J. Edgar

“Wat me boeide in het verhaal van J. Edgar Hoover? De parallellen met het heden en de angsten die onze samenleving in hun greep houden”. Hoewel veteraan-regisseur Clint Eastwood zo aangeeft oog te hebben voor de hedendaagse relevantie van het levensverhaal van de omstreden FBI-directeur is deze biopic meer een psychologische karakterstudie dan een politiek drama, meer een amour fou-verhaal dan een j'accuse.

J. EDGAR is een impressionistisch portret van een mysterieuze mythische figuur die zich bewust was van de kloof tussen imago en identiteit. Iemand met een obsessie voor geheimen en een passie voor speurwerk. “Een publiek figuur”, volgens Eastwood,”al kenden slechts twee mensen -Clyde Tolson en Helen Gandy- hem echt. Zo wou hij het ook. Hij hield van vertrouwelijke informatie, van geheimen en bleef zo jarenlang machtig”. Hoover is een Amerikaans icoon die bij de cineast zowel bewondering (omwille van zijn energie) als afschuw (omwille van zijn boosaardigheid) opwekt.

Sinds Bird en Unforgiven toont Eastwood via 'acterende', met het eigen zelfbeeld worstelende en zwart-wit denkende personages aan dat de realiteit complex is en een menselijke persoonlijkheid door tegenstrijdige impulsen wordt gevormd. Geen toeval dus dat een sublieme Leonardo DiCaprio uitwendige metamorfoses koppelt aan inwendige malaise, explosiviteit aan tristesse.

"What determines a man's legacy is often not seen" zegt een om zijn erfenis bekommerde Hoover die in het begin van J. EDGAR in de jaren 70 zijn memoires dicteert. We volgen zijn gekleurde, selectieve herinneringen vanaf de jaren 20. Alles start met een trauma, veroorzaakt door bomaanslagen van anarchistische radicalen, wat Hoover aanzet om te vechten tegen 'het rode gevaar'. Wanneer een medewerker oppert “we onderzoeken misdaden, geen ideeën” verkondigt Hoover zijn missie: “I hold the wellbeing of our country as paramount”.

Om “het Amerikaanse volk en de American way te beschermen” eist hij van agenten morele onwrikbaarheid én een onberispelijke look. Een sterk imago levert immers macht op. Hoover grijpt de ontvoering van de Lindbergh baby aan om wetenschappelijke onderzoeksmethodes te introduceren, het gangsterisme om zijn organisatie een federaal agentschap te maken en de Koude Oorlog om het ficheren van 'vijanden' te rechtvaardigen. Hoover slaagt erin de publieke perceptie te wijzigen (via film de sympathie voor gangsters te veranderen in sympathie voor G-men) en zichzelf in een heldenrol te duwen.

Zijn “this was a we-job, not an I-job” na een 'eigenhandige arrestatie' klinkt dan ook vals. “De bewondering van de natie is genoeg voor mij” - als reactie op zijn magere sociale leven en onzichtbare homoseksuele relatie met alter ego Clyde Tolson - lijkt oprechter. De megalomane tiran die wou overkomen als een superheld heeft nood aan erkenning, aan menselijke warmte. “I need you” schreeuwt Edgar wanneer Clyde boos opstapt.

Eastwood belicht niet alleen de menselijk- maar ook de onmenselijkheid van Hoover: zijn problematische relatie met geweld, rechtvaardigheid, macht en manipulatie. Maar vooral de manier waarop hij paranoia in de Amerikaanse droom injecteerde. Via het “wij versus hen” concept (een vijandbeeld met de ander als het absolute kwaad) polariseerde hij de samenleving en creëerde een permanente voedingsbodem voor angst. Angst voor communisten, zwarten en homo's, naadloos overlopend in angst voor terroristen omdat het een angst was voor alles wat de onveranderlijkheid bedreigt. Net zoals in de Hollywoodfilms van de jaren 50 wordt het ontstaan van die paranoia psychologisch verklaard.

Eastwood verbindt Hoovers fobieën (zijn nood te memoriseren en klasseren) met verdrongen homoseksuele gevoelens en een moederfixatie. Een chaotische, zieke geest voedt een obsessief, geordend professioneel leven. Een cocktail van frustraties, verlangens en geheimen drukt zijn stempel op de tijdgeest en is er tegelijk de afspiegeling van. Hoover was immers de vleesgeworden angst voor een existentieel gevaar. De schaduw van de moeder van alle revoluties, de Russische omwenteling van 1917, hing over de kruistocht van de reus die een dwerg bleef in de kamer van zijn moeder.
 

Geschreven door IVO DE KOCK

J. Edgar

12/01/2012
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2011
Distributeur: 
Warner

Media: 

Trailer: 

uZMT0j2Hr9M

onomatopee