Isle of Dogs

Het Trumptijdperk inspireert de Amerikaanse onafhankelijke filmmaker Wes Anderson om, in na zijn 'Fantastic Mr. Fox' tweede stop-motionavontuur, voor het eerst een politiek geladen fabel te vertellen. Al blijft zijn Japanse animatie dystopie ISLE OF DOGS vooral speels en aaibaar. Anderson kwispelt en blaft maar laat het grommen en bijten achterwege.

“De film is een ode aan honden”, zeggen de animatoren van ISLE OF DOGS in de making-of en er is duidelijk even liefdevol als nauwgezet gewerkt aan het tot leven brengen van Chief, Boss, King, Rex, Duke, Nutmeg, Spots en andere honden. Voor wie daaraan moest twijfelen, is een blik achter de schermen leerrijk. Om zowel de honden als hun universum echt en fysiek te houden is er veel zorg besteed aan het maken van silicone poppen, het bouwen van sets en het vatten van beweging en articulatie via stopmotionanimatie.

“Je tracht te bekijken hoe je de wereld van de film laat kloppen,” zegt de bouwer van werelden Wes Anderson (The Life Aquatic with Steve Zissou, Fantastic Mr. Fox, Moonrise Kingdom, The Grand Budapest Hotel), “wat juist is voor het verhaal, wat werkt voor de stemmen, en ook waar je mee kunt spelen.” Liefde voor honden was niet zijn belangrijkste motivatie. “Ik groeide tot mijn 14 op met honden,” zegt Anderson in Le Monde, “maar mijn coscenaristen Roman Coppola en Jason Schwartzman houden véél meer van honden. Het is vooral onze liefde voor Japan en zijn cinema die ons samenbracht. Dit gezegd zijnde, het vertrekpunt was wel hondgerelateerd. In Londen passeerde ik dagelijks langs een gebied dat Isle of Dogs heet (een schiereiland in een van de bochten van de Thames) en daarvan vertrokken we om een verhaal te verzinnen.”

ISLE OF DOGS speelt in een dystopisch Japan waar een corrupte leider een megalopolis regeert. Zijn draconische beleid is gebouwd op angst, terreur (met hondenziekte als zorgvuldig in stand gehouden gevaar) en manipulatie van de bevolking via populisme en demagogie. “De film vindt plaats in twee zeer verschillende werelden”, aldus Anderson in de making-of. "Er is de stad Megasaki, 20 jaar in de toekomst. De burgemeester, lid van de kattenminnende Kobayashi-dynastie, is een campagne gestart om alle honden te verbannen. Ze worden naar een andere wereld gestuurd, een vuilnisbelt op Trash Island die bestaat uit afval, ijzer, papier en God mag weten wat.”

Zogezegd uit solidariteit met hondeneigenaars deporteert de burgemeester zijn eigen hond als eerste naar het eiland vlak voor Megasaki. Zijn adoptiezoon, de twaalfjarige Atari, start een eenmansreddingsmissie om zijn enige vriend te redden. Na een crashlanding met een vliegtuigje (ja, er is een link met Carpenters Escape from New York) maakt hij op het vuilniseiland kennis met een roedel alfahonden die helpen in zijn zoektocht naar Spots (Chief: “We won't find the dog, but we will die trying”; Rex: “Not a bad way to go.”). Ondertussen ontdekt een uitwisselingsstudente in Megasaki dat de burgemeester wel erg ver wil gaan om een door een wetenschapper ontwikkeld serum geheim te houden. Tracy ontpopt zich tot een volksmenner en dat zal nodig blijken om een enorm aantal hondenlevens te redden.

Wes Anderson breekt niet met het antropomorfisme van Disney. De vermenselijking van honden die 101 Dalmatiërs en Lady en de vagebond typeert, kleurt ook ISLE OF DOGS, maar in Andersons filosofische, zelfbewuste sprookje fungeren de honden als een soort bemiddelaar tussen mens en dier, natuur en cultuur, leven en dood. Honden zijn hier geen mensen in een andere vorm, maar eerder symbolen, spiegels waarin zowel mens als dier uitvergroot te bekijken is. Blik en perceptie komen daarbij in beeld. Net als in een van de verklaringen die wetenschappers ontwikkelden om de speciale relatie tussen de mens en zijn 'beste vriend' te duiden. De hond zou volgens onderzoek het enige dier zijn dat de intenties van mensen kan lezen door de veranderingen in hun oogwit te observeren. Dat terzijde, Wes Anderson wil ons via het benadrukken van de blik vooral duidelijk maken dat we ISLE OF DOGS moeten lezen als een allegorie op het Trumptijdperk.

Het demoniseren en uitsluiten van de 'gevaarlijke' honden staat voor de aanpak van populistische leiders die xenofobie en angsten gebruiken om migranten en minderheden onmenselijk te behandelen. Dat de openluchtgevangenis van de honden een mega vuilnisbelt is, kan geen toeval zijn: in een wereld die de natuur en grondstoffen transformeert in afval worden ook mens en dier afval. Anderson geeft zijn politieke stellingname slechts schoorvoetend toe: “Zoals Luis Buñuel wil ik niet weten waar mijn films vandaan komen, maar wat ik beleef, duikt onvermijdelijk op in mijn films. Er is een gedemoniseerde groep, de honden, en een grote groep, de mensen, die gemanipuleerd werden om hen te verbannen. Dat keert steeds terug in de geschiedenis. Ik ben met de jaren gaan beseffen dat filmmakers een zekere verantwoordelijkheid dragen. In ISLE OF DOGS geven jongeren blijk van meer moed en moreel besef dan ouderen. Dat is wat er momenteel aan het gebeuren is in de VS.”

De politiek geladen allegorie maakt van ISLE OF DOGS nog geen harde aanklacht of oerernstig drama. Wes Anderson knutselde een minder koele film dan gebruikelijk in elkaar, maar hij bewaart wel zijn droge humor, zijn speelse stijl en zijn melancholische toon. Resultaat is een film die eerder oproept tot empathie dan tot woede, die eerder aanzet tot reflectie dan tot rebellie. Een film die je 101 minuten laat glimlachen en bewijst dat kijkplezier niet synoniem hoeft te zijn voor hersendodend vertier.

FILM: **** / EXTRA'S: ** (documentaires). Meer dvd-, blu-ray- en VoD-besprekingen en -themastukken in print.

Geschreven door IVO DE KOCK

Isle of Dogs

Regisseur: 
Scenario: 
Genre: 
Productiejaar: 
2018
Distributeur: 
Fox

Media: