Cleo

In CLEO worstelt een rebelse Brusselse tiener met rouwverwerking na een verkeersongeval waarin haar ouders om het leven komen. Op zich stof voor een donkere, deprimerende tragedie, maar debutant Eva Cools maakt er een even levendig als krachtig drama van op het ritme van muziek en de stad. Vorig jaar terecht bekroond op Film Fest Gent.

Na enkele kortfilms (De Puta Madre, El Camino del Deseo, Las Meninas) en videoclips (voor Mauro Pawlowski en Intergalactic Lovers) vond Eva Cools het tijd voor een langspeelfilm. Want, zo vertelde ze ons vorig jaar in Gent: “Het ging me nooit om een gimmick, maar om sfeer en situaties. Elke kortfilm was een aanzet tot een langer verhaal. Ik geef personages graag ruimte omdat ik hun problemen en gevoelens wil ontwikkelen.” In haar eentje sleutelde ze jaren aan het scenario om daarna producent Lunanime te overtuigen en via crowdfunding het budget helemaal rond te krijgen. CLEO werd een complex drama – “geen tragedie”, benadrukt Cools – over familie, verlies, pijn, rouw, loutering, schuldgevoelens, communicatieproblemen, emotionele remmingen en passie voor muziek.

Confronterend debuut

CLEO is een donker debuut, maar scenarist-regisseur Cools ziet het vooral als een confronterend verhaal. Ze focust op de thematiek van een meisje dat haar ouders verloor bij een nooit opgehelderd verkeersongeval. Het opzet was echter geen autobiografisch verhaal te vertellen, maar te “vertrekken van de worsteling met onbeantwoorde vragen die het rouwverwerkingsproces vertraagt. Vragen naar de schuldige en het waarom van vluchtmisdrijf. Ik wil die dingen begrijpen, juist omdat ze zo moeilijk te begrijpen zijn.”

Niets is wat het lijkt in CLEO, noch de personages, noch hun gevoelens. Tegelijk fileert Cools ook schuld, boete en verwerking niet in zwart-wit termen. Tijdens gesprekken met zowel veroorzakers van ongevallen als met de politie ontdekte Cools immers dat het allemaal veel grijzer is. Zo zijn er ook ongevallen met gedeelde verantwoordelijkheid, terwijl er veel mensen rondrijden die te veel gedronken hebben.

“Dat is de spiegel die ik wil voorhouden”, stelt Cools. “Het kan velen overkomen en zo’n kleine of grote fout heeft een gigantische impact op de rest van jouw leven en dat van anderen. Ik wil vooral de menselijkheid van zowel slachtoffers als veroorzakers tonen. Laten zien hoe zwaar het is en hoe mensen omgaan met schuld. Cleo heeft het ongeval niet veroorzaakt, maar ze voelt zich schuldig en tracht dingen terug te draaien. Mensen trachten ook altijd alles te verklaren, maar soms is er geen uitleg of schuldige.”

Complexe realiteit

CLEO toont dat er bij een ongeval meerdere slachtoffers zijn. Er is altijd een volledig netwerk van familieleden, geliefden, vrienden en collega’s mee verbonden en ook zij worden getroffen. Zo zegt de grootmoeder tegen de rebellerende tiener dat ze zelf niet heeft gekozen voor de verantwoordelijkheid over twee weeskinderen en dat ook zij een verlies te verwerken heeft. “Ik wou dat ook vanuit haar standpunt en vanuit het broertje bekijken, hun rouw belichten”, aldus Cools. “Net als de verwarring van Leos’ vriendin. Jeanne weet niet wat er aan de hand is, waarom Leos zich zo gedraagt, waarom hij zo verandert. Ze krijgt een gevoel van onmacht omdat hij haar wegduwt en niets lost. Iemand die vluchtmisdrijf pleegt, moet een gewicht dragen en worstelt ook met schuldgevoelens die als een groot monster boven hem hangen.”

Net als in die andere hoofdstadfilm, Brussels by Night (1983) van Marc Didden, is Brussel in CLEO een personage. Cools benadrukt dat het verkeer een belangrijke pijler is: “Die chaos en dat permanente gevoel van gevaar konden enkel in Brussel worden geëvoceerd. Ik vind het ook cinematografisch een heel interessante stad. Rauw maar ook visueel mooi en levendig. Om de sfeer van Brussel te vatten draaide ik bewust tijdens de winter, wanneer er minder licht is en overdag het licht ook anders oogt.”

Met haar sterke en ruige kantje, weerspiegeld in haar kleding, voelt de zelfzekere Cleo zich thuis in de levendige maar ook harde en agressieve stad waarin we haar zien ronddolen. En waar ze ’s nachts stuit op Leos, een man met een geheim dat veel complexer is dan zijn moeizame liefdesrelatie. De pijn die ermee verbonden is zal hen dichter bij elkaar brengen, maar ook weer uit elkaar scheuren.

Muziek als motor

Terwijl veel regiedebutanten muziek gebruiken als achtergrond, fungeert die in CLEO als motor. Cools maakt van muziek een katalysator voor het rouwproces. Ze koos Rachmaninov “omdat hij als componist van de romantiek past bij het personage. Er zit ruwheid en hardheid in zijn tegelijk ook emotionele muziek. Je voelt bij Russische componisten vaak dat het dramatisch is, heel serieus, maar in hun muziek zit ook een heel zachte troostende laag. Tegelijk staat Rachmaninov voor een agressieve, gewelddadige uitbarsting van emoties. Cleo is ook zo, zij kan rustig en fragiel zijn maar eveneens hard en agressief.”

Het blijft echter niet bij klassieke muziek. Door te werken met contrasterende muziekgenres zorgt de cineast ervoor dat de karakterschets beter uit de verf komt. “Vaak denk men dat iemand een hiphopster is en dus enkel houdt van dat soort muziek, maar ik wou juist de gelaagdheid van jongeren tonen”, aldus Cools. “Men kan perfect klassieke muziek spelen, uitgaan en techno horen en een T-shirt van de Sex Pistols dragen. Cleo heeft een punkattitude. Ze is authentiek, veerkrachtig en wil via muziek haar leven weer in harmonie brengen. De muziek weerspiegelt haar innerlijke turbulentie, het emotioneel zwalpen tussen droefheid en uitgelatenheid, nuchterheid en gevoeligheid.”

Adembenemende protagonist

Hoofdactrice Anna Franziska Jäger liet al een verbluffende indruk na in Dorothée Van Den Berghes My Queen Karo (2009), maar hier draagt ze werkelijk de film. Met dank aan de chemie tussen haar, Roy Aernouts en de altijd briljante Yolande Moreau. En aan het feit dat de dochter van choreograaf Anne Teresa de Keersmaeker en cultuureducator Gerhard Jäger kan acteren én piano spelen. Ze heeft gevoel voor drama en voor muziek en dat merk je aan de manier waarop ze spreekt, beweegt, reageert en emoties uit. Aan de authenticiteit die ze injecteert in de rol.

Casting bepaalt voor een groot stuk het succes van een film. “Het is niet evident om iemand te vinden die het talent heeft van een actrice, tweetalig met een Brussels accent is en dan nog eens het niveau van Rachmaninov haalt”, beseft Cools. “Veel films werken aan de piano met afwisselende close-ups van handen en van het gezicht en dat voelt niet echt aan. We hebben haar geholpen bij bepaalde scènes, zoals het concert, maar ze heeft wel heel het stuk gespeeld. Dat voel je.”

CLEO is een persoonlijke film, en een die Eva Cools moest maken, maar ze zocht en vond ook inspiratie bij Andrea Arnold, cineast van onder meer Fish Tank en American Honey, en Lynne Ramsay van We Need to Talk about Kevin en You Never Were Really Here. “Een heel belangrijke film was ook Christiane F. – Wir Kinder vom Bahnhof Zoo (1981) van Uli Edel, omwille van de saturatie en de kleuren zwart en rood. Die gaat over een jong meisje dat in een moeilijke omgeving terechtkomt waar haar moeder haar tracht uit te halen. Een heel ander verhaal maar zo’n coming-of-age in moeilijke omstandigheden fascineert. Die strijd zit ook in CLEO. Qua kleurenpallet ligt het Berlijn uit Christiane F. niet ver van mijn Brussel.”

FILM: **** / geen extra's

Geschreven door IVO DE KOCK

Cleo

Regisseur: 

Media: 

onomatopee