Venetië: Aronofsky’s kreet mother!

Elk festival heeft zijn controverse nodig. Op het Lido dit jaar beroert vooral ‘mother!’ van Darren Aronofsky de gemoederen.

Vooraf was er weinig geweten over Aronofsky’s nieuwste worp, maar dat lijkt nu te worden goedgemaakt met een eruptie van emotionele reacties. MOTHER! is de eerste en tot nu toe enige film die getrakteerd werd op boegeroep bij de vertoningen voor pers en industrie. Al klinken er achteraf evenveel loftuitingen.

Aronofsky toonde eerder al belangstelling voor de viscerale uitbeelding van waanzin en extreme emoties (door drugs en gebrek aan voedsel in Requiem for a Dream, door na-ijver en tomeloze ambitie in Black Swan en door religieuze verblinding in Noah). In MOTHER! neemt hij het perspectief van een jonge naamloze vrouw (‘Mother’) die het huis van haar echtgenoot (‘Him’), een schrijver met een writer’s block, wil opknappen tot een paradijs. Op een dag staat er een ongenode gast voor de deur, en wat volgt is een psychologische horrortrip waarover Jennifer Lawrence op de persconferentie in Venetië zei: “Ik toon een kant van mezelf die ik zelf nog niet kende. Ik heb nooit zoveel uit mezelf moeten halen.”

MOTHER! is gedurfd, bevreemdend, maar tegelijk ook overduidelijk. Het uitroepteken achter de titel is bijzonder toepasselijk. Zal een jury met aan het hoofd Annette Bening een prijs overhebben voor een film met een heerlijk vileine rol voor generatiegenoot Michelle Pfeiffer, die jarenlang nauwelijks aan acteren toekwam? De Gouden Leeuw ging enkele jaren geleden al naar Aronofsky’s The Wrestler, waarin fysieke en mentale tortuur vervat zat in een sociaal-realistisch drama.

Voor andere films die het publiek tijdens de vertoning zo schokken, moet we al in de nevencompetities kijken. Documentairemakers Véréna Paravel en Lucien Castaing-Taylor (Sweetgrass, Leviathan) hebben voor hun CANIBA nog radicaler dan Aronofsky in MOTHER! gekozen voor extreme close-ups op het gelaat van hun hoofdpersonage. Focust Aronofsky op het gezicht van Jennifer Lawrence, muze van de schrijver in MOTHER! en ondertussen Aronofsky’s partner, dan toont CANIBA vaak deels en out of focus het gelaat van Japanner Issei Sagawa, die in 1981 in Frankrijk werd veroordeeld voor moord (op een Nederlandse medestudente) en kannibalisme. Volgens filmmaker-antropoloog Paravel is CANIBA een “onderzoek naar religie en geweld”, en naar een “man die het masker van een monster draagt”. Verrassend genoeg – ook voor de kannibaal – blijkt zijn broer, die de ondertussen in vrijheid levende zieke zestiger verzorgt, al jarenlang genot te halen uit zelfpijniging en -verminking.

Een andere film die een bovengemiddeld aantal kijkers de zaal uitjoeg door zijn hoogst ongemakkelijke geweld, was de gevangenisthriller BRAWL IN CELL BLOCK 99 van S. Craig Zahler. De ellebogen in onnatuurlijke posities en tot pulp verwerkte gezichten daarin zijn het werk van een patriottische drugskoerier met een eigen moreel kompas (Vince Vaughn, die gewoonlijk opdraaft in duffe komedies) die zijn echtgenote en ongeboren kind tracht te redden. Met de blote handen knokt hij zich naar een ‘maximum security’-gevangenis, eentje met “minimum freedom”, zegt Don Johnson als gevangenisdirecteur.

Waar BRAWL IN CELL BLOCK 99 een wraaklustige geweldfantasie is en CANIBA niet-alledaagse fetisjen verkent, is MOTHER! gedurfde persoonlijke cinema, een worsteling met demonen, een uitbeelding van het creatieve proces (volgens Aronofsky op enkele dagen tijd geschreven in een gulp van inspiratie), en de nefaste gevolgen wanneer bezitsdrang ons verslindt.

mother! is vanaf volgende week te zien in de Belgische zalen.

Beeld: mother!

Geschreven door BJORN GABRIELS