The Assassin

Drukt de Taiwanese cineast Hou Hsiao-Hsien met THE ASSASIN in de voetsporen van de Chinese maestro Zhang Yimou, wiens sociale drama’s anno 2002 en 2004 plaats maakten voor de zuiver esthetische Wuxia’s Hero en House of Flying Daggers? Niet echt, neen. Hous in Cannes bekroonde historisch drama behoort tot het Chinese martial arts-genre. Maar veel kunst- en vliegwerk en halsbrekende stunts met aan kabels bevestigde acteurs die sierlijk door bomen, over water en in de lucht duels uitvechten, gaat u hier niet zien.  Hou baseerde zich op een wuxiavertelling van Pei Xing uit de 9de eeuw. Peis kortverhaal is gesitueerd tijdens de Tangdynastie (618-907): een chaotische periode in de Chinese geschiedenis waarin de heerschappij van het Tangrijk wordt bedreigd door de gouverneurs van de verschillende provincies, die de autoriteit van de Keizer betwisten en de onafhankelijkheid eisen. Paradoxaal genoeg werden deze provincies door de Tangs net opgericht om zich te beschermen tegen buitenlandse dreigingen.

Centraal staat Nie Yinniang, een jonge vrouw die op haar tiende van haar familie werd weggenomen door Jia Xin: zowel prinses als non. In het geheim, op een veraf gelegen plaats, krijgt Nie een grondige opleiding in het doden. Ze treedt toe tot de ‘Orde van de Moordenaars’ en is een expert in het uitoefenen van allerhande gevechtssporten. Het doel van de Orde: het elimineren van corrupte politici en malafide tirannen. Maar wanneer Nie in een van haar missies faalt, omdat het kind van het doelwit getuige was en ze het joch niet kon doden, wordt ze door Jia Xin gestraft. Nie moet terug naar haar geboorteplaats in de provincie Weibo, waar ze de plaatselijke gouverneur moet vermoorden. Die is echter niet alleen Nies neef, hij was ook ooit haar verloofde.  Voor Hou is Nies opdracht de aanleiding tot bezinning en gewetensconflicten. Ook alsmaar terugkomende thema’s uit Hous oeuvre zoals familie, liefde en vervreemding slingeren zich door de plot. Van een eenduidig dramatisch verloop moet je je weliswaar niet al te veel voorstellen. De plotwendingen zijn soms vrij verwarrend. Temeer omdat Hou de moeite niet neemt om de onderlinge familiebanden uit te diepen en hij met historische feiten jongleert alsof iedereen perfect op de hoogte is van een stevige brok Chinese geschiedenis. 

THE ASSASSIN opent in zwart-wit en in een vierkant formaat (1,33:1). In deze proloog maakt Nie een despoot af en wordt ze in haar daaropvolgende missie met een mislukking geconfronteerd. Na deze inleiding snijdt Hou naar kleur en het 1,85:1-formaat. De actiescène uit de proloog is abrupt en brutaal. De – weinige – actietaferelen uit THE ASSASSIN zijn kort. Ze functioneren als interpuncties in een hoofdzakelijk meditatieve stijl, waar de momenten van stilte en contemplatie in lyrische en hypnotiserende beeldcomposities worden gevat. Het is geen geheim dat de filmmaker van onder meer The Puppetmaster, City of Sadness, Good Men, Good Women, Goodbye South, Goodbye, Flowers of Shanghai, Millennium Mambo en Three Times meer wordt geboeid door maatschappelijke onderwerpen en psychologische portretten dan door genregerelateerde cinema. Stilistisch vertoont THE ASSASSIN gelijkenissen met Flowers of Shanghai, waar eenzelfde statische camera afstandelijk door wapperende, doorschijnende gordijnen observeert.  Het is alsof Hou bewust voor een (voor de westerse kijker) troeblerende narratieve structuur koos om vervreemding in de hand te werken. Hou gaat nooit close en filmt zijn scènes (veelal in één shot of camerabeweging) altijd in strakke, koel ogende composities. Ballingschap en/of ontheemd zijn behoren tot de stokpaardjes van deze intrigerende cineast. In 1948 ruilden Hous ouders – hij was toen nog een baby – China in voor Taiwan. Hou verloor zijn familie toen hij tiener was en ervoer Taiwan als een ‘voorlopige verblijfplaats’.

Ook Nie is een buitenbeentje, want na al die jaren van afzondering is ze niet alleen vervreemd van de samenleving, maar ook van haar familie. Familie is wel degelijk belangrijk in Hous werk. In een bepaalde scène toont Hou granaatappels. Die staan symbool voor de positie of een titel binnen een familie, die van generatie op generatie wordt overgeleverd.  Hou Hsiao-Hsien weet als geen ander het verloop van de tijd vast te leggen. In The Puppetmaster kreeg de tijd epische dimensies, in Millennium Mambo of Goodbye South, Goodbye schakelt Hou vlot over van kinetisch gedreven momenten naar zuivere rust. Die bruuske wisseling van stemmingen tekent ook THE ASSASSIN. Zoals in Three Times speelt de liefde een belangrijke rol. “Je bent meester over het zwaard, niet over je hart”, krijgt Nie van haar mentor te horen. Zijn het niet Nies gevoelens voor haar neef die haar voortdurend in tweespalt drijven? Het personage van Nie is bijgevolg een tragische figuur. Ze zit gevangen door zowel haar aliënatie als door haar emoties. Voor Hou de aanleiding tot zuiver lyrische scènes.

Het gebruik van muziek is spaarzaam. Hous poëzie verdraagt slechts het geluid van insecten of vogels. De sfeer is bij momenten uitgesproken melancholisch. Een weemoed die aanleunt bij reflectie en rust. Hou is een formalist in de traditie van Michelangelo Antonioni, Robert Bresson en Akira Kurosawa. Zijn eigenzinnige stijl mag dan wel elementen van deze cineasten bevatten, Hou drukt zich steevast uit met een eigen esthetiek, waarin de kleinste details zich slechts na herhaaldelijke visies prijsgeven. Zijn visueel ravissante film- en vertelstijl is dwingend. In die mate zelfs dat de kijker – hoe afstandelijk de stijl ook – willens nillens in Hous universum wordt gezogen.

Geschreven door PIET GOETHALS

The Assassin

24/02/2016
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2015
Distributeur: 
Lumière

Media: