The Grand Budapest Hotel

Wes Anderson schept werelden die niet (meer) bestaan en die in feite nooit bestaan hebben. De settings van The Royal Tenenbaums, The Life Aquatic with Steve Zissou, The Darjeeling Limited, Fantastic Mr. Fox, Moonrise Kingdom en nu ook THE GRAND BUDAPEST HOTEL zijn één groot mysteriespel waarbij het vertrouwde en het verrassende met elkaar verstrengelen in een tegelijk buitenissig en pijnlijk herkenbaar universum. Via het leidmotief van de tragi-heroïsche figuur die wordt vergezeld van en vereerd door kompanen is er daarbij een terugkoppeling naar de auteur Wes Anderson en zijn ondertussen uitgebreide familie van acteurs. Want alles draait om het vertellen van tragikomische verhalen – het verzinnen van een wereld met een portie fantasie en een snuifje realiteit – en zowel het plezier als de tristesse die daarmee verbonden zijn.

Elke Anderson-film heeft iets van een (trip door een) poppenhuis. THE GRAND BUDAPEST HOTEL serveert ons meteen maquettes terwijl travellings en zooms de decors tastbaar kunstmatig maken. Tegelijk wordt het voice-over verhaal gedeconstrueerd tot een reeks doosjes-in-doosjes. Een meisje verschijnt met een hotelsleutel en een boek bij het standbeeld van een dode schrijver, die richt zich vanop een set tot het publiek en laat zijn jongere versie in een Europees hotel het verhaal optekenen van de melancholische eigenaar om uit te komen bij de geschiedenis van diens mentor. Die verschillende verhalen en stemmen gaan langzaam in elkaar op en leiden tot een tragisch gevoel gelinkt aan het besef dat Mr. Gustave's wereld van vroeger niet meer bestaat en eigenlijk ook niet meer bestond toen hij 'zijn' hotelpersoneel opdroeg te doen alsof hun kingdom er altijd wel zou zijn.

De enigmatische en charismatische Gustave zuigt ook de kijker mee in een bizar, teder en grappig avontuur dat speelt in een historisch tijdperk (jaren dertig met opkomst van het fascisme) en een parallel universum (met ZigZags in de rol van SS en Joplings geweld tegen katten en mensen als voorbode van de gruwel) waar thema's zoals familie, liefde, dood en wraak spelen. De protagonist in de herinneringen van voormalige lobby boy Zero is een bevlogen conciërge met een zwak voor rijke dames die van 'zijn' op een bergtop gelegen Grand Budapest Hotel een must-be place maakt. Aan zijn zorgeloos bestaan komt een einde wanneer een bevriende rijke weduwe (“I sleep with all of my friends” zegt hij naïef-eerlijk) wordt vermoord en haar familie alles op alles zet om te beletten dat Gustave zijn erfenis (het schilderij 'Boy with apple') ontvangt. Met een gevangenisverblijf en een militaire invasie zou de pret voorbij moeten zijn maar Gustave is moeilijk van zijn stuk te brengen.

“He certainly sustained the illusion with a remarkable grace” zegt Zero over het vermogen van zijn 'hero' Gustave om een verdwenen wereld in leven te houden. Anderson tovert met evenveel humor en elegantie zijn barok sprookje op het scherm. Met een mix van romantiek, actie, absurd geweld en burleske humor racen we door gevangenisuitbraken, moorden, achtervolgingen door de sneeuw en confrontaties met militairen. Maar ook heen en weer door de tijd, van warme droomwerelden naar de ijzige realiteit en terug. Daarbij benadrukt hij het kunstmatige en de filmische invloeden (Hitchcock, Lubitsch, Lang). Fantasie leidt tot betovering. Zijn droomfabriek is echter niet gespecialiseerd in happy endings (de dood is een spelbreker voor het jonge koppel) en laat zich door de realiteit inspireren. Er is de jonge migrant gevlucht voor armoede en geweld die een thuis zoekt en een surrogaatvader vindt. Maar ook de 'Society of the Cross Keys', een hulporganisatie van en voor conciërges die verzonnen lijkt maar echt bestaat.

Soms is de werkelijkheid vreemd genoeg voor de filmsprookjes van Anderson. Maar meestal is zijn verbeelding net dat tikkeltje gekker.

Geschreven door IVO DE KOCK

The Grand Budapest Hotel

05/03/2014
Regisseur: 
Scenario: 
Genre: 
Productiejaar: 
2014
Distributeur: 
Fox

Media: 

Trailer: 

1Fg5iWmQjwk