Ghostbusters

De tijd dat vrouwen al heel bijzonder moesten zijn voor ze mee mochten doen in de “mannenwereld” van zaken en wetenschap is gelukkig al lang voorbij, en dat weerspiegelt zich al jaren in films. Waarom dan niet een vrouwelijk Ghostbuster-team, blijken de makers van de twee succesvolle Ghostbuster-films uit 1984 en 1989 gedacht te hebben. Ze hadden jarenlang gespeeld met het idee van een sequel, maar dat na de dood van Harold Ramis in 2014 (hij speelde de techneut-wetenschapper Spengler en schreef ook mee aan de scenario’s) was dat niet meer mogelijk.

Ook al zijn de vier ghostbusters in de nieuwste versie vrouwen, de regisseur is dat niet: Ivan Reitman wordt vervangen door Paul Feig, van Bridesmaids onder meer, die het naar eigen zeggen prettig vindt om groepen vrouwen te regisseren. Hijzelf schreef het scenario samen met Katie Dippold, die in GHOSTBUSTERS te zien is als de makelaar die een kantoor voor de vier vrouwen vindt. Het script volgt in grote lijnen de structuur van de eerste Ghostbusters. Ook de nieuwe ghostbusters roepen elk (soms vage) herinneringen op aan hun mannelijke tegenpool. Erin (Kristen Wiig) is een nerdy wiskundige die wacht op een vaste aanstelling op haar universiteit, en in geesten geloven helpt niet echt om dat te bereiken; de knipoog naar Peter Venkman (Bill Murray) zit hem in de crush die Erin ontwikkelt voor de op zijn zachtst gesteld niet al te snuggere secretaris Kevin (Chris Helmsworth), dus net zoals vrouwenversierder Venkman is het haar louter om het uiterlijk van de man te doen. De grappige maar warme Abbey (Melissa McCarthy) vervangt Dan Aykroyds personage Raymond Stantz; Harold Ramis wordt weerspiegeld in Jillian Holtzmann (Kate McKinnon), het prototype van de gekke geleerde, met Einsteinkapsel erbij, en een onverwoestbaar zelfvertrouwen (“Safety buttons are for dudes”). Patty Tolan (Leslie Jones) is als personage veel steviger uitgewerkt dan haar spiegelbeeld Winston Zeddmore, die maar heel beperkt aan bod komt in de originele films. Patty werkt voor de New Yorkse metro, kent de stad op haar duimpje en heeft zowat alles gelezen over de geschiedenis van New York.

De vier vrouwen zijn grappig en tonen aan dat het niet uitmaakt hoe je er als vrouw uitziet, of je nerdy bent, bezeten door machines of geen fotomodellenfiguur hebt; ze zijn trots op wat ze kunnen en wat ze hebben bereikt, en laten eventuele afwijkingen van het klassieke schoonheidsideaal niet aan hun zelfvertrouwen knagen. Leuk zijn ook de talloze verwijzingen naar de oorspronkelijke films, in de verhaallijn, maar ook in de sets, props, geesten, en in de cameo’s die door de kenners op gegniffel zullen worden onthaald. Het ziet er allemaal wel beter uit dan in de vroegere films; logisch, want CGI biedt in deze tijd veel meer mogelijkheden. Het eerste spook is magnifiek; de anticlimax wanneer ze Erin “aanvalt” is dan ook des te grappiger. Wie de oorspronkelijke Ghostbusters-films niet gezien heeft, zal een leuke avond beleven. Het gegeven van mensen die op een wetenschappelijke manier achter spoken aangaan blijft natuurlijk grappig (er is voor deze versie gebruik gemaakt van de diensten van een heuse deeltjesfysicus én van een ingenieur om de wetenschappelijke achtergrond en de apparaten zo juist mogelijk te krijgen), en de ghostbusters (met secretaris Kevin) zijn door hun verschillen en hun vreemde kanten een plezier om te volgen. Maar wie de films uit de jaren tachtig wél kent, zal er natuurlijk nog meer plezier aan beleven, juist door al die verwijzingen. Eén raad (zeker voor de kenners): blijf even zitten tot de generiek helemaal is afgelopen. Het lijkt alsof er een sequel wordt aangekondigd …

Geschreven door EVELIEN VAN VESSEM

Ghostbusters

10/08/2016
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2016
Distributeur: 
Sony

Media: 

onomatopee