Poelvoorde & Mariage over Les rayures du zèbre

Na films zoals LES CONVOYEURS ATTENDENT (1999), LE SIGNALEUR (1997, kortfilm) en COW-BOY (2007) is LES RAYURES DU ZÈBRE (2014, foto) de vierde film die de Waalse acteur Benoît Poelvoorde maakte in een regie van zijn stadsgenoot, vriend en scenarist Benoît Mariage. In een van de andere hoofdrollen is ook de Vlaamse acteur Tom Audenaert te zien.

Benoît Poelvoorde speelt in deze ‘komische’ film de rol van José, een Belgische talentscout, die in Afrika (Ivoorkust) jong voetbaltalent gaat opsporen om dan naar België over te brengen en hier aan een voetbalclub te verpatsen. “De idee achter LES RAYURES DU ZÈBRE was om via het voetbal de complexe en paradoxale banden en verbanden tussen Afrika en Europa, en het moeilijke samenleven tussen de twee aan het licht te brengen,” vertelt filmregisseur Benoît Mariage. En dat klopt: ook al lijkt het voetbal een hoofdrol op zich, het is in deze film slechts een middel, niet meer dan een achtergrond, om een boodschap over te brengen. “In al mijn films probeer ik iets over het echte leven te vertellen, iets over de menselijke ziel, en ik ben vertrokken van observaties en reacties vanuit het hart. In de film zijn heel wat anekdotes verwerkt die anderen me hebben verteld, op dat vlak is er niets overdreven en worden in de film evenmin karikaturen opgevoerd. Ik heb me dus door de realiteit laten leiden. In mijn vorige films was die balans misschien minder present.”

“Het onderwerp is ook heel geschikt om er iets tastbaars, iets reëels van te maken,” vervolgt hij. “Men ziet die jonge spelers die de school verlaten om te gaan voetballen en wanneer hun ouders er achter staan opdat hun kinderen iets zouden kunnen bereiken, dan kun je daar geen echte komedie van maken. Het mag wel entertainment blijven, al mag je de ware toedracht en de echte bedoelingen die àchter het verhaal schuilgaan, niet uit het oog verliezen.” Zijn voorliefde voor de Italiaanse komedie is daar niet vreemd aan; ook daar worden het komische, de ironie en de tragiek vaak met elkaar gemixt in een film die met een sociale satire als verpakking. Vandaar ook allicht zijn visie om ernstige dingen op een ietwat luchtige manier te vertellen.

Een komedie kun je LES RAYURES DU ZÈBRE dus niet echt noemen; ofschoon er komische situaties in voorkomen, er zit veel al dan niet onderliggende dramatiek in verweven en er wordt tachtig minuten lang voorzichtig gebalanceerd tussen drama, tragedie en tussendoor ook een aantal uitgesproken komische toevalligheden. Het katapulteren van een explosief acteur zoals Benoît Poelvoorde naar hartje Afrika was dan weer een andere uitdaging, ofschoon Mariage zich hier op bekend terrein bevindt; hij kent Poelvoorde als geen ander. Zegt hij: “Benoît en ik, we praten veel over wat ons interesseert. We zijn zeer verschillend, zelfs tegenpolen, maar wat ons bindt zijn de kleine dingen waar we het voortdurend over hebben, een kleine kwetsuur of zo, zelfs zonder iets te moeten zeggen begrijpt hij wat ik bedoel. We zijn als twee werelden. Anderzijds zijn we allebei Belg, we wonen dicht bij elkaar, hij kent deze streek beter dan wie ook, hij heeft in Brussel gewerkt, hij kent het dialect van hier, kortom er zijn zoveel kleine dingen die hij in een Franse film niet kan brengen.”

“Wat het scenario betreft, ik schrijf heel graag, liever dan regisseren zelfs. Ik was erg geïnteresseerd in het onderwerp en ben zoals een journalist te werk gegaan. Ik ben vaak op pad geweest met een agent de joueur en vanuit die werkelijkheid is de film ontstaan. Zo konden we de acteurs ook in deze natuurlijke omgeving plaatsen, niet in overdreven komische of tragische situaties. Wanneer ik aan een scenario werk, dan bespreek ik het ook vaak met anderen. Je hebt die pitching ball nodig, die sparring partner. Ook Godard, Buñuel en Fellini werkten nooit alleen bij het schrijven van hun scenario’s. Aan het scenario heb ik pakweg tien maanden gewerkt , wel is de uiteindelijke versie iets korter dan de oorspronkelijke. In duurtijd ongeveer een half uur, schat ik.”

Over hun samenwerking stelt Poelvoorde: “Benoît Mariage en ik, we zijn totaal verschillend, maar als acteur maak ik deel uit van zijn denkwereld, zijn ideeën, zijn visie op wat er gebeurt, zijn kijk op de wereld. Ik ben niet vriendelijk, ik ben niet sympathiek, ik ben totaal anders dan hij. We kennen elkaar al meer dan twintig jaar, we wonen overigens op een boogscheut van elkaar.” Over zijn personage wil hij kwijt: “Wat mij in José aansprak, is zijn complexiteit. De kracht van cinema is dat de tijdspanne van een heel verhaal in anderhalf uur wordt samengeperst ; wat ik geniaal vind aan het scenario van Mariage, is dat hij ervoor zorgt dat het personage complexer wordt naarmate de film vordert.”

Het gesprek met Benoît Poelvoorde verloopt in een hartelijke sfeer, aangezien de man openhartig, joviaal en loyaal is, tevens laat hij zich opmerken vanwege zijn gekende, spontane uitgelatenheid typerend voor sommige van zijn meest bekende rollen in nogal wat Franse films. Dààr is hij immers een echte ster, hoofdzakelijk bekend als komiek, ofschoon hij eveneens als veelzijdige duizendpoot uitblinkt in het serieuze werk, zoals in het legendarische PODIUM (2004) als imitator van de Franse zanger Claude François, of in Anne Fontaine’s COCO AVANT CHANEL (2008) aan de zijde van Audrey Tautou als de invloedrijke Franse modeontwerpster Gabrielle ‘Coco’ Chanel. Hier in Vlaanderen is de aanhang van de uit Namen afkomstige acteur veel beperkter (hij woont er ook nog altijd). Films zoals C’EST ARRIVÉ PRÈS DE CHEZ VOUS (1992, filmdebuut), waarmee hij zich onmiddellijk op de kaart zette dankzij een selectie voor het Filmfestival van Cannes, en LE VÉLO DE GHISLAIN LAMBERT (2001) hebben hem in Frankrijk tot een ster verheven. Met tientallen miljoenen verkochte bioscooptickets in de Frankrijk, en hoofdrolspeler in tal van kaskrakers, waaronder Danny Boons RIEN À DÉCLARER (na LES INTOUCHABLES in 2011 het tweede grootste succes in Frankrijk met ruim 8 miljoen bezoekers), hebben de Fransen hem jaren geleden al verwelkomd en aan de borst gedrukt. Het is bijna uitzonderlijk dat hij nu opnieuw in een Belgische film te zien is: “De Fransen draaien hier geregeld films, ze komen allemaal naar hier want we hebben de tax shelter, en de Belgische filmploegen hebben het hard nodig. In Wallonië worden gemiddeld 10 films per jaar gemaakt, in Frankrijk zijn het er 200 à 210. In België is er geen geld voor films, er wordt veel getwijfeld over het maken van een film; ze zijn klein en de weinige films die hier worden gemaakt, zijn 'sympa', voorzichtig en bescheiden. Walen gaan niet naar een Waalse films zien, ze trekken er zich niets van aan. Een Waal die een film in Wallonië uitbrengt, zal meer succes hebben door hem in Frankrijk uit te brengen. Kijk hoe nederig we hier zijn, we weten niet eens waar de rode loper ligt. We hebben onze fouten en onze kwaliteiten. We hebben enkele films en enkele acteurs die bekend zijn. Doordat er hier weinig films worden gemaakt, zie je ook dezelfde acteurs vaak terug, terwijl er duizend anderen zijn die meer getalenteerd zijn dan ik. Ik heb niet vaak in België gewerkt, maar Benoît Mariage engageerde zich om hier te werken. De Belgen zetten me niet vaak aan het werk, ik ben te 'vrank'. Soms krijg hier ik de idiootste dingen aangeboden door mensen die me alleen omwille van mijn naam willen gebruiken.”

Hoe hij dan zijn rollen kiest, formuleert hij als volgt: “Dat is afhankelijk van mijn stemming, gelukkig of ongelukkig, maar ik ben wel trouw en nieuwsgierig; die nieuwsgierigheid is vaak de basis om een rol te accepteren. Die vraag is me overigens al vaak gesteld, en ik antwoord dan ook dikwijls dat ik mijn rollen kies uit vriendschap, maar dat is niet waar. Ik doe het ook voor het geld, en het is ook afhankelijk van het ogenblik wanneer me een rol wordt aangeboden.”

Hoe het werk er op de set aan toeging, zegt Mariage: “Op de set heb ik totale autonomie, ik overleg wel met m’n producenten, maar mijn producent remt mij niet af, hij is mijn partner. Eén van mijn twee producenten was mijn assistent in m’n vorige films, dus ik ken hem heel goed. Al brengt die vrijheid natuurlijk ook een grotere verantwoordelijkheid met zich mee. Wanneer ik schrijf, leef ik als een monnik bijna. Ben ik regisseur, dan ben ik de leidinggevende figuur van een onderneming zowaar. Schrijven ligt me beter, het maakt meer deel uit van me, maar heb je de leiding over een film, dat is veel moeilijker en daarom moet je je laten omringen door zeer getalenteerde mensen. Improviseren is een talent eigen aan Benoît [Poelvoorde]; hij is daar zeer sterk in. Het gebeurt dat hij iets uit de mouw schudt dat beter is dan wat ik had geschreven, dan is de keuze vlug gemaakt, hé: dan ga je voor zijn idee. Dat was ook het geval voor de Afrikaanse acteurs; was er iets dat ze liever op hun manier zegden, dan was dat gewoon de beste optie. En aangezien je digitaal opneemt, kun je gemakkelijk en vlot verscheidene takes maken. Bij de montage zien we dan welke de beste is en die gebruiken we.”

En hoe werkt Poelvoorde met zijn regisseur? “Ik moet voldoende, een blind vertrouwen hebben, en ik moet ook gerustgesteld worden. Ik heb veel karakter, maar als jij 'sterker' bent dan ik, dan moet ik daarvan bevestiging krijgen. Ik moet voelen aan de regisseur wat hij wil doen. Na één week kan ik zeggen of hij ballen heeft of niet. Als hij ze heeft, dan volg ik. Als schilder werk je alleen, maar niet als regisseur; hij werkt met een ploeg van 70 tot 200 mensen, hij draagt een grote verantwoordelijk.”

En als bekend, veelgevraagd acteur in de Franstalige film, welke verantwoordelijkheden brengt dat met zich mee? Poelvoorde: “Mijn enige verantwoordelijkheid is mezelf niet te verraden voor het publiek. Ik moet eerlijk zijn. Ik kan niet alles doen, maar ik ben verantwoordelijk voor wat ik zelf doe, en ik doe wat ik kan. Indien het niet goed is, dan moet ik dat zelf ook kunnen toegeven.”

Als acteur is Benoît Poelvoorde voortdurend aan de slag; daarvan getuige zijn uitgebreide filmografie. Mariage daarentegen staat met slechts enkele films op z’n palmares weinig achter de camera. Maar daar heeft hij zijn redenen voor: “Drie jaar geleden ben ik met het oog op deze film voor het eerst naar Ivoorkust geweest, vandaag is het project helemaal afgerond. Voorlopig heb ik geen plannen voor een volgende film, ik ben toe aan wat rust. Ik krijg wel scenario’s aangeboden om te regisseren, maar ik ga daar niet op in, zelfs al is het een goed scenario. Ik werk liefst bepaalde ideeën zelf uit, ik ga nooit een scenario schrijven, gebaseerd op een boek. Mijn grootste voldoening is om zelf te schrijven. Er zijn altijd lange periodes tussen mijn films, ik geniet ook graag van het leven en ben niet echt geobsedeerd door de cinema.”

Bovendien geeft hij ook les aan het Institut des Arts de Diffusion (IAD) in Louvain-la-Neuve: “Ik geef er les, met de klemtoon op het schrijven en het verfilmen van een scenario. Er zijn bijvoorbeeld tien studenten en ze werken per twee. Elk duo kiest dan zelf een Waalse stad uit en krijgt de opdracht om daar te filmen. Zo krijgen we tien films in vijf verschillende steden, want binnenin elk duo filmt elke student zijn eigen film. Eerst wordt er anderhalve maand aan de scenario’s gewerkt. Dat is lang en ook vermoeiend, met het schrijven en het voortdurend herschrijven. Als dat klaar is, dan kunnen ze aan de slag om vier dagen lang te filmen in hun stad van keuze. Nadien wordt elke film per stad gemonteerd en zetten we de vijf uiteindelijke films na elkaar en zo krijgen we een speelfilm. Die wordt dan vertoond in de verschillende steden waar de opnames plaatsvonden. Elk jaar doen we dat zo. Heel boeiend en heel leerrijk. Ik ben 52 jaar, heb een kind van 12, terwijl de studenten komen uit de generatie die er net tussenligt. Ik help hen bij de opnames, en wanneer je hen aan het werk ziet, hun invalshoeken, interesses, passies, de manier waarop ze alles in beeld willen brengen, we praten daar heel veel over. Het is verrijkend voor jezelf.”

LES RAYURES DU ZÈBRE wordt op woensdag 5 februari tegelijkertijd uitgebracht in België, Frankrijk en Zwitserland, heeft een uitgebreide release in Frankrijk en start tijdens de openingsweek in 150 à 200 zalen. Dat land is voor de film op economisch vlak dan ook een aartsbelangrijk territorium. De aanwezigheid van Benoît Poelvoorde, zopas bekroond als beste acteur met een Magritte du Cinéma (de Waalse tegenhanger van Vlaamse filmprijzen, a.k.a. de Ensors) voor zijn hoofdrol in UNE PLACE SUR LA TERRE, is daarvoor méér dan een duwtje in de rug.

Interviews Benoît Mariage & Benoît Poelvoorde
Brussel, 14 januari 2014

Geschreven door LEO VERSWIJVER
 
onomatopee