Cosmopolis

“Een spook waart door Europa – het spook van het communisme”. Zo openden Karl Marx en Friedrich Engels in 1848 hun 'Communistisch Manifest'. Om even verder te schrijven “de bourgeoisie heeft door haar exploitatie van de wereldmarkt de productie en consumptie van alle landen kosmopolitisch gemaakt”.

In COSMOPOLIS, zijn adaptatie van Don DeLillo's korte roman, vervangt David Cronenberg (Eastern Promises) Europa door de wereld en de bourgeoisie door het kapitalisme. “Een spook waart door de wereld, het kapitalisme” klinkt in een dialoog en lezen we op een lichtreclame.  Het manifest, pardon: de film, van de Canadese cineast geeft op spirituele en fysieke wijze vorm aan een idee; dat van de langzame zelfvernietiging van het kapitalistische lichaam en de algoritmische geest. COSMOPOLIS is een surrealistisch, barbaars gedicht; een metafysische scan van de hedendaagse geglobaliseerde wereld. Tegelijk de vaststelling van een failliet én een protest tegen onrecht, uitbuiting en vervreemding.

We duiken in een wereld die de pedalen kwijt is, een universum besmet door geld dat virtueel werd ('een monster zonder organen' volgens de voormalige 'Baron of Blood') en verlamd door een zieke economie. Net zoals in A History of Violence brokkelt de koele normaliteit langzaam af om te eindigen in emotionele chaos. Alleen blijkt de realiteit hier quasi onvindbaar. En oncontroleerbaar.  Centraal staat een spookachtige figuur. We volgen 24 uur uit het leven van Eric Packer, een miljardair geworden trader. Perfect vertolkt door Twilight-ster Robert Pattison, die zijn vale vampieren look gebruikt om de malaise van zijn psychotisch en masochistisch personage weer te geven. Zijn emotie-arme jongeman-met-afwezige-blik is het prototype van een nieuw monster. Het is een narcistische nerd die met zijn witte stretch limo diagonaal door Manhattan rijdt om in een antiek salon zijn perfect haar te laten knippen.

“Do you need a hair cut” is de terechte vraag van een van de slaafse getrouwen die elkaar aflossen in de (omwille van de presidentiële karavaan, straatrellen en een begrafenisstoet) traag bewegende mobilhome. Deze limousine is de afspiegeling van een 'niet-penetreerbaar' systeem dat niet belet dat Eric gevaar loopt. Hij dreigt zijn geld (met dank aan beursspeculatie) en zijn leven (door een aangekondigde aanslag) te verliezen.  Het is geen toeval dat Cronenberg, na Viggo Mortensen in A History of Violence, koos voor Pattinson. Beide acteurs zijn toonbeelden van normaliteit, wat de schok sterker maakt wanneer blijkt dat hun personages (mentaal en moreel) ziek zijn. Een ziekte die ze omarmen. Eric is blij wanneer zijn huisdokter een asymmetrische prostaat ontdekt, net zoals hij later niet maalt om zijn asymmetrische haarsnit.

Onevenwicht en aftakeling wijzen immers op leven. Net als de oppositie van revolutionairen die de rat willen introduceren als monetaire eenheid (“the rat is coming”), als vleesgeworden symbool voor het walgelijke aspect van geld.  De tocht door de stedelijke hel lijkt aanvankelijk een gril van een lid van de 1% groep (de betogers die we via de ramen van de gepantserde limo zien verdedigen net als de Occupy-beweging de 99%) maar blijkt een louterende desintegratie. Eric schakelt voor de ogen van baskettende kids zijn lijfwacht uit, laat zich met taart besmeuren door de mediagenieke activist André en waagt zich in het hol van zijn getraumatiseerde belager Benno. Een man die “deliver me”, bevrijd me, stamelt wanneer hij zijn pistool richt op het achterhoofd van Eric.

Een behoorlijk pessimistisch slot want in een stad waar chaos de realiteit wel tastbaarder maakt, lijkt de 'slaaf' niet in staat af te rekenen met zijn 'meester'. Waardoor de orde nog even overeind blijft. Tot vertwijfeling en verdriet van de opponenten. Het kapitalisme blijkt taaier dan de (economische en financiële) crisissen doen vermoeden. Maar de teloorgang is ingezet.

Geschreven door IVO DE KOCK

Cosmopolis

30/05/2012
Regisseur: 
Productiejaar: 
2012
Distributeur: 
Belga

Media: 

Trailer: 

q3ZmIwteUAY

onomatopee