistiek directeur Carlo Chatrian bleef in de 67ste editie, de tweede onder zijn leiding, de uitgetekende beleidslijn meer dan trouw.

De competitie – dit jaar 17 films, van documentaire tot epos, van tragikomedie tot drama, van verfilmd theater via coming-of-age tot satire – wordt traditioneel gekenmerkt door films die proberen de grenzen van het medium af te tasten en de door de filmindustrie gezette standaards te doorbreken. Vaak betreft het films die in hun filmische aanpak (beeldregie, verhaal, acteren) experimenteel, traag en statisch te werk gaan. Jammer genoeg waren er dit jaar enkele films die wat al te radicaal qua aanpak waren en daardoor pretentieus overkwamen. Al bij al was 2014 geen grand cru. Een drietal films stak er bovenuit: winnaar FROM WHAT IS BEFORE, het Russische DOERAK / THE FOOL en het Zuid-Koreaanse GYEONGJU, in de palmares jammer genoeg over het hoofd gezien.
De ‘Premio speciale della giuria’ was voor het Amerikaanse LISTEN UP PHILIP van Alex Ross Perry, een tragikomedie over een narcistische schrijver die weigert zijn nieuwe boek te promoten en zich bij zijn idool gaat herbronnen. Met Jason Schwartzman als de tegelijk grappige en weinig sympathieke antiheld. Leuke, onderhoudende praatfilm, met de stempel van Woody Allen.

In het donkere DOERAK / THE FOOL – goed voor de prijs van de Oecumenische Jury – gaat Joeri Bykov frontaal in de aanval tegen de tot in de laagste echelons van het Russische bestuursapparaat wijd en zijd verspreide corruptie en bureaucratische rompslomp. Bykov volgt een intense nacht lang een idealistische loodgieter die de autoriteiten wil inlichten over een naderende catastrofe en schetst zo een maatschappij die alsmaar meer degradeert door de toenemende kloof tussen rijk en arm. Artem Bystrov werd terecht bekroond als beste acteur. Beste actrice werd Ariane Labed voor haar vertolking in FIDELIO, L’ODYSÉE D’ALICE (Lucie Borleteau) van Alice, die als mecanicien gaat werken op een vrachtschip. Een verhaal over een vrouw in een mannenwereld, een verdrongen passie en een mysterieus dagboek.

In het melancholische, poëtische en met milde humor doordrenkte GYEONGJU vertelt Zhang Lu het verhaal van een in China levende jonge Koreaanse prof die, naar aanleiding van de dood van een vriend, op zoek gaat naar een erotische tekening die hij zeven jaar geleden in een theehuis heeft gezien. Het begin van een etmaal nieuwe ontmoetingen, één confrontatie met het verleden en met zichzelf. Een eenvoudig, in prachtige shots en in een rustig voortkabbelend tempo verteld verhaal over gewone, herkenbare mensen die leven tussen twee culturen, tussen heden en verleden, leven en dood, liefde en verliefdheid.

Beste cineast werd Pedro Costa voor het duistere en hermetische CAVALO DINHEIRO, over mensen die op zoek gaan naar de verdwaalde Ventura, terwijl in de straten de wind van de revolutie waait. Het resultaat is een afdaling in de door het verleden getroebleerde psyche van een man op de dool. De plekken waar hij ronddwaalt blijken een compilatie van plaatsen uit zijn verleden. Door sommige critici bestempeld als post-narratieve cinema.

Beste debuutfilm ten slotte werd SONGS FROM THE NORTH. Zonder vaste structuur mixt Soon-mi Yoo illegale, door haar zelf (bij enkele bezoekjes aan haar ouders in Noord-Korea) gedraaide beelden van het dagelijkse leven met televisiebeelden en onderbreekt die af en toe voor een interview met haar vader. De focus op de populaire cultuur – films, patriottische songs, toneel, karaoke … – zorgt voor een interessant ‘essay’ waarin de cineaste op zoek gaat naar de oorsprong van en de psychologie achter de alomtegenwoordigheid van Grote Leider Kim.

De ‘Prix du public UBS’ ging naar het Zwitserse SCHWEIZER HELDEN van Peter Luisi, een lichtjes op ware feiten gebaseerd verhaal over een gescheiden vrouw die samen met asielzoekers ‘Wilhelm Tell’ van Friedrich Schiller op de planken wil brengen. Onderhoudend en grappig, maar bij momenten toch ook wel pijnlijk, met het actuele debat en volksreferendum over de vreemdelingenstop in Zwitserland.

De ‘Variety Piazza Grande Award’, uitgereikt door het Amerikaanse blad Variety met het oog op een Amerikaanse release, ging naar het Franse MARIE HEURTIN van Jean-Piere Améris, het ook al op ware feiten (uit 1895) gebaseerde verhaal van de jonge doofstomme en blinde Marie die door de onverdroten inzet en opoffering van zuster Marguerite uit haar isolement wordt gehaald.

De 68ste editie van het Festival del film Locarno vindt volgend jaar plaats van 5 tot 15 augustus 2015.

Info op www.pardo.ch.

Geschreven door ERWIN LORMANS
 
onomatopee