Torino Filmfestival (3)

Met de aandacht die dit 33ste Torino Filmfestival besteedde aan de jongeren is het niet zo verwonderlijk dat het Belgisch-Zwitserse tienerzwangerschapsdrama KEEPER van Guillaume Senez de hoofdprijs kreeg. De scenarioprijs reikte de jury uit aan het Mexicaanse SOPLADORA DE HOJAS (Alejandro Iglesias). Mogelijk was een andere Mexicaanse productie, TE PROMETO ANARQUIA (foto, Julio Hernández Cordón) die ook jongeren als protagonisten heeft, een goede kandidaat voor prijzen, maar werd vertoond in een niet-competitieafdeling. De rode draad hier is een (homo-)liefdesgeschiedenis met hindernissen tussen twee jeugdvrienden, gepassioneerde skaters; de problemen zitten binnen de relatie, maar niet minder in het milieu, dat van de sociale ongelijkheid, van de armoede, waardoor medisch bijna ongecontroleerde bloedgevers bereid zijn hun bloed te verkopen, van illegaliteit, van een op de loer liggende criminaliteit onder de vorm van (bloed- maar mogelijk ook narco-)trafficanten die hele groepen kunnen laten verdwijnen. Zonder nadruk, maar efficiënt geënsceneerd.

De scenarioprijs werd gedeeld met het intimistische, deels autobiografische Chinese A SIMPLE GOODBYE (Degena Yun), waarin een jonge vrouw, uitgeweken naar Engeland, terugkeert naar het sterfbed van haar vader in Peking die op zijn beurt zijn wortels en zijn dromen evoceert, waardoor de emotieve afstand tussen de twee generaties opnieuw wordt overbrugd.
De juryprijs en die voor de beste actrice waren voor de Argentijnse (Braziliaans-Franse coproductie) LA PATOTA/PAULINA. Daarin zegt een eveneens jonge vrouw haar welgestelde en gemoedelijke leven in de grootstad op om in het binnenland een humanitair project te ondersteunen. De film neemt een ingetoomde thrillerwending wanneer Paulina daar gekidnapt wordt door een plaatselijke bende, maar verhoogt de situatie- en psychologische spanning als de vrouw, weer vrij, besluit verder te gaan met haar engagement, waardoor ze zich de vijandigheid van haar omgeving op de hals haalt.

De publieksprijs en de acteursprijs gingen naar het Franse COUP DE CHAUD (Raphaël Jacoulot) dat aan de Franse tv-serie LES REVENANTS deed denken door de plattelandsetting en de aanwezigheid van een belangrijk feuilletonpersonage. Maar geen fantasy, wel een vrij klassiek geënsceneerde noir in een landbouwdorp dat lijdt onder een hittegolf en waar kleine intriges, rivaliteit en wantrouwen tegenover een Romafamilie en de karaktergestoorde zoon tot dramatische gevolgen leiden. Hoewel de toeschouwer uiteindelijk inzicht krijgt in de complexe situatie, volstaat het voor de dorpsbewoners dat de moordenaar van de zigeunerzoon wordt ontdekt om het normale leven weer op te nemen.

De Fipresciprijs (van de internationale filmkritiek) was voor het Canadees-Franse LES LOUPS (Sophie Deraspe): een studente neemt een rustperiode op een eiland in het koude noorden van Canada aan het einde van het zeehondenjachtseizoen. Ze probeert aanvaard te worden door de gesloten gemeenschap die haar wantrouwt als milieuactiviste, maar die dan de veel sterkere banden van het meisje met hen ontdekt. Het ijs- en sneeuwlandschap staat evengoed voor de kille afstand tussen de protagonisten als voor het harde en ogenschijnlijk meedogenloze jagersbestaan. En de aanvankelijk ecologische invalshoek draait uit op een ontdekking van familieroots.

Vermeldenswaard is het Canadees-Bosnisch-Kroatische THE WAITING ROOM (Igor Drijaca), dat als onderwerp ook de ontworteling door de Balkanoorlog in de jaren 90 heeft en de nostalgie naar de eigen oorsprong. Het hoofdpersonage heeft een bescheiden baan gekregen en een nieuw gezin opgebouwd in Canada, maar droomt ervan zijn destijds succesrijke cabaretcarrière weer op te nemen en op tournee te kunnen gaan in Bosnië. De film snijdt tussen de bouwwerfarbeid, de proefopvoeringen en de opnamen van een fictiefilm over het Balkanconflict en de relatie tussen de vroegere en de huidige familie. De twijfels die oprijzen op cruciale momenten worden opgeroepen via lang aangehouden shots en stiltes.

Geschreven door MARCEL MEEUS
 
onomatopee