Peliculatina 2018: roeien met korte riemen

Van 20 tot 25 november vindt in Brussel de zevende editie plaats van Peliculatina, het festival van de Latijns-Amerikaanse en Iberische film. Op diverse plekken in de hoofdstad krijg je een staalkaart te zien van recent filmisch moois uit een reeks landen die stuk voor stuk gemeen hebben dat ze ooit tot de Spaanse of Portugese kroon behoorden. Dit jaar staat een en ander in het teken van de veerkracht van de Latijns-Amerikaanse volken.

De Latijns-Amerikaanse cinema zit wereldwijd in de lift, dankzij het succes (al dan niet in Hollywood) van figuren als Guillermo del Toro, Pablo Larraín, Walter Salles, Alfonso Cuarón en Alejandro González Iñárritu. Ondanks alles blijft het aandeel van films uit het continent in de Belgische bioscopen relatief beperkt. Initiatieven als Peliculatina zijn dus broodnodig, ook al is de budgettaire armslag beperkt en blijven de diverse Belgische overheden het festival bejegenen als een niche-evenement. De grote uitdaging is inderdaad het aanspreken van Belgische filmliefhebbers, voorbij de latinogemeenschap van migranten en expats.

De organisatoren kijken alvast over het muurtje en trachten strategisch samen te werken. Bij wijze van opening naar een Nederlandstalig (studenten)publiek vindt dit jaar opnieuw een vertoning plaats in Cinema RITCS. Het gros van de films is te zien in de bioscoop Vendôme in Elsene, al vinden er ook voorstellingen plaats in Galeries Cinéma en Flagey. Nieuw is dat er voor het eerst een vertoning buiten Brussel wordt georganiseerd. In samenwerking met Cinema ZED en de plaatselijke universiteit wordt in Leuven de Chileense film Cabros de mierda (Gonzalo Justiniano) vertoond, met aansluitend een debat over interculturaliteit, gender en geweld.

Het programma is evenwichtig verdeeld over diverse landen, van Bolivia en Brazilië over Colombia en Cuba tot Portugal en Spanje. Openingsfilm is de Paraguayaanse productie Las herederas (Marcelo Martinessi), in Berlijn goed voor twee Zilveren Beren en de Fipresci-prijs. De film handelt over een vrouw van middelbare leeftijd die uit economische noodzaak een taxidienst opzet en en passant de liefde ontdekt.

Andere interessante films zijn de Argentijnse politieke thriller Rojo (meervoudig prijswinnaar in San Sebastián en in voorjaar 2019 in de Belgische zalen te zien), het Mexicaanse historische drama Zama van Lucrecia ‘La ciénaga’ Martel en de documentaire Yo no me llamo Rubén Blades (over de Panamese salsamusicus, mensenrechtenactivist en occasionele acteur).

Het festival wordt afgesloten met La noche de 12 años van Álvaro Brechner, over drie leden van de Tupamaros (een stadguerrilla ten tijde van het autoritaire bewind in Uruguay in de jaren 1960 en 70) die twaalf jaar in eenzame opsluiting doorbrachten. De alomtegenwoordige Spaanse acteur Antonio de la Torre (Que Dios nos perdone, Tarde para la ira, The Night Manager, La isla mínima) geeft gestalte aan guerrillalid José Mujica, die het later zelfs tot president van zijn land zou schoppen.

Meer informatie: www.peliculatina.be (Franstalig, vertoningen wel tweetalig ondertiteld) 

Geschreven door GORIK DE HENAU