American Hustle

Humor en pijn zijn de ingrediënten waarmee de briljante opening van AMERICAN HUSTLE de toon zet. Na de aankondiging “Some of this actually happened” volgen we 5 lange minuten hoe een met overgewicht en kaalheid kampende Irving Rosenfeld zijn kapsel goed tracht te leggen met lijm, haarstukjes en een kam. Hilarisch, maar door de duur van de scène ook intriest.

Op deze pijnlijk-komische wijze worden illusie, bedrog en overlevingsdrang als thema's geïntroduceerd. Even later wijst de con artist met het valse haar de ambitieuze FBI-agent-met-fake-krullen Richie DiMaso op een valse Rembrandt die “zo goed is dat het echt wordt voor iedereen. Wie is de meester: de schilder of de vervalser?” Wat volgt is een verhaal van bedriegers dat loopt tot het besluit “The art of survival is a contuining story.” Die kunst van het overleven blijkt de motor achter dit losjes op de 'Abscam' FBI-operatie van eind jaren 70, begin jaren 80 (onderzoek naar politici verwikkeld in omkooppraktijken) gebaseerde oplichtersverhaal.

AMERICAN HUSTLE is de zevende film van David O. Russell en net zoals Three Kings, I Heart Huckabees, The Fighter en Silver Linings Playbook is het een brok vitale cinema die kleurrijke personages in tragikomische situaties plaatst en doet worstelen met eenzaamheid, vervreemding, dysfunctionele emoties en overlevingsdrang. Gevoel voor humor, observatievermogen, een kritische kijk op instituties (leger, bedrijfsleven, overheid) en een liefdevol omarmen van diversiteit gaan daarbij samen. Net zoals Martin Scorsese zelf lijkt David O. Russell een komische versie van een Scorsese-gangsterfilm te beogen.

Een energieke gangsterkomedie met Christian Bales Rosenfeld als arbeidersversie van Leonardo DiCaprio's Jordan Belfort; de bedrieger die geld verdient met het oplichten van gewone mensen op zoek naar een lening (en een toekomst). Alleen loopt Rosenfeld tegen de lamp (waardoor hij met de FBI moet samenwerken) en blijkt hij toch niet zo cynisch en emotieloos. Een en ander heeft te maken met de gevoelens voor zijn partner Sydney (met wie hij overlevingstechnieken en liefde voor Duke Ellington deelt) en zijn onevenwichtige vrouw Rosalyn (“the Picasso of passive-aggressive karate. I was her mark”), maar ook met zijn sympathie voor Polito, de burgemeester die Atlantic City uit het economische moeras wil halen. Heel veel is toneel en bedrog, maar uiteindelijk besluiten Irving, Sydney en Rosalyn zich niet meer voor elkaar te verbergen. Al blijven ze con artists en overlevers.

Russells kracht is dat hij er in slaagt energieke verhalen te vertellen via personages die tegelijk karikaturaal en authentiek, sterk en fragiel zijn. Dat leidt tot nu eens hilarische en dan weer ontroerende scènes. Bovendien drukt hij de look en de feel van een tijdperk perfect uit via kleren, fotografie en muziek ('Delilah' en 'Live and let die' zijn emotionele splinterbommen). De tijdgeest blijkt ook actueel. Je voelt de economische malaise en de druk om te overleven. “Mijn droom was iemand anders worden dan wie ik was”; zo formuleert Sydney haar oplossing. “De economie was er toen slecht aan toe”, zegt Russell. “De intrest was torenhoog en dat creëert een sfeer waarin je in 'investeerders' wil geloven. Wie word je wanneer je tracht te overleven in dergelijke tijden?”

Hustling wordt daardoor een way of survival en dat is de achilleshiel van AMERICAN HUSTLE. Daar waar The Wolf of Wall Street het uitvergroot om walging op te wekken, wordt er hier met begrip en sympathie naar gekeken. Terwijl de praktijk van de 'helden' (criminelen, corrupte politici, gangsters) wordt uitgebreid tot 'iedereen'. Maar de gewone dromenjager blijft buiten beeld. Aan het slot geeft Russell aan dat the big money people vrijuit gingen, maar de politiek-economische context onderbouwen is niet zijn ding. Een absurde context ligt hem beter.

Geschreven door IVO DE KOCK

American Hustle

12/02/2014
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2013
Distributeur: 
Paradiso

Media: 

Trailer: 

poO71y7hWUo

onomatopee