Adieu Peter van Bueren (1942-2020)

Scherp maar tegelijk scherpzinnig, bot maar alert, recalcitrant maar recht door zee, vilein maar grappig, volks maar erudiet ... Peter van Bueren, de vorige week overleden Nederlandse 'dagbladjournalist' – zo en zo alleen wou hij betiteld worden – was het allemaal. En nog zoveel meer. Kortom een bijzonder mens.

In de eerste plaats was hij een begenadigd filmcriticus toen deze 'specialiteit' nog als een epitheton ornans gold. Mee dankzij de sigaret als onafscheidelijke metgezel zag hij eruit als gepatenteerde brompot/mopperkont, en hij had op alles en iedereen kritiek. Toch bleef hij ook iets jongensachtigs hebben: guitig, plagerig ... Vooral had hij een hart voor de authentieke, pure film (Tarkovski, Antonioni, Ruiz, Fassbinder en anderen). En die keuze, die liet geen enkel compromis toe.

Dagbladjournalist

Van Bueren kwam uit een katholieke familie, ging anno 1963 schrijven voor de katholieke krant De Tijd en begon daarin heel toevallig ook over film te schrijven. Toen hij begin jaren 70 in positieve bewoordingen Turks fruit (1973) van Paul Verhoeven en Last Tango in Paris (1972) van Bernardo Bertolucci besprak, regende het opzeggingen van duizenden abonnees. De hoofdredactie bleef pal achter zijn filmredacteur staan. Dat waren nog eens tijden!

In 1974 verkaste hij naar De Volkskrant, waar hij in 1977 Bob Bertina, het icoon van de Nederlandse filmkritiek, zou opvolgen. Daar ontpopte Van Bueren zich tot de toonaangevende stem, de filmgids voor de progressieve filmgaande Nederlander. En vocht hij – allicht tegen beter weten in – een jarenlange vete uit met ‘collega’ Hans Beerekamp, meer een intellectualistische filmkenner, zijn tegenpool bij NRC. Onder Van Buerens impuls werd De Volkskrant van meet af aan een van de hoofdsponsors van het Festival Film International in Rotterdam, nu bekend als het International Film Festival Rotterdam (IFFR). Met de charismatische stichter-bezieler van Film International Huub Bals had Van Bueren een haat-liefdeverhouding. Opnieuw dat compromisloze! Behalve met Bals kon hij het, na een korte hoogoplopende ruzie, ook zeer goed vinden met filmer Jos Stelling. Beide heren waren afkomstig uit een katholiek, niet bepaald rijk middenstandsmilieu in Utrecht.

Kapelaan

Van Bueren was allergisch voor interviews, zeker met sterren of al bekende cineasten. Een journalist moet altijd op zoek naar iets nieuws, zo vond hij althans, en niet berichten over wat al bekend is! In zijn stevig onderbouwde, af en toe wat bombastisch geschreven essayistische recensies koppelde Van Bueren de visuele kracht van de film aan zijn breed-maatschappelijke thematiek. Vorm en inhoud gaan nu eenmaal hand in hand. Kwam hij zo met dank aan de later vermoorde filmer Theo van Gogh (of Jos Stelling?) aan zijn bijnaam Kapelaan? Wie zal het zeggen?

Was Apocalypse Now (1979) van Francis Ford Coppola een van zijn favoriete films aller tijden, dan had hij het toch vooral voor de Aziatische film. Met dank overigens aan Film International en Huub Bals, die ergens in de jaren 80 bijvoorbeeld met Gele aarde van Chen Kaige de Vijfde Generatie Chinese filmmakers aan het Westen openbaarde. Het zou Van Bueren nadien vriendschappen voor het leven opleveren met onder anderen Hou Hsiao-hsien en Lee Chang-dong. Van die Zuid- Koreaanse maestro kreeg Van Bueren zelfs een cameo in diens film Poetry.

Ook mag het belang van Van Bueren voor de Nederlandse filmjournalistiek zeker niet worden onderschat. Hij hielp mee het nostalgische filmblad Filmfan (1972-1982) oprichten, was in de periode 1976-1987 een van de schrijvende steunpilaren van het (in 1963 bedachte) filmtijdschrift Skoop, nam begin jaren 80 het initiatief voor het Jaarboek Film en richtte ook de Kring van Nederlandse Filmjournalisten (KNF) op. Die filmjournalistenbond gaf in 2016 als eerbetoon een boekje uit met als sprekende titel Door Peter van Bueren, een bundeling van 25 recensies, interviews en artikels die hij zoveel jaar later schalks had aangevuld met een postscriptum. Pas na lang aandringen evenwel van de initiatiefnemers.

Toen al was hij met pensioen. In 2002 was hij gestopt bij De Volkskrant na een slepend conflict met de hoofdredactie. Hij moffelde zijn pen definitief weg diep in zijn binnenzak. Wel bleef hij filmfestivals bezoeken en adviseren. "Zijn scherp oog voor talent en kwaliteit zullen we niet snel vergeten", aldus Sandra den Hamer, directeur van het filmmuseum EYE in Amsterdam en voordien jarenlang verbonden aan het filmfestival van Rotterdam. Ook internationaal liet Van Bueren van zich spreken, niet in de laatste plaats als notoir lid van FIPRESCI, het overkoepelende orgaan van de internationale filmkritiek.

Nooit heeft Van Bueren de journalistieke benadering van filmkritiek afgezworen: "Filmkritiek is veel objectiever dan de willekeurige subjectieve mening van een willekeurig iemand", liet hij niet eens zo lang geleden nog in De Filmkrant optekenen. Voor komende generaties filmrecensenten een wijze, zeg maar gouden raad van ‘kapelaan’ Van Bueren. † 26 maart

Geschreven door FREDDY SARTOR

Adieu Peter van Bueren (1942-2020)

Media: 

onomatopee