Interview: Bülent Öztürk over Blue Silence

Meer nog dan 'Zagros' van de uit Iraaks-Koerdistan afkomstige Sahim Omar Kalifa vertegenwoordigt de Belgisch-Turks-Koerdische filmmaker Bülent Öztürk met BLUE SILENCE op Film Fest Gent de Koerdische film, al was de documentaire 'Radio Kobani' van de Turks-Koerdische Reber Dosky, een van de revelaties van IDFA 2016, ook een mooie aanvulling geweest.

In BLUE SILENCE gaat de Turkse soldaat Hakan, die verblijft op de psychiatrische afdeling van een militair ziekenhuis, de confrontatie met zijn traumatische verleden aan. Nadat hij naar zijn appartement in Istanboel mag terugkeren, probeert hij weer in contact te komen met zijn gezin en gaat hij op zoek naar een kameraad uit het leger. Maar het verleden laat zijn sporen na.

BLUE SILENCE is opgedragen aan je vader. In de film wordt ook twee keer in een pakkende scène “papa” geroepen. Heeft het een met het ander te maken?

BÜLENT ÖZTÜRK: Aan mijn vader heb ik mijn opvoeding te danken, de weg die hij mij toonde, begrip voor anderen, vergeving … Hij zei altijd: “Bloed kan je niet met bloed wegwassen. Bloed moet je met water wegwassen!” Dus vrede zoeken. Vandaar dat er in mijn films veel water voorkomt. Het zoeken van een kind naar zijn papa is overal hetzelfde, of het nu gaat om het kwijt zijn of om de dood van een vader. Mijn hoofdpersonage Hakan torst een schuldgevoel. Het zoeken naar zijn dochter heeft hem sterker gemaakt. Daardoor is hij ook meer naar zijn dochter toe gegroeid. De ene papa in mijn film is echter niet minder belangrijk dan de andere. Vroeg of laat zal mijn hoofdpersonage met zijn verleden worden geconfronteerd.

Is dat wat de lange scène aan het einde van de film betekent?

B. ÖZTÜRK: Uit het ziekenhuis ontslagen neemt hij thuis uit een doos twee belangrijke dingen: een wapen en een videocassette waarop zijn verleden zit opgenomen. Hij heeft een kind vermoord, en hij heeft nog andere moorden op zijn geweten die wij niet zien. Die flashbackscène op het einde van de film is tevens het begin van de film, want dat was het moment dat hij gek is geworden.

Hij stort ook in omdat hij de hond van zijn dochter vermoord heeft ...

B. ÖZTÜRK: Wat ik probeer te vertellen is dat in het hele land slachtoffers zijn gevallen. Hakan was daarbij betrokken … als soldaat. Dat hij in een psychiatrische instelling is beland, kwam omdat hij thuis een wapen had gebruikt. Het meisje kan haar vader niet vergeven dat hij haar hond heeft doodgemaakt. Daartegenover heb je het Koerdische volk dat wel bereid is met de Turken samen te leven en te vergeven.

BLUE SILENCE

Wanneer en waar BLUE SILENCE zich afspeelt heb je vaag gehouden, ook al laat je oude actualiteitsbeelden zien van hoe wreed en meedogenloos het Turkse leger huishoudt in Koerdisch gebied in de jaren 90.

B. ÖZTÜRK: Dat was een bewuste keuze. Tijdens de opnames werd ik met een zwaar dilemma geconfronteerd. Precies twee jaar geleden, voor de opnames, was er die zware bomaanslag op de vredesbetoging in Ankara en woedde er een burgeroorlog in Noord-Oost-Turkije. Ik wou in eerste instantie iets kleins vertellen – uit de jaren 90 –  als een persoonlijke bijdrage tot de vrede, om te zeggen: Oorlog is geen manier om iets op te lossen, laten we rond de tafel gaan zitten en naar elkaar luisteren. Maar toen we aan het opnemen waren, zei Erdogan – de cijfers zijn van hem – dat er 10.000 mensen om het leven waren gekomen: 9000 Koerden en 1000 Turkse soldaten. Tientallen Koerdische steden, geen dorpen dus, waren van de kaart geveegd. Dat was een shock voor mij. Het was heel extreem en ik wist niet hoe ik daarmee om moest gaan. Ik wou aangeven dat de problematiek actueel was. In de jaren 90 gebeurde het ver weg in de bergen, in 2015 en 2016 gebeurde hetzelfde voor de ogen van de hele wereld. Ik voelde me verplicht om mijn film niet echt in een bepaalde tijd te situeren omdat Turkije in de jaren 70, 80, 90 … tot vandaag geweld gebruikt tegen de Koerden en andere minderheden.

Je bedoelt: het geweld tegen de Koerden is van alle tijden?

B. ÖZTÜRK: Wat ik via Hakan, een ex-soldaat, wil zeggen – het lijkt alsof de man alleen maar kijkt en zwijgt – is dat verscheidene lagen verstopt zitten in de innerlijke wereld van zijn personage, dat in een soort van ontkenning leeft, een drager is van geheimen. Hij staat voor een land zoals Turkije, dat ook met heel veel geheimen zit. En wie geheimen draagt heeft dingen te verbergen, zit in het donker. Vandaar dat het laatste halfuur van de film zich in de duisternis afspeelt. Een lichtje in de duisternis kan helpen wanneer hij zijn dozen in brand steekt; weg met zijn verleden … De maatschappij in Turkije is niet transparant. En dat vind je ook terug in relaties, bij familie. Ook al uit angst voor het systeem. In Turkije is er een spreekwoord: Je moet je geheimen meenemen in je graf. Hier in België in een katholieke cultuur willen mensen alles vertellen om zich beter te voelen.

Een mooie, ontroerende scène is de scène waarin Hakan zijn dochter ontmoet. Voor haar is hij dood en toch voel je aan beide kanten een enorme nood aan affectie.

B. ÖZTÜRK: Het meisje zegt ook letterlijk: "Vooraleer ik naar hier kwam heb ik in mijn dagboek gelezen." Het kind heeft bepaalde herinneringen aan haar vader. Tot dan is het mooi. Maar ze heeft ook een trauma. Toen haar papa in militaire dienst was in het oosten was het oké. Maar toen haar papa thuis geweld ging gebruiken, agressief werd en haar hond doodde, was het voor haar voorbij. Wat haar vader niet wil toegeven: hij wil zich verzoenen, hij komt met oude herinneringen, codes, hij heeft een cadeautje bij, bestelt een frambozentaart en dan zegt hij: “Je hebt niet eens geproefd!” Het zijn onrechtstreeks verwijzingen naar het verleden. Voor hem is zij nog altijd een kind.

Het blauw in de titel BLUE SILENCE is een verwijzing naar het diepblauw van de nacht?

B. ÖZTÜRK: Toen ik met twee vrienden naar mijn geboortestreek op weg was, kwamen wij aan een stuwdam waarvan het water ongelooflijk blauw was. Toen besefte ik ook dat tussen dat blauw en het blauw van de hemel er zoveel lelijkheid zit. Ik heb hen verteld over de vele dorpen die vernietigd waren en dat de botten van de vermoorde mensen allicht hier nog overal moesten liggen. Toen zei ik: “We moeten het even stil maken!” Dat was een heel mooi moment tussen ons drie mannen. Dat wou ik bijhouden als vertrekpunt. De stilte in de film is soms ongemakkelijk, maar je moet als kijker voelen hoe stilte de personages doet nadenken. In mijn Koerdistan is de lucht zeven maanden lang blauw, van maart tot oktober. Mijn broer zei gisteren nog: “Je bent een beetje moe, je moet terugkomen en onder je blauwe hemel komen slapen!” Hij wil me terug naar ginds.

Roda Canioglu & Bülent Oztürk op de set van BLUE SILENCE

Je hebt twee gelauwerde korte films gemaakt en nu een langspeelfilm … Liggen ze in elkaars verlengde?

B. ÖZTÜRK: Ze leunen bij elkaar aan in de manier van vertellen en ze zijn allemaal gebaseerd op mijn herinneringen. Ik heb ervoor gekozen om niet in de politiek te stappen. Begin 2000 heb ik een symbolische vadermoord gepleegd en mijn vader in de tuin begraven. Ik studeerde politieke en sociale wetenschappen aan de universiteit in Antwerpen. Op een bepaald moment besefte ik dat dat in feite de wens van mijn vader was. Ik was zijn droom aan het invullen. En dat wou ik niet. Mijn vader was een soort burgemeester, een muftar eigenlijk, 37 jaar lang. Hij was zeer geliefd, een man van vrede. Maar ik wou Bülent zijn, niet de zoon of de broer van … Ik heb jaren moeten vechten voor mijn onafhankelijkheid, om Bülent te kunnen zijn. Toen ik kind was, vertelde mijn vader: “Ik zal aan je deur komen staan, ik zal aankloppen en zeggen: 'Ik ben de vader van gouverneur Bülent.'” Hij deed dat om mij te stimuleren om te studeren, ik was thuis de enige die boeken las, die kritisch was.

Je vertelt in BLUE SILENCE steeds met beelden, maar wel in verschillende stijlen.

B. ÖZTÜRK: Dat doe ik ook in mijn korte films. BLUE SILENCE heb ik drie verschillende looks willen meegeven. In het ziekenhuis, dat ook een soort gevangenis is, is het kil, koud, ongezellig. In de scènes in de stad zijn de beelden dynamischer, hoor je vogels, water, het geluid van de straat, en zie je de eenzaamheid van de mensen. En in het laatste deel, Hakans bezoek aan zijn strijdmakker, is ook weer een heel andere stijl gebruikt.

Je vertelde dat Yol van Yilmaz Güney, een film uit 1982, de Gouden Palm in Cannes, je naar het medium film heeft geleid en dat je toen pas aan het RITCS film bent gaan studeren.

B. ÖZTÜRK: Hier in België had ik een vriend leren kennen – ik sprak nog geen woord Nederlands en had altijd alleen maar een woordenboek Turks-Nederlands bij. Hij is het die me op een bepaalde dag naar een videotheek heeft gereden waar ze Yol hadden. Ik kende de film helemaal niet. Je moet weten: ik ben niet opgegroeid in een artistiek milieu, maar in een stadje in Koerdistan, 4000 kilometer verwijderd van de hoofdstad. En ik heb ginds alleen maar onderwijs in de Turkse taal gehad. Ik heb toen die film hier gezien, het filmvirus dateert van toen – ik had er niet zoveel van begrepen, ook al omdat er constant vier ogen op mij gericht waren, van Dirk, mijn vriend en zijn vrouw. Maar ik dacht toen wel bij mezelf: dat wil ik doen! Yol is het begin van de Koerdische cinema, is een filmhistorische mijlpaal: in de manier van vertellen, van regisseren, van je personages te schetsen. Het zijn vijf verhaallijnen die terugkeren rond vijf personages die met verlof uit de gevangenis mogen ... Maar de film Umut (Güney, 1970), zwart-wit en lang niet zo bekend, is voor mij van een nog hoger niveau.

Film Fest Gent, 17 oktober 2017

Foto boven: Bülent Özturk (door Cinevox)

Geschreven door FREDDY SARTOR

Interview: Bülent Öztürk over Blue Silence

Media: 

onomatopee