Lydia Chagoll, een persoonlijk in memoriam

Een gedreven cineast is niet meer. Bij het overlijden van Lydia Chagoll schrijft auteur, docent en documentairemaker Jan-Pieter Everaerts een persoonlijk afscheid.

De ene mens verschijnt, de andere mens verdwijnt. Dat dacht ik dinsdagochtend 8 juli nadat ik van een vriend vernam dat ‘good old’ Murray Bookchin zowaar ooit een dochter op de wereld had gezet – of ja, daar toch zijn actieve medewerking aan had verleend … – waarna ik las dat Lydia Chagoll overleden was. Dat gebeurde eigenlijk al twee weken geleden. Ze stierf op 23 juni in haar woning in Overijse.

“Chagoll overleefde de nazi’s, de Jappenkampen en wijdde haar leven aan de kunst en het verzet tegen onderdrukking en dictatuur”, kon je lezen in een artikel in De Standaard dat ook leerde hoe ze aan haar merkwaardige familienaam kwam. Want geboren werd ze als Lydia Aldewereld, “de jongste dochter van een Nederlands-Joods gezin. Ze werd Lydia Chagoll in 1951, toen ze haar eerste recital danste. ‘Ik had een Pools-Joodse danseres gezien, een soliste, Chaja Goldstein’, verklaarde Chagoll in een interview met De Standaard. ‘Ik zei: als ik ooit danseres word, neem ik van haar voornaam de ‘cha’ en van haar achternaam de ‘goll’ als eerbetoon.’”

Dat ik Lydia leerde kennen kwam door haar man, de cineast Frans Buyens. Met hem raakte ik bevriend tijdens de opzoekingen voor mijn eerste boek, Oog voor het echte, het verhaal van de Vlaamse documentaire film, televisie en video (BRT, 1987). Over hem zou ik vervolgens het boek Frans Buyens filmstormer schrijven (Klaproos, 1990) en een BRT-Moviola-reportage draaien waarover hij zeer in zijn nopjes was.

Uit die jaren herinner ik me hoe ik heelder dagen in de Rue du Marteau in Brussel, in het halfduister naar Frans en Lydia’s documentaires over en rond de Tweede Wereldoorlog en de concentratiekampen zat te kijken. Vooral Lydia’s documentaire In naam van de Führer, over wat de nazi’s de kinderen aandeden, was een zware. De beelden van joodse kinderen in gevangenisplunje en met een kampnummer op hun armpjes getatoeëerd, die vergeet je nooit. Maar bandiet Hitler liet zich wel graag filmen terwijl hij kinderen aanhaalde. Saddam Hoessein zou het later ook doen, met kinderen van gegijzelde westerlingen.

Het cineastenduo Buyens-Chagoll

Beetje bij beetje leerde ik via Frans ook Lydia kennen. Frans was voordien al getrouwd geweest en had uit die relatie een dochter, Eva Kant, die nog in zijn speelfilms acteren zou. Met Lydia vormde hij vanaf de jaren 70 een echt filmduo; 31 jaar lang waren ze partners én filmcompagnons. Samen maakten ze onder andere Minder dood dan de anderen, met Dora Van der Groen en Senne Rouffaer, een film die mee de Belgische euthanasiewetgeving erdoor gekregen heeft. Frans vertelde me hoe met name de liberale politicus Patrick Dewael zich voor de film en de wetgeving engageerde.

De laatste film die Frans draaide, handelde over Lydia. “Mijn meest vereenvoudigde film ooit”, lachte hij op de avond van de première. In Het kleine blanke meisje moest buigen voor keizer Hirohito (2003) zien we het grootste deel van de tijd Lydia voor een muur zitten terwijl we haar requisitoir horen tegen oorlogsmisdadiger Hirohito. ‘Keizer’ noemde dat heerschap zichzelf en de Japanners waren zo dom om zich voor hem dood te vechten in een oorlog die half Azië in vuur en vlam zette. Een oorlog waar ook Lydia het slachtoffer van werd, want nadat ze als joods kind uit Nederland was weggevlucht voor de nazi’s kwam ze via een reis langs zuidelijk Afrika terecht in de Jappenkampen op toenmalig Nederlands Indonesië. Die waren al even vreselijk als die van de hitlerianen. Onvoorstelbaar racistisch ook tegenover de blanken, die gedwongen werden zichzelf als honden te zien.

Hirohito was ongetwijfeld een crimineel hors catégorie. Maar de manier waarop Lydia de dode keizer ervan langs gaf, deed me op een bepaald ogenblik denken: als ze zo nog even doorgaat, ga ik nog compassie krijgen met Hirohito. Ik schreef dat destijds ook in een bespreking van de film en Lydia nam het me gelukkig niet kwalijk. Tja, ze kon hevig zijn.

Een breuk om eigenlijk ‘niets’

Toen Frans begin 2004 overleed, reed ik naar Overijse om er een zondagnamiddag Lydia bij te staan. Nadien organiseerden Sacha Kullberg en ik een afscheidsgebeuren voor de vrienden van Frans, in Cinema Nova. Lydia waardeerde dat sterk. Die zomer draaide ik met Sacha voor de Buyens-Chagoll-dvd-collectie nog de korte documentaire Breendonk, naziterreur in België. Dat had ik beloofd aan Frans, maar ik was wat blij toen ik de afgewerkte montage bij Studio L’Equipe kon achterlaten. Ook al omdat ze het me thuis verweten weer gratis aan het werk te zijn rond iets waar geen mens nog aan herinnerd wil worden. Met name hoe tijdens de nazibezetting vaak de ‘Vlaamse’ SS’ers het meest beestachtig hun eigen landgenoten folterden. Als ik nu Blokkers bezig hoor …

Lydia maakte zich destijds echter kwaad dat ik de documentaire achterliet zonder haar goedkeuring te vragen. Moest dat? Ze ging zelf aan het hermonteren, wat ik niet hebben kon. Een paar boze faxen over en weer en dat was dat. Nadien zouden we wel nog een avond gezellig samen doorbrengen toen Sacha haar documentaire Une philosophie des yeux fermés in 2012 in Brussel in avant-première ging. Meer contact hadden we niet meer. Jammer, want twee jaar later maakte Lydia een documentaire die ik zelf nog had willen maken, over de vervolging van zigeuners: Ma Bister. In 2018 volgde nog haar film Felix Nussbaum, schilder. Nu is ze er niet meer. Begraven in Temse, aan de zijde van ‘haar maatje’.

Frans kon ik net voor zijn dood nog opzoeken en bij het afscheid omhelzen met de woorden dat hij “voor altijd mijn geestelijke vader” blijven zou. Waarop Frans: “Het is tijd dat je nu zelf vader wordt.” Toen glimlachte ik. Maar neen, “voor de glimlach van een kind” (de titel van een film van Lydia en van haar vzw) wil ik wel werken, maar niet voor een ‘eigen kind’. Want wat het mensdom zichzelf (en ook de andere dieren op aarde) aandoet, dat hebben de films van Frans en Lydia me meer dan voldoende onder ogen gebracht. En zie: zelfs als we elkaar eigenlijk graag zien, zoals ik Lydia echt waarderen kon, zijn we nog vaak onbekwaam om gewoon goede relaties te onderhouden. Jammer. Heel jammer, maar het zal zich wellicht nog miljarden malen herhalen … Zal er iemand een les trekken uit dit getuigenissetje?

Beeld: Lydia Chagoll © Cinergie

Geschreven door JAN-PIETER EVERAERTS

Lydia Chagoll, een persoonlijk in memoriam

Media: 

onomatopee