Adieu Paolo Villaggio (1932-2017)

Weiningen in onze contreien zal de Italiaanse acteur Paolo Villaggio († 3 juli 2017) iets zeggen. Hij verscheen in 'La voce della luna' (Federico Fellini, 1989) of 'Il segreto del bosco vecchio' (Ermanno Olmi, 1993), de enkele titels die in onze bioscopen zijn verschenen. In eigen land was de man als komiek daarentegen een mythe, met een Wikipediapagina bijna even lang als die van zeg maar Fellini. Wijst dat op een breuk tussen nationale populariteit en internationale erkenning?

Met de jaren zijn de exportmogelijkheden van een filmpersoonlijkheid beperkter geworden. We hebben het hier over Italië, maar het geldt voor zowat alle eens gerenommeerde filmlanden, de VS uitgezonderd. Alberto Sordi, Marcello Mastroianni, Sofia Loren, Vittorio Gassman, Mariangela Melato, Ugo Tognazzi, Monica Vitti ... Namen in auteursfilms – “a” met kleine of hoofdletter – die destijds via de affiches een gevarieerd publiek in grote aantallen naar onze cinema’s lokten. Het was in die periode dat Paolo Villaggio debuteerde op het Italiaanse grote scherm. Op eigen bodem had hij al cabaret-, radio- en televisie-ervaring. In de Italiaanse bioscopen brak hij door met Fantozzi (Luciano Salce, 1975), een personage dat gegroeid was in de jaren ervoor, geconsacreerd in een succesroman van Villaggio’s hand en rijp voor een filmcarrière. “Ragioniere” (boekhouder) Ugo Fantozzi is allesbehalve een held, integendeel: een hielenlikker bij zijn oversten en sommige (vrouwelijke) collega’s, zonder verdediging zelfs tegenover zijn erg inschikkelijke echtgenote (Milena Vukotic), tegen wie hij af en toe wel een grote mond opzet, en onderworpen aan de eisen van zijn niet presentabele dochter; af en toe overvalt hem een mislukte oprisping van gevoel van eigenwaarde, zoals zijn oordeel (gegrift in de annalen van de Italiaanse cinema) na de voorstelling tijdens een verplicht filmforum van de klassieker Pantserkruiser Potjomkin (1925, S.M. Eisenstein): “Volgens mij is Pantserkruiser Potjomkin een waanzinnige drol!” (Il secondo tragico Fantozzi, L. Salce, 1976). En toch worden de avonturen van Fantozzi – een groteske mengeling van stille film-slapstick en maatschappijkritiek in de marge – Italiaanse kaskrakers, tussen 1975 en 1999 neergezet in tien filmtitels. Zoals een lezersbrief bij Villaggio’s overlijden opmerkte, spreekt de humor van Fantozzi zelfs nu nog jonge social media adepts aan omdat in die films een hilarische situatie in enkele minuten werd geconcentreerd. Maar allicht waren de tegenslagen (meer dan de avonturen) van Fantozzi/Villaggio te veel verbonden met de Italiaanse context om in het buitenland aan te slaan – hoewel de toen bij ons uitgebrachte en “italianissimo” sketchkomedie I nuovi mostri (1977, Mario Monicello, Dino Risi, Ettore Scola) de Italiaanse onhebbelijkheden ook in hun hemd zette.

Paolo Villaggio vertolkte in die kwarteeuw ook protagonisten in dramatischer filmscenario’s, zoals een Italiaanse sporttalentscout in de VS in Sistemo l’America e torno (Nanni Loy, 1973), een onderwijzer in het Napolitaanse in Io speriamo che me la cavo (Lina Wertmüller, 1992), een bokser op jaren vlak na het einde van de Tweede Wereldoorlog in Cari fottutissimi amici (1994, Mario Monicelli), of een animator op een cruiseschip in Palla di neve (Maurizio Nichetti, 1995). Bij ons zijn die films niet uitgebracht, maar in zijn eigen land had Fantozzi geen concurrentie.

Waar nationale populariteit en internationale erkenning elkaar (niet meer) vinden

Sinds 1975 zijn we minstens twee Italiaanse filmgeneraties verder. Van de voorgaande lichting hebben Nanni Moretti, Giuseppe Tornatore, Francesca Archibugi, Ferzan Ozpetek en Paolo Virzì als regisseurs en een Monica Bellucci, Toni Servillo, Valeria Bruna Tedeschi en Valeria Golino als acteurs internationaal nog een plaatsje veroverd. Maar welke namen van de jongste generatie, behalve de cineasten Paolo Sorrentino en Saverio Costanzo, misschien Matteo Garrone, of dankzij buitenlands werk de actrice Alba Rohrwacher, acteurs Pierfrancesco Favino of Stefano Accorsi kennen we of zijn te zien op onze bioscoopschermen? Filmmakers zoals Francesco Munzi, vertolkers zoals Giuseppe Battiston, Micaela Ramazzotti, Elio Germano ...? Ze duiken op in de jaarlijkse nominatielijsten van de Italiaanse Oscar, de David di Donatello, of van de Nastro d’argento van de Italiaanse filmpers, worden er bekroond, maar kennen vaak een korte binnenlandse bioscoopcarrière. Doet een van de recente namen toch een belletje rinkelen bij een filmkijker, dan zal die hem mogelijk opgevangen hebben op een of ander festival. Veel van die toch wel auteursfilms, vaak gemaakt met EU-inbreng of steun van enkele Europese landen – zoals de coproductie met België Pericle il nero van Stefano Mordini uit 2016, met de Italiaanse ster Riccardo Scamarcio – zoeken hun weg via een binnenlands filmfestival of via een circuit van internationale festivals. Een festivalrecordhouder is het debuut van Laura Bispuri, Vergine giurata (2015), met Alba Rohrwacher; sinds zijn première op het Torino Filmfestival in 2015 prijkt de onconventionele documentaire Bella e perduta van Pietro Marcello nog altijd wel ergens op een festivalaffiche. Ook de winnaar van de David di Donatello en van de Nastro d’argento 2016, Fiore van Claudio Giovannesi, zit nog in het festivalcircuit, hoewel niet bij ons. Daarmee is echter nog geen normale bioscoopdistributie in het eigen land gegarandeerd.

Een verlies? Misschien vangen de Italiaanse series die het buitenland bereiken wel het een en ander op. Misschien zegt de naam Stefano Accorsi jullie iets: hij was een van de protagonisten in de tv-serie 1993, samen met Favino, Scamarcio, Claudio Santamaria, Elio Germano, of wordt de serie Gomorra verbonden met, jawel, Roberto Saviano en regisseur Stefano Sollima. Heeft het in deze tijden van supersnelle overgang in transmissiemogelijkheden (zie de reeks ‘Opkomst van de kwaliteitsserie’) nog zin om te spreken van “film”, vroeg The Wall Street Journal zich onlangs af (‘The end of the feature film’, 11 juli 2017). De opdeling tussen film en tv/streaming verliest aan betekenis, zowel qua originele verhalen als qua vormgeving en bijgevolg verliezen ook makers en vertolkers het etiket van film- of serieregisseurs/-acteurs. De magie van het scherm blijft, maar er blijkt geen ontkomen aan dat de benaming ‘film’ en ‘tv’ vervangen moet worden door een overkoepelende media-definitie. Misschien MultiMediaMagie – MMM?

Geschreven door MARCEL MEEUS

Adieu Paolo Villaggio (1932-2017)

Media: 

onomatopee