The Dead Don't Die

De Apocalyps is cool volgens onafhankelijke filmmaker Jim Jarmusch en zijn “greatest zombie cast ever disassembled”. Althans, die eerste indruk laat de satirische zombiekomedie THE DEAD DON'T DIE na. Achter de knipogen en donkere grappen schuilt echter de 'no future'-visie van een tedere punker-anarchist die waarschuwt voor onafwendbare rampspoed.

“THE DEAD DON'T DIE is een ander soort zombiefilm”, zegt producent Carter Logan in de making-of. “Jim Jarmusch vindt het leuk om van cast en crew een familie te maken. Dat gevoel willen we overdragen naar de film. Het is moeilijk te beschrijven hoe Jim met het genre omgaat. De humor toont zijn heel specifieke stijl. Hij gebruikt de conventies van het horrorgenre om een komedie te creëren en kritiek op de huidige samenleving te geven.”

Niet toevallig sluit de openingsfilm van het jongste festival van Cannes heel laconiek af met de verzuchting “what a fucked up world” en een fade to black. Meer dan honderd minuten nadat twee hoofdacteurs ons nadrukkelijk wezen op een “vertrouwd klinkende” (titel)song: “Oh', the dead don't die, any more than you or I; they walk around sometimes, never payin' any mind to the silly lives we lead, or the reaping we've all sown.” Dit is onderkoeld geserveerde, prettig gestoorde cinema. Vintage Jim Jarmusch. Een off-beat film in de lijn van Stranger than Paradise, Down by Law, Dead Man, Broken Flowers, Only Lovers Left Alive en Paterson die zowel de onafhankelijke filmmaker zelf als de Amerikaanse maatschappij weerspiegelt.

In die spiegel zien we naast een anti-establishmentspirit en pessimisme ook zwarte, absurde humor. “Het leven is geen netjes uitgeschreven scenario,” benadrukte Jarmusch in Le Monde, “alles kan op gelijk welk moment gebeuren. De Dakota Sioux hebben in hun taal een woord dat 'het grote mysterie' betekent. Daarmee omschrijven ze bovennatuurlijke krachten. Dat vind ik passend, want niemand verstaat er eigenlijk iets van. Aangezien alles een mysterie is, kunnen we maar beter lachen met wat ons overkomt, anders wordt het angstaanjagend sinister.”

Vandaar dat Jarmusch zijn state of the nation, een bijtende commentaar op de politiek-economische realiteit, drenkt in humor. En vandaar ook dat de zombies van THE DEAD DON'T DIE individuen zijn die op grappige wijze aspecten van de hedendaagse menselijke beschaving uitdrukken. “Alle zombiefilms gaan over mensen,” zegt actrice Tilda Swinton in Les Inrockuptibles, “ze vallen de consumptiemaatschappij en de automatisatie van de mens aan. Van bij het begin bevatte het genre die kritische politieke dimensie en Jarmusch geeft er een moderne twist aan.”

THE DEAD DON'T DIE speelt in small town Centerville, “A Real Nice Place” en het hart van mainstream Amerika. Een nulpunt waar alles draait rond een politiekantoor, een diner, een motel, een funerarium en een benzinestation annex winkel. Met drie lichtjes bizarre agenten, een nerd vertrouwd met popcultuur en zombiefilms, een racistische landbouwer met 'Make America White Again'-pet, een Afro-Amerikaanse bediende in een doe-het-zelfzaak, jeugdige delinquenten, een survivalist/zwerver die vanuit het bos alles observeert en een met een samoeraizwaard zwaaiende begrafenisonderneemster.

Al deze mensen eten, slapen, rijden met de auto en praten, maar raken vooral in de war wanneer dag en nacht door elkaar beginnen te lopen doordat, dixit een televisieanker, polar fracking de rotatie van de aarde verstoort en de doden opstaan om moorden te plegen. Gedreven door verlangens die hen bezighielden tijdens hun leven: wijn, pillen, koffie, wifi ... De zombieplaag begint met een hapje in de verlaten diner (“the dead just don't wanna die today”, concludeert de Schotse begrafenisonderneemster), overspoelt het land en leidt tot een “full-on zombie apocalypse”. Of zoals een agent voorspelt: “Dit loopt niet goed af.” Terwijl een andere verzucht: “Ik ben deze nachtmerrie zat.”

Waar respectievelijk een literaire en een amoureuze passie nog een uitweg boden uit vervreemding in Paterson en Only Lovers Left Alive, is er geen toekomstperspectief te bespeuren in THE DEAD DON'T DIE. Zelfs de humor is donker en pessimistisch, terwijl Jarmusch met metacinema zijn favoriete speeltjes rock en film deconstrueert. Grapjes over een regisseur die zijn acteurs al dan niet het scenario laat lezen en acteurs die de plot becommentariëren, doorprikken de illusie en verbinden film en muziek ook met de dood. De dood van de auteur en van alle aardbewoners.

Bovendien is Jarmusch’ fabel ditmaal erg duidelijk een metafoor voor een maatschappij in malaise, een wereld in verval. In interviews verwijst Jarmusch naar ecologische verwoesting, naar de ineenstorting van de sociale orde en naar wat hij een broken operating system en het eindspel van de samenleving noemt. In Rolling Stone beklaagt hij zich erover dat Amerikanen niet stilstaan bij het milieu en dat het altijd over Trump gaat: “Dat is voor mij een bewuste afleiding. Ik word kwaad wanneer ik merk dat mensen alleen geobsedeerd zijn door de Trumpshow.”

Over de draai die hij daarom gaf aan het zombiegenre zegt hij in Le Monde: “Zombies waren oorspronkelijk verbonden met voodoo, het ging om wezens die we konden controleren. Sinds George Romero, wiens The Night of the Living Dead me inspireerde, zijn zombies geen Frankenstein of Godzilla maar ons. Wij zijn de zombies. Het product van een systeem, het teken van een vernietigde sociale orde. Zombies werden het gevolg van menselijke stommiteiten.”

Toch ziet Jarmusch zich meer als een waarnemer dan als een morele beoordelaar. Iemand die vaststelt dat de samenleving een ons opgedrongen kapot systeem is: “Reeds als adolescent zei ik tegen mezelf: Die volwassenen weten niet wat ze doen, met welk recht denken ze te kunnen zeggen wat wij moeten doen?” Het leidde tot een punkattitude en een anti-establishmentoeuvre. Speels en uitdagend, maar zonder een expliciet geformuleerd “How dare you!” à la Greta Thunberg.

Tot THE DEAD DON'T DIE eigenlijk. Er zit immers verrassend veel woede in deze donkere ‘no future’-satire. De toon is somber en het slot pessimistisch. Aan het einde van de film bevinden de zombiejagers zich in de positie van Sam Peckinpahs huurlingen in The Wild Bunch. Hun last stand tegen een overmacht is enkel een ode aan zelfbeschikking en menselijkheid. Ambivalent (want gelinkt aan het doden van wezens) en uitzichtloos. Futiel en fataal.

Dat fatalisme is niet louter een kwestie van overmacht. Het is ook een kwestie van onmacht en onvermogen. Van lethargie. Van zonder reactie blijven in een onheilspellend klimaat. De kloof tussen mens en zombie is niet zo groot bij Jarmusch, met personages die even stoïcijns als onverschillig blijven. Er is geen spoor van kritische reflectie of helder bewustzijn in het universum dat de cineast schetst, laat staan van verzet of rebellie. Op het nutteloze gebaar van de finale confrontatie na.

Jarmusch maakt duidelijk dat we slapen en ons bevinden in een nachtmerrie, eentje met een unhappy end. De filmmaker gunt ons net als zijn acteurs/personages een blik op het scenario (lees: de afloop, de afwikkeling van ons bestaan). “This is definitely going to end badly”, luidt de waarschuwing. Want ondanks zijn positie van outsiderartiest stuurt de activist in Jarmusch ons een wake-upcall. Met een donkere blik op een wereld die hoe langer hoe moeilijker in leven te houden is.

Film: *** / Extra’s: * (documentaires)

Themastukken en meer besprekingen van films op dvd, VoD en blu-ray vind je in de rubriek 'Huisbios' in ons maandelijkse tijdschrift, te bestellen via info@filmmagie.be.

Geschreven door IVO DE KOCK

The Dead Don't Die

Regisseur: 
Scenario: 
Muziek: 
Genre: 
Productiejaar: 
2019
Distributeur: 
Universal

Media: