Adieu Terry Rawlings (1933-2019)

“De beste editors zijn alchemisten”, zei cineast David Fincher ooit over monteur Terry Rawlings, die in 1992 zijn debuut ‘Alien 3’ uit de montagekamer liet rollen. Overleden in het jaar waarin zijn magnum opus ‘Blade Runner’ zich afspeelt, was Terry Rawlings onbetwist zo’n alchemist.

"Ze zijn tegelijk dichter en smid”, vervolgde Fincher zijn ode aan monteurs en Rawlings in het bijzonder. “Ze kunnen iets smeden, delen bij elkaar brengen die eigenlijk nooit samen zouden werken. Ze kunnen beelden die voor een bepaald doel gefilmd zijn gebruiken om een heel nieuw idee te belichten in een sequentie waaraan de cineast zelf nooit zou hebben gedacht.” Rawlings had er al een hele carrière opzitten voor hij Finchers debuut samensmeltte. Hij was jarenlang soundeditor voor hij in 1977 met Michael Winners The Sentinel ook pellicule ging monteren.

Oog en oor voor monteren
Zijn ervaring met klank nam hij mee in de montagekamer. Het maakte hem de uitgelezen monteur voor muziekfilms zoals Barbra Streisands Yentl (1983) of Joel Schumachers The Phantom of the Opera (2004), maar beïnvloedde ook zijn andere filmwerk. “Ik heb altijd van klank en geluid gehouden. Muziek is een van mijn grootste passies. Toen ik films ging monteren, dacht ik bij mezelf: ik kan het werk van de zogenaamde monteurs doen, maar dan beter, omdat geen van hen rekening hield met klank. Ze knipten en hoopten dat het geluid er achteraf bij zou passen”, zei hij aan Animated Views naar aanleiding van de 35ste verjaardag van de animatiefilm Watership Down (Martin Rosen & John Hubley, 1978). In deze film kon hij voor het eerst zijn persoonlijkheid als filmeditor laten gelden.

Rawlings leverde een impressionante bijdrage aan het succes van de ecoklassieker Watership Down. Eerst werden de stemmen opgenomen, daarna werd aan de animatie gewerkt. Ten slotte werden de stemmen opnieuw geritmeerd in functie van de montage. Rawlings koos voor een levendige, maar benauwende opeenvolging van sequenties met zwiepende konijnenoren en donkere tunnels, waardoor de ecologische boodschap duidelijk overkwam. Hij produceerde ook de soundtrack met de hit ‘Bright Eyes’ van Art Garfunkel.

Toen hij als soundeditor werkte op de set van Michael Winners The Games (1970), groeide bij Rawlings het besef dat hij als monteur het verschil kon maken. Winner stond erop om de marathonscènes zelf te cutten. “Het resultaat was vreselijk”, vond Rawlings. “En de film had zo goed kunnen zijn!” Als filmeditor van het Olympische epos Chariots of Fire (1981) kon hij zich van deze frustratie verlossen. Met zijn flashbackstructuur en het parallelverhaal van de twee lopers was het beslist geen gemakkelijke klus om Hugh Hudsons film te monteren. Het was Rawlings vondst om de loopscènes niet te verknippen, maar in slow motion als een soort ballet te integreren. Zo kreeg de kijker ook de tijd om de reacties van de twee lopers in hun strijd voor de overwinning te observeren. De intussen legendarische score van Vangelis was toen nog niet af, maar Rawlings liet zich leiden door Vangelis’ soundtrack voor Frédéric Rossifs natuurdocumentaire Opéra sauvage (1979) om het juiste ritme te vinden.

Met zijn Oscarnominatie voor Chariots of Fire versterkte Rawlings zijn reputatie als editor van films met een ingewikkelde structuur. Streisands Yentl was er zo één. Ook daar zorgde Rawlings voor een zinvolle samenhang tussen het uiterlijke verhaal en de gezongen innerlijke reflecties. In het geval van The Phantom of the Opera lukte het hem om alle gefilmde nummers van Andrew Lloyd Webbers musical in de bioscoopversie te integreren. Muziek in een film was voor hem een dragend fundament.

Cultklassiekers kneden
Op termijn zal Terry Rawlings vooral herinnerd worden voor zijn samenwerking met Ridley Scott. De Britse cineast leerde hem kennen als klankmonteur van zijn mantel-en- degendebuut The Duellists (1977). Rawlings imponeerde Scott met het gerinkel van champagneglazen om het geluid van botsende zwaarden na te bootsen. In Scotts horrorklassieker Alien (1979) slaagde hij er als editor in om de artefacten van kunstenaar H.R. Giger optimaal te waarderen. Rawlings dreef met zijn montage de spanning heel geleidelijk op, met de horror als subtiele onderstroom. Hedendaagse horrorfilms kunnen een punt kunnen zuigen aan de zorgvuldig opgebouwde dreiging in de scène waarin Harry Dean Stanton door de slecht verlichte schachten van het ruimteschip een vermiste kat zoekt en niet door heeft dat de alien vlakbij schuilt. Dat Scott hem creatieve vrijheid gaf, bleek uit Rawlings muziekkeuze. Tegen de wil van componist Jerry Goldsmith verknipte Rawlings de originele score en besloot hij ook thema’s uit vroegere scores van Goldsmith in te lassen. Echt goed tussen beiden kwam het nooit meer. Tijdens een liveopvoering in Londen van zijn Alien-muziek zei Goldsmith aan de toehoorders: "Ze hadden een editor op Alien die dacht dat zijn ideeën beter waren dan de mijne, dus ik wil dat je nu hoort wat ik erin zou hebben gestopt als ik de kans had gekregen."

In de generiek van Scotts sf-cultfilm Blade Runner (1982) stond Rawlings als supervising editor vermeld. Maar dat was uitsluitend een juridische omschrijving, omdat hij toen nog geen lid van de filmvakbond was. Rawlings mocht de montagekamer van de Warner Bros Studio niet in en monteerde de film in een hotelkamer wat verderop. Het bleef echter niet bij één versie. Drie van de vijf versies uit de in 2007 uitgegeven 25th Anniversary Edition passeerden zijn hand. De aanvankelijk gemonteerde versie werd op last van de studio ‘verminkt’ met een voice-over van Harrison Ford en een alternatief happy end met landschapopnamen uit Kubricks The Shining. Toen de oorspronkelijke work print-versie per ongeluk toch vertoond werd in een arthousebioscoop in Santa Monica, nam de belangstelling voor die versie toe. In Rawlings visie was Harrison Fords personage ook een androïde en was de sequentie met de sluitende liftdeuren het echte einde. “Ik denk dat het geweldig is als de deur dichtgaat. Je bepaalt als kijker zelf wat je denkt”, sloot de invloedrijke editor de polemiek over de Blade Runner-versies af. 23 april

Beeld: Rawlings bij de ontvangst van zijn ere-BAFTA-Award in 2014 © Bafta/Jonathan Birch

Geschreven door DIRK MICHIELS

Adieu Terry Rawlings (1933-2019)

Media: 

onomatopee