Rotterdam, een nieuw elan?

Wat nog te onthouden van het 45ste Filmfestival Rotterdam (IFFR), in feite de eerste echte editie onder het artistieke leiderschap van Bero Beyer? Dat het peil van de acht Tiger-competitiefilms in elk geval opnieuw naar een enigszins aanvaardbaar niveau is opgekrikt.

Een van de verrassingen in de Tigercompetitie, tot nader order het vlaggenschip van het festival, was THE BURGLAR van de Israëlische Hagar Ben Asher, een wel heel persoonlijk en intrigerend diepdonker coming-of ageverhaal. Wanneer er is ingebroken in de flat die zij met haar moeder deelt neemt Yaeli, een jonge vrouw van twintig, een wel zeer radicaal besluit, ook al omdat haar telefoontjes naar haar moeder steevast onbeantwoord blijven. Ze gaat haar innerlijke gevoelens, die ze tot dan toe als een soort zelfverdediging verborg, projecteren zowel op een aantrekkelijke Duitse geoloog als op een cheeta uit de plaatselijke zoo waarmee ze een bepaald intieme relatie lijkt te onderhouden. Minstens even fascinerend en eveneens te zien als een coming-of-ageverhaal is LIGHT THEREAFTER, door zijn Bulgaarse maker Konstantin Bojanov van achteren naar voren verteld, zodat de 16-jarige hypergevoelige Pavel, met een map vol schetsen onder de arm, eindelijk de door hem zo geadoreerde oude schilder Arnaud thuis treft. Zo begint/eindigt de film, een lange odyssee van de gedesoriënteerde jongen die intussen man(s) wordt en zijn schildersdroom blijft najagen.

Had de even amusante als nostalgische slotfilm 20TH CENTURY WOMEN van Mike Mills het over de 20ste eeuw, knap gesymboliseerd in enkele generaties in het algemeen en de eigenzinnige alleenstaande moeder (Annette Bening) en haar in 1975 geboren recalcitrante zoon in het bijzonder, dan portretteerde HEIS (CHRONIQUES) van en met de talentrijke Française Anaïs Volpe op een bijzonder kleurrijke manier jongeren die met beide voeten in de 21se eeuw staan, de zogenaamde millenniumgeneratie. Dat levert een boeiend en eigentijds tijdsdocument op, ook al omdat aan deze film een tentoonstelling was verbonden. HEIS staat voor jonge dynamische (Franse) cinema die zijn voelsprieten naar alle kanten uitsteekt.

Het in Turnhout en Brugge gesettelde wereldfilmfestival MOOOV – ook als filmdistributeur in Nederland actief – lichtte een tipje van de sluier qua programmatie van de editie 2017 aan de hand van een klavertjevier wereldfilms die in Rotterdam te zien waren: het Nepalese WHITE SUN van Deepak Rauniyar (allicht de openingsfilm van MOOOV), het autobiografische WOLF AND SHEEP van de Afghaanse cineaste Shahrbanoo Sadat, het Taiwanese THE WAY TO MANDERLAY van Midi Z en als uitschieter het wondermooie KNIFE IN THE CLEAR WATER van de jonge Chinese filmmaker Wang Xuebo, die eerder over hetzelfde gegeven al een korte film had gemaakt. Wang verfilmde in een onherbergzame regio van China, de provincie Ningxia, een aloud gebruik bij de Hui, Chinese moslims. Na het overlijden van zijn echtgenote moet het hoofdpersonage volgens een aloud moslimgebruik een rouwperiode van 40 dagen in acht nemen, bovendien wordt hem aangeraden om zijn oude stier te slachten waarvan hij maar moeilijk afscheid kan nemen. De sfeer van leven en dood, maar vooral van zien te overleven, zit in bijna elk fotografisch rijk beeld verscholen.

Was de tweede verrassingsfilm SILENCE van Martin Scorsese geen echte verrassing te noemen, de eerste, namelijk VERDWIJNEN van Boudewijn Kauwboy Koole, was dat wél. Roos, een jonge vrouw (een puike Rifka Lodeizen) keert in een winters sneeuwlandschap terug naar de buiten, waar haar moeder met haar puberzoon woont. Duidelijk met de bedoeling om hun vastgevroren relatie te normaliseren dan wel te laten ontdooien, want er is wel degelijk wat aan de hand … Dat dat niet zomaar zal lukken staat van meet af aan vast. Door de jaren heen is hun relatie alleen maar verslechterd en ook met haar halfbroertje – de jongen heeft meer oog voor zijn bezigheid, hij maakt jacht op heel speciale geluiden – is er amper contact. Koole filmt bedachtzaam, observeert scherp en laat meer dan de woorden de beelden spreken.

Beeld: KNIFE IN THE CLEAR WATER

Geschreven door FREDDY SARTOR