Streamen buiten de mainstream: Bruce Baillie

Op 10 april overleed een van de invloedrijkste experimentele filmmakers uit Amerika. Terwijl zijn aversie voor corporate culture nooit zijn romantische drang naar liefde en leven overwon, bleken Baillies laatste jaren een strijd om financiële middelen om zelfs nog maar te voorzien in zijn basisbehoeften. Als afscheid bieden we een ode aan een leven vol leven.

“Zijn films bekijken noem ik ‘religieus’, omdat ze zo diepgaand zijn. Het is alsof je het mirakel van de natuur aanschouwt”, vertelde Apichatpong Weerasethakul ons enkele jaren geleden over het werk van experimenteel filmmaker Bruce Baillie, dat hij leerde kennen tijdens zijn studie in de VS. “Hij weet het licht en de kleuren op zo’n organische manier te controleren. Later kwam ik erachter dat hij zijn films soms zelf ontwikkelt of dat hij het filmlab specifieke instructies bezorgt. Dat is zo bewonderenswaardig, zeker nu alles geautomatiseerd is.”

Baillie behoort tot de generatie filmmakers die in de jaren 60 vorm gaf aan hoe ‘experimentele cinema’ er tot op vandaag uitziet. Al vond Baillie, net als vele andere cineasten, de term ‘experimenteel’ niet gepast: “Is het echt ‘experimenteel’ om gewoonweg waarheid en schoonheid te creëren of te recreëren?” Terwijl generatiegenoot Michael Snow (°1928) mee de fundamenten legde voor de statische slow cinema, excelleerde Baillie in lyrische observaties van vaak zonovergoten landschappen, zoals in All My Life (1966), een van z’n bekendste werken. Aan die esthetiek, veel nagevolgd en overgenomen, hing ook een politiek-maatschappelijk denken gericht op gemeenschap: “Amerika is altijd een vitale en bijzonder boeiende multiculturele samenleving geweest. Naast de natuur is in dit land leven en werken een van mijn bronnen van inspiratie.”

De generatie van Baillie zorgde niet alleen voor de filmische bouwstenen, ze initieerde ook allerlei organisaties die de praktijk van productie, distributie en conservatie blijvend zouden ondersteunen. In de vroege jaren 60 ontstonden uit de tuinvertoningen bij hem thuis in Canyon, Californië, twee nog altijd actieve instituten voor onafhankelijke filmmakers: San Francisco Cinematheque en Canyon Cinema. De vroege projecties gebeurden vanuit Baillies keuken naar de tuin en symboliseren zo de persoonlijke insteek van zijn werk.

All My Life

To Parsifal (1963)

Deze ode aan de Percivallegende, op Richard Wagners muziek uit de opera Parsifal, beschouwt Baillie zelf als een van z’n beste films. Hij wilde er mee reflecteren op de held als basis voor zoveel van onze vertellingen.

De film is hier te bekijken.

Quixote (1964)

Ook Quixote, een van de langste werken van Baillie, haalt inspiratie uit een mythische held. De film is een montage van impressies uit een rondreis door de VS ten tijde van maatschappelijk protest. Bailllie vormt de tegenstellingen in zijn thuisland om naar een meesterlijke montage met de hem kenmerkende romantische allure.

De film is hier te bekijken.

Little Girl (1966)

In het driedelige Little Girl filmt Baillie de schoonheid die hij onderweg tegenkomt: bloesem, een wuivend meisje met haar hond en de dans van insecten en licht op het wateroppervlak.

De film is hier te bekijken.

All My Life (1966)

Een van Baillies bekendste werken bestaat uit één song, ‘All my life’ gezongen door Ella Fitzgerald, en één shot, van rode rozen en een felblauwe hemel.

De film is hier te bekijken.

Quick Billy (1971)

De energie die Baillie in zijn werk stopte, bracht hem zelden bij lange films. Als het dan toch gebeurde, bestonden die uit meerdere luiken, zoals bij het vierdelige Quick Billy. Volgens Bailly gaat die film over “de essentiële ervaring van transformatie, van leven en dood, van overlijden en geboorte, of hergeboorte”. De eerste drie, kleurrijke delen zijn een adaptatie van The Tibetan Book of the Dead, in het slotdeel presenteert Baillie een zwart-wit western.

De film is hier te bekijken.

Les Memoires d'un Ange (Remembering Life) – work in progress

Sinds 1988 werkte Baillie aan wat zijn laatste film moest worden, een autobiografisch werk met onder meer beelden over de Tweede Wereldoorlog. Het lyrische begin met de vogelwolk maakte hij op uitnodiging van de Viennale, als trailer voor hun festivaleditie in 1998.

De film is hier te bekijken.

Beeld: Little Girl

Geschreven door BJORN GABRIELS
 
onomatopee