Mati Diop over Atlantique

Met ATLANTIQUE was de Frans-Senegalese Mati Diop de eerste vrouwelijke cineast van Afrikaanse afkomst in de hoofdcompetitie van Cannes. Haar langspeeldebuut is een intrigerende mix van ongrijpbare sfeerzetting en sociaal-economische analyse. Onbeschaamd materialistisch zoeken jonge vrouwen in Dakar een betere toekomst voor zichzelf, nu heel wat jonge mannen de oversteek naar Europa hebben gewaagd, al dan niet succesvol.

Terwijl jonge Senegalese mannen Dakar ontvluchten naar Europa, blijven hun vrouwelijke leeftijdsgenoten achter in een lege strandbar. Vele van de jongens vinden een zeemansgraf onderweg naar hun verhoopte toekomst. In Mati Diops ATLANTIQUE verschijnen ze opnieuw, als geesten, bij de bouwheren die luxueuze gebouwen neerzetten op hun bloed en zweet. Tussen deze kapitalistische uitbuiting groeit ook een liefdesverhaal tussen Ada en Souleymane, al is er voor haar een huwelijk gearrangeerd met een rijke zakenman en verdwijnt hij plots op een bootje naar Europa.

Je openingsscène legt meteen de vinger op een tragische paradox: we zien in Dakar een immens gebouw naast de kwetsbare werk- en leefomstandigheden van de arbeiders. Is de grote glazen toren die we zien een toekomstbeeld van Dakar?

MATI DIOP Ik begin de film met de sociale, economische en politieke situatie. Zo leg ik uit waarom de jonge mannen gedwongen worden te vertrekken. De gigantische toren belichaamt inderdaad een hypothetische toekomst, maar die toekomst hoeft niet bewaarheid te worden. De toren is geïnspireerd op de architectuur in Dubaï en is gericht op het leven van de superrijken. De arbeiders die er werken, hebben er geen plaats. Het is een slavenwerf die hen niet betaalt. De vraag is welke lichamen de nieuwe stad bouwen. En of ze worden gerespecteerd. Dat is niet het geval.

Het gebouw wordt de mirakeltoren genoemd, maar zal uiteindelijk een monument voor de doden worden. Aan het einde van de film zegt een bezeten personage: “Als je naar de hoogte van de toren kijkt, denk je aan onze lichamen op de bodem van de oceaan.” Via de toren kan ik over dat type geweld praten, over de groeiende kloof tussen de arm en rijk. Daarbij gaat de ene kant steeds hoger en de andere steeds lager. De meest fragiele mensen moeten hun leven in de weegschaal leggen om elders werk te zoeken. Die dynamiek zit niet alleen in het discours, in de woorden, maar ook in de fysieke ruimte.

Waarom vertel je de migratie van de jonge mannen vanuit een vrouwelijke standpunt?

M. DIOP Alleen zo kon ik vanuit mijn eigen standpunt over migratie praten. Ik wilde spreken vanuit wat ik zelf voelde. Niet dat ik een naaste heb verloren op zee, maar het heeft me wel geraakt die situatie van dichtbij te zien. Ik was geschokt, bedroefd, alsof het om familieleden ging en ik wilde uitgaan van die gevoelens. Toen ik mijn eerste korte film (Atlantiques, nvdr) in 2009 opnam in Dakar, vertrokken jonge mensen volop naar Barcelona, of naar de dood. Ik woonde toen niet in Dakar, maar de weinige momenten dat in die periode daar was, waren heel belangrijk voor mij. Ik heb gesproken met jonge mensen die op het punt stonden te vertrekken. Wat ik hoorde, heeft grote indruk op mij gemaakt. Daarnaast maakte ik me ook zorgen over hoe media de situatie van de migranten extreem abstract en ontmenselijkend behandelt. Voor mij was er maar één manier om erover te praten en dat was deze.

Tot nu maakte je korte en middellange films met een documentaire, essayistische inslag die ook over migratie gingen.

M. DIOP Ja, Atlantiques en Mille soleils stellen ook het thema migratie aan de orde. In de eerste vertelt een jongeman over zijn eigen ervaring bij de oversteek van de oceaan. Mille soleils gaat in gesprek met een film uit de jaren 70 (Touki Bouki van Diops oom Djibril Diop Mambety, nvdr). Toen vertrokken de jongeren in een heel andere gemoedstoestand uit Senegal, meer vanuit de wil om zich elders heruit te vinden, om iets anders te ontdekken, meer om op avontuur te gaan. De migratie van de jongeren in de jaren 2000 is veel wanhopiger.

In ATLANTIQUE komt er nog een ander standpunt bij. Die gaat meer om de ervaring van wie achterblijft en de manier waarop migratie ons transformeert. Het is ook mijn verhaal. Mijn vader is een immigrant, ik ben een dochter van de diaspora. Migratie gaat niet alleen over vertrekken, maar ook over terugkeren naar je oorsprong.

Waarom koos je nu voor een lange fictiefilm?

M. DIOP Dat is deel van een natuurlijk proces als filmmaker, denk ik. Al zal het me niet verhinderen om in de toekomst terug te keren naar korter werk. Na Atlantiques merkte ik dat ik nog niet uitverteld was over het onderwerp migratie. Ik wilde die film verder, langer en dieper ontwikkelen en bovendien wilde ik een iets breder publiek aanspreken. Ik hou heel veel van het korte formaat, maar dat richt zich meer op een cinefiel publiek en de impact ervan is vrij klein. Ik vond dat het thema migratie zoals ik erover wil vertellen een langspeelfilm en ook meer aandacht verdient. Wat er is gebeurd, vraagt daarom. Ik voelde ook dat ik een blik op de situatie kon brengen die nog niet was getoond. Dat is ook belangrijk voor een eerste lange film: dat je iets presenteert dat alleen van jezelf kan zijn.

Naast migratie zijn ook het huwelijk, de liefde en de partnerkeuze een onderwerp van ATLANTIQUE. Staan die in West-Afrika onder westerse invloed?

M. DIOP Ik denk dat de hele wereld onderworpen is aan een westerse invloed. Het westerse of beter het kapitalistische model blijft een krachtige aantrekkingskracht uitoefenen. De situatie in de film is eerder een regeling tussen families, wat voorkomt in veel landen in de wereld, zelfs in het Westen. De jonge vrouw Ada wordt niet gedwongen, ze weet heel goed wat ze doet: ze trouwt met Omar omdat hij haar sociale status zal verhogen. In Franse bourgeoiskringen wordt ook veel gesproken over arrangementen. In vele culturen is het huwelijk een sociaal pact, slechts zelden gaat het om een vereniging vanuit een zuivere, onbaatzuchtige liefde. Voor mij was Ada’s verhaal een voorwendsel om te praten over de emancipatie van jonge vrouwen in een bepaald sociaal kader. Ik wilde laten zien hoe geld en sociale druk een enorme druk leggen op hen. En hoe die een zuivere, onschuldige liefde zoals die van Ada en Souleymane onmogelijk maakt. Het kapitalistische geweld houdt menselijke, amoureuze relaties in zijn greep.

Je hebt de dynamiek onder de jonge vrouwen beschreven als “afrokapitalistisch neofeminisme”. Hoe verbind je die twee concepten?

M. DIOP Het discours van bepaalde jonge vrouwen in Dakar heeft me behoorlijk verrast. Ze erkennen en zijn bijna trots op het profiteren van rijke mannen. Ze laten zich zonder scrupules onderhouden. Op een voor mij bijna komische manier destabiliseren ze mijn morele principes. Deze vrouwen nemen wraak door nog cynischer te zijn dan de mannen die hen mishandelen en door zonder schaamte te teren op hun geld. Ze hebben een vorm van zelfspot waarvan ik veel houd. In de film nemen ze een plek in die niet goed of fout is. Ze nemen gewoon hún plek in.

Je film eindigt met de zin “Ada, aan wie de toekomst toebehoort.” Wat wilde je daarmee zeggen?

M. DIOP De toekomst behoort aan Ada omdat ze in staat zal zijn om haar eigen geschiedenis te schrijven. En dat was echt heel belangrijk voor mij. Die visie evolueerde tijdens het schrijven van het scenario en is ook gekoppeld aan een persoonlijke evolutie. Tijdens de opnames heb ik het slot nog herschreven, omdat ik me realiseerde dat ik voor mijn vrouwelijke hoofdpersonages een echte emancipatie moest kiezen. Ik heb veel van mezelf in dat personage gestopt. Wat ik voor haar wens, wens ik voor mezelf en voor alle vrouwen. Ongeacht je sociaal-culturele context of waar je vandaan komt, iedereen heeft een weg naar emancipatie af te leggen. In Ada’s stem aan het einde klinken de stemmen door van vele vrouwen. Het is een soort collectieve verschijning.

Brussel, 26 november 2019

Beeld (bovenaan): Mame Bineta Sane in Atlantique

Geschreven door AMINATA DEMBA & BJORN GABRIELS

Mati Diop over Atlantique

04/12/2019
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2019
Distributeur: 
Cinéart

Media: 

onomatopee