Interview: Sherwan Haji en Sakari Kuosmanen over The Other Side of Hope

In zijn nieuwste film THE OTHER SIDE OF HOPE brengt de Fin Aki Kaurismäki een van zijn habitués, Sakari Kousmanen, samen met een nieuw gezicht, Sherwan Haji. De twee acteurs hebben de mond vol over Kaurismäki’s humanisme, en over zijn bijzondere manier om acteurs te benaderen.

Zanger-acteur Sakari Kousmanen (rechts) werkt al zo’n dertig jaar samen met Kaurismäki, met onder andere een hoofdrol in The Man Without a Past. Op de persconferentie tijdens het filmfestival van Berlijn barstte hij nog uit in een Fins lied, in gesprek met Filmmagie gaat het vooral over acteren en de zoektocht naar hoop. Ook de Syrisch-Finse nieuweling Sherwan Haji (links) zit op zijn plaats bij de filmbende van Kaurismäki: “De klassieke Griekse literatuur verheerlijkte de tragedie en de miserie die we achter ons laten. Kaurismäki knoopt aan bij die menselijke treurnis.”

FILMMAGIE: Je collega heeft er al een heel parcours opzitten in het universum van Kaurismäki. Voor jou was dat nieuw. Hoe ben je erin terechtgekomen?

SHERWAN HAJI: Ik was gewoon op het juiste moment op de juiste plaats. Ik ontving een algemene castingoproep voor de rol van een Fins-Syrische man in een niet nader genoemde film. Daarbij dacht ik meteen aan een of ander figurantenrolletje waarbij ik in de achtergrond een pizza moest bakken of zo. Iets heel kleins. Na wat testopnames belde de coproducent me op om te zeggen dat ik de rol had, en dat het ging om een hoofdrol in de nieuwe film van Aki Kaurismäki. Ik had al werk van hem gezien toen ik nog in Syrië leefde en was uiteraard verrast dat ik die rol zou gaan spelen.

De films van Kaurismäki hebben een heel specifieke visuele stijl, die doet denken aan stille cinema, Jacques Tati en Robert Bresson, en ook het acteerwerk is anders dan wat we meestal te zien krijgen.

S. HAJI: Weet je, volgens mij is het acteren bij Kaurismäki eerder ‘normaal’ dan ‘anders’. Al dat roepen en zwaaien met je armen als een windmolen, dat beschouw ik niet als acteren. Dat is geen kunst. De visuele vervuiling die elke dag op ons afkomt, onder andere via televisie, die is niet normaal. In het dagelijkse leven zitten mensen soms samen zonder te praten, zonder altijd maar druk te moeten ‘acteren’. Ik heb mijn scriptie geschreven over acteursregie en over hoe acteurs aan zichzelf en aan hun rollen werken. Het was dus fantastisch om te kunnen samenwerken met Kaurismäki en het team dat hem al jarenlang vergezelt. Het was als een zeer fijnzinnige cursus waarin ik de theorie in de praktijk kon omzetten.

De uitdrukking dat “acteurs hun armen niet moeten bewegen als een windmolen” gaat al heel wat jaren mee bij Kaurismäki.

SAKARI KUOSMANEN: Inderdaad. (lacht) Dat is wat acteren voor Kaurismäki zo bijzonder maakt. Ik denk, of nee, ik hoop dat ik het alterego ben van Kaurismäki in films als Shadows in Paradise, Drifting Clouds, The Man Without a Past en nu THE OTHER SIDE OF HOPE. Ik vroeg hem ooit hoe ik in zijn films moest acteren en hij antwoordde: “Acteer niet. Laat je onnozele zinnetjes gewoon heel laconiek vallen als bakstenen in nat cement.” In het scenario besluit Kaurismäki de derde scène uit THE OTHER SIDE OF HOPE, waarin mijn personage Wikström zijn echtgenote verlaat, met een volgens mij heel belangrijke beschrijving: “Als je de pijn in de ogen van de personages niet zou zien, zou je kunnen denken dat het komisch is.”

Die fijne balans tussen komedie en drama is altijd aanwezig in Kaurismäki’s films.

S. KUOSMANEN: Inderdaad, met THE OTHER SIDE OF HOPE laat Kaurismäki zien dat hetzelfde kunstwerk op een of andere magische manier tegelijkertijd komedie, drama en satire kan zijn.

En in die scène waarin Wikström zijn echtgenote verlaat wordt geen woord gesproken.

S. KUOSMANEN: Mijn personage wordt eerst op een afstand gefilmd en zodra de camera dichterbij komt, laat ik mijn magie werken met een blik als Bette Davis (lacht) ... Nee, met je ogen en met fijne details in je mimiek kan je zoveel vertellen.

In tegenstelling tot bombastische films laat Kaurismäki’s werk acteurs ook toe om op die details te werken.

S. KUOSMANEN: Sherwan en sommige andere acteurs konden af en toe ‘acteren’, maar mijn personage Wikström moest echt een pokerface hebben. Na The Man Without a Past schreven de critici in Finland dat ik als acteur maar één gezicht heb. En, nu ja, in THE OTHER SIDE OF HOPE heb ik er wel drie ... Mijn pokerface, mijn bebloede gezicht nadat het personage Khaled (gespeeld door Haji nvdr) me een vuistslag heeft gegeven en mijn gezicht nadat ik in een pokerwedstrijd geld heb gewonnen, want dan verschijnt er een kleine glimlach om mijn mond. Na de opnames zei Kaurismäki: “Je zal iedereen omverblazen, met die glimlach!” Het moet wel de eerste keer zijn dat ik glimlach in een Kaurismäkifilm ... Het kan er misschien eenvoudig uitzien, maar het is zeer intens om tijdens elk shot een gezicht te hebben “als een beeldhouwwerk van iemand met een psychische aandoening”, zoals het in het script beschreven staat.

S. HAJI: Mij is vooral de eenvoud opgevallen waarmee Kaurismäki de zaken neemt zoals ze zijn. Hij houdt de boel draaiende, put de acteurs niet uit door hen zaken eindeloos te laten herhalen. We vroegen weleens om een bepaalde scène nog eens te kunnen doen, maar dan zei hij: “Kom op, wees niet zo perfectionistisch. Het is goed.”

En dat terwijl zijn films er altijd onberispelijk uitzien.

S. HAJI: Inderdaad, soms komt het er echt op aan in welke richting een koffiekopje staat of waar een sigarettenpeukje ligt. Of welke kleurschakering een muur heeft.

S. KUOSMANEN: We stonden eens klaar om een scène in het kantoor van mijn personage Wikström te filmen, met alle lichten en dergelijke op hun plaats, tot Kaurismäki op de set kwam en meteen zei dat de muur in een andere tint geschilderd moest worden. Dan zijn we dus maar een andere scène gaan filmen.

S. HAJI: Het is echt fascinerend hoe zelfs de allereerste versie van het scenario geen enkele oppervlakkige beschrijving bevat. Elke zin roept meteen een duidelijk beeld én een gevoel op.

Kaurismäki creëert een wereld die hem eigen is, maar die tegelijkertijd sterk verbonden is aan hedendaagse problemen.

S. HAJI: Dat is precies waar zijn films volgens mij om draaien. Voor mij was THE OTHER SIDE OF HOPE niet alleen een fantastische ervaring op professioneel vlak, maar ook op menselijk vlak. Ik heb een troep mensen ontmoet, geleid door Kaurismäki, die nog in morele principes geloven. Dat is zeldzaam tegenwoordig. Dat iemand, met al die waanzin overal om ons heen, nog opstaat en zegt: Laten we er iets aan doen. Of dat tenminste probeert. Zelfs als je er humoristisch tegen aankijkt, geeft dat hoop.

Het personage Khaled heeft zijn familie moeten achterlaten in Syrië en de enige andere overlevende, zijn zus, is niet bij hem. Wikström kiest ervoor om zijn vrouw te verlaten. Beide personages komen van een heel andere achtergrond, zijn op zoek naar een betere toekomst en vinden die in een soort alternatieve familie.

S. KUOSMANEN: Deze film gaat echt over geluk, in tegenstelling tot pech, en over humanisme, waarbij heel verschillende soorten mensen elkaar ontmoeten. Aan ‘de andere kant’ heb je wapen- en drugsdealers, maar er zijn ook alle normale mensen. Op de voorpagina van het script staat een kort zinnetje dat als slogan diende voor de hele filmploeg: “Mijn paard kan je over de berg heen dragen, maar niet je zwaard en je harnas. Daarom liggen we nu allebei dood op de bodem van het ravijn.”

De personages in Kaurismäki’s films zijn altijd onderweg, op zoek naar geld, werk, eten, onderdak, liefde ...

S. HAJI: Ik beschouw Kaurismäki als een hedendaagse Don Quichot. Met Sakari als Sancho Panza (lacht).

En wie is dan de ezel?

S. HAJI: Ik misschien wel!

Interview – Brussel, 17 maart

Beeld: Sherwan Haji en Sakari Kuosmanen in THE OTHER SIDE OF HOPE

Geschreven door BJORN GABRIELS

Interview: Sherwan Haji en Sakari Kuosmanen over The Other Side of Hope

22/03/2017
Regisseur: 
Scenario: 
Genre: 
Productiejaar: 
2017
Distributeur: 
Cinemien

Media: 

onomatopee