American Honey

Na oer-Britse stedelijke claustrofobe drama's ('Red Road' en 'Fish Tank') en een mistig highlandmelodrama ('Wuthering Heights') pakt Andrea Arnold uit met een roadmovie over jongeren die klem zitten tussen hun Hollywooddroom en de Amerikaanse realiteit: AMERICAN HONEY.

Opnieuw een uit twee woorden bestaande filmtitel met een knipoog. De gelijknamige song van de Amerikaanse country groep Lady Antebellum idealiseert immers jeugdherinneringen, terwijl Arnolds film een veel rauwer beeld van jeugd en opgroeien schetst. Dankzij haar intuïtieve manier van werken – door een band te creëren met de acteurs en de locaties liet ze zowel de situaties als de personages organisch groeien – zorgt ze voor een fascinerende spanning tussen de realiteit en de filmische droomwereld die fungeert als referentiekader.

AMERICAN HONEY handelt over de Amerikaanse droom en wat daar in de hedendaagse geglobaliseerde wereld nog van rest. We volgen een groep jonge outcasts die als moderne handelsreizigers de Midwest van Amerika doorkruisen. Deze marginale salesmen verkopen tijdschriftabonnementen en gaan daarvoor van deur tot deur in zowel rijke als arme buurten. Via leugenachtige verhaaltjes en bedrieglijke trucs trachten ze zoveel mogelijk abonnementen te slijten. Aangevuurd door hun flamboyante goeroe Jake, een leider die slaat en zalft, charmeert en straft.

Arnold drukt ons met de neus op de avonturen van deze jongeren die willen ontsnappen aan hun proletarische afkomst door geld, veel geld, te verdienen. We zien hoe de kids de teksten van hiphopsongs meezingen terwijl ze met een busje rondrijden, we zien hen dansen en drinken op parkings van motels, we zien hen blowen en seksen in hotelkamers; we zien hen spelen en joelen als kinderen. Kortom, we krijgen een inkijk in een leven vol energie en intensiteit, maar zonder veel diepgang en perspectieven. Deze Young Americans draaien rond in cirkels, bang om er uit te stappen (er uit te vliegen) en zo hun laatste houvast te verliezen.

De kracht van AMERICAN HONEY is, naast zijn hypersensuele naturalistische visuele stijl, de treffende manier waarop jongeren van de jaren 2010 geportretteerd worden. De post-punk- en -aidsgeneratie van trap-hiphoppers bij wie woede plaats heeft gemaakt voor ongeremd plezier. Arnold toont ons outsiders en misfits, weglopers en verschoppelingen die niet leven om te feesten maar feesten om te leven. Ook al is dat een leven aan de zelfkant van de samenleving. En ook al blijven ze onopgemerkt, vergeten. Ze feesten immers juist omdat niemand kijkt. Het is hun manier om te rebelleren, te onderstrepen dat ze bestaan.

De Britse cineaste van het jeugdige elan (Fish Tank, Wuthering Heights) speelt hier met een Amerikaans genre. De roadmovie is een genre dat gedreven wordt door het typisch Amerikaanse gevoel van lotsbestemming in een open space, een ruimte van onbegrensde mogelijkheden, en dat innig verbonden is met de Amerikaanse droom. Arnold toont ons in isolement levende (van volwassenen gescheiden) kids die vertrouwd zijn met de keerzijde van die droom en als een soort neohippies de normen van de samenleving afwijzen. Maar tegelijk kunnen ze niet ontsnappen aan de wetten van de markt en de logica van het geld. Zo sluipt de claustrofobie weer binnen in de film, ondanks de wijde vista’s en de lange speelduur.

Dat merk je ook aan het traject van de jonge Star. Wanneer ze voor het eerst helemaal zelf goed geld verdiend heeft, richt ze zich met wapperende haren op in een auto met open dak, steekt ze de armen in de lucht en roept ze “I feel like I’m fucking America!”. Een archetypisch roadmoviebeeld dat euforie en vrijheid uitdrukt, maar snel gevolgd wordt door beelden van Star die vanuit hotelkamers een glimp van de lucht tracht op te vangen, een uiting van gefrustreerde vrijheidsdrang. Star verlaat uiteindelijk de groep om zichzelf te vinden, maar een klassiek happy end is het niet. Ze beseft dat ze haar toekomst moet maken, maar dat wil nog niet zeggen dat die toekomst ook maakbaar is.

“Het sociale element interesseerde me sterk”, stelt Arnold. “Het busje waarin de mag crew rondtoert is een condensatie van het moderne kapitalisme. Ik wou dat de film vragen stelde over onze waarden, over wie we zijn. De armoede in sommige regio’s choqueerde me. In Groot-Brittannië is er nog een sociaal vangnet, in de VS vallen armen tussen de plooien van het systeem. Ik heb steden gezien waar geen handelszaak of werk te vinden was. Waar het enige perspectief een job bij een fastfoodketen of Wal-Mart is. Wanneer dat de enige mogelijkheid is, hoe kan je dan jezelf ontplooien?”

Die vraag inspireerde Arnold om de kroniek van de jongeren in AMERICAN HONEY te situeren in het mistroostige universum van Amerika's industriële zones en buitenwijken. Een deprimerend en grijs gebied waar de rondzwervende figuranten Trumps zwijgende meerderheid vertegenwoordigen en racisme, armoede en haat een sudderende, explosieve cocktail vormen. Het is die nachtmerrieachtige realiteit waartegen Andrea Arnold haar jonge dromers laat botsen.

FILM: **** / geen extra's

Geschreven door IVO DE KOCK

American Honey

Regisseur: 
Scenario: 
Genre: 
Productiejaar: 
2016
Distributeur: 
Twin Pics

Media: 

onomatopee