Offscreen: exploitation in alle variaties

Niet alleen het BIFFF heeft het recht om aan te tonen dat er leven zit in de doden, zo moeten ze bij Offscreen hebben gedacht. En dus duikt het Brusselse festival voor de cultfilm het graf in voor een programma rond de dood in cinema. Worden ook opgevist: films die terecht begraven liggen in videobakken en cultclassics die wel nooit het loodje zullen leggen.

Van 13 tot 31 maart trekt het Offscreen Film Festival weer een blik cultfilms open op diverse locaties in Brussel. Gewoontegetrouw gaat het festival van start met een nieuwe bioscooprelease met een cultrandje, dit jaar het hitsige ruimte-avontuur HIGH LIFE van Claire Denis, aan wie binnenkort in CINEMATEK een retrospectieve is gewijd. In haar eerste Engelstalige film voert de Franse cineast Robert Pattinson op als een jonge vader en moreel ankerpunt in een ruimtevaartuig – een metalen kist – vol gedetineerden die boetedoen omwille van hun aardse misdaden. Onder hen ook een dokter (Juliette Binoche) die van vruchtbaarheidsexperimenten haar levensmissie heeft gemaakt.

De heel eigen identiteit vindt Offscreen echter in de programma’s rond zijn centrale gasten. Tijdens de twaalfde editie van het festival zijn dat de Amerikaanse sexploitationfilmer Roberta Findlay (°1948) en de Duitse provocateur Jörg Buttgereit (°1963). Die laatste is vooral bekend om zijn debuut NECROMANTIK uit 1987, een necrofiele schandaalfilm die de kern vormt van een selectie rond (onze fascinatie voor) dood en geweld, geïnspireerd door het boek Killing for Culture: From Edison to ISIS: a New History of Death on Film (David Kerekes & David Slater, 2016). Naast films van Buttgereit staat een diverse keuze van Michael Powells PEEPING TOM (1960) over Michael Hanekes BENNY’S VIDEO (1992) tot Ruggero Deodato’s CANNIBAL HOLOCAUST (1980) en enkele shockumentaries.

Uit de nieuwe lichting films met cultpotentieel is het uitkijken naar de giallo-ode IN FABRIC van Peter Strickland, die eerder stilistisch fascineerde met Berberian Sound Studio en The Duke of Burgundy. In KILLING voert Shinya Tsukamoto een Japanse samoerai op die weigert te doden, maar toch gedwongen wordt om zijn zwaard te hanteren. Japanner Tsukamoto heeft de pelliculepunk van zijn Tetsuo-films ingeruild voor gevechtsballetten in een doorregend bos, terwijl cyberfuturisme plaatsmaakt voor een historische setting in de 19de eeuw. De fascinatie voor wat dood en geweld met onze psyche doen, blijft evenwel overeind en sluit naadloos aan bij het ‘Killing for Culture’-thema van deze Offscreeneditie.

Een programma rond vroege videogames vertoont knullige films als SUPER MARIO BROS. (Annabel Jankel & Rocky Morton, 1993) naast parels van David Cronenberg (EXISTENZ, 1999) en Mamoru Oshii (AVALON, 2001). Een conferentie in samenwerking met de universiteiten van Northumbria en Antwerpen legt de band tussen film en videogames onder de loep. Zo belooft Offscreen opnieuw een smörgåsbord van wansmaak, reflectie en heerlijke pulp.

Meer informatie vind je op de website van Offscreen.

Beeld: Killing

Geschreven door BJORN GABRIELS
 
onomatopee