Noah

Mr. Aronosfky goes to Hollywood. Darren Aronofsky mag dan misschien wel een Amerikaan zijn, zijn vorige films waren alles behalve mainstream. We herinneren ons na Pi (1998) de fenomenale Requiem For A Dream (2000), gevolgd door pareltjes zoals (de ondergewaardeerde) The Fountain (2006), The Wrestler (2008) en Black Swan (2010). Met als grote uitdaging om met zijn nieuwste film NOAH deze laatste te overtreffen, een film die onverwacht een succes werd. Aronofsky probeert dat te doen door een bijbels epos, dat amper is verfilmd, tot zijn meest epische én Hollywoodse film om te dopen. Maar liefst zestien jaar is hij bezig geweest met het project; het lijkt vanzelfsprekend dat hij het groots zag.

Hij overschreed ruim het beoogde budget en gaf meer dan 125 miljoen dollar uit. Als gevolg maakte de studio Paramount zich serieus zorgen over deze investering en ging de strijd aan met Aronofsky met het oog op de finale versie. De studio organiseerde een dozijn testscreenings met een onafgewerkte film en zelf gemonteerde versies, zeer tegen de zin van de filmmaker uiteraard. Al deze versies lokten grotendeels negatieve reacties uit en dus bleef Paramount met dicht geknepen billen achter. Uiteindelijk kwamen ze terug op hun beslissing; Aronofsky kreeg het laatste woord. Zonder dat iemand de film al had gezien, waren de gemoederen intussen hoog opgelaaid. In Bahrein, Egypte, Qatar en enkele andere islamitische landen werd de film verboden en Aronosfky zag een nog niet eerder geziene controverse ontstaan.

Van meet af aan was hij vastberaden het originele bijbelse verhaal als basis te nemen, maar mits in de bijbel maar enkele pagina’s aan Noahs queeste wordt besteed, was er veel ruimte tot eigen invulling. Volgens Aronofsky gaat het verhaal niet alleen over Gods keuze om Noah te recruteren en het reine (de dieren) van het onreine te scheiden om door een zondvloed deze laatste van de aarde te vegen, inclusief de mens. Het verhaal gaat meer dan ooit over de ecologische voetafdruk van de mens en is dus zeer actueel. Daarmee schopt hij tegen de schenen van vele gelovigen die in Noah allesbehalve een milieuactivist zien. Aronofsky kennende, weten we dat hij nooit mooi binnen de lijntjes kleurt. Toch is het duidelijk dat het hem bloed, zweet en tranen heeft gekost om NOAH toch maar zijn eigen label te geven. Is dat de reden waarom zijn versie vol tegenstrijdigheden zit?

Realisme en fantasie blijken hier onverzoenlijk. Enerzijds schetst Darren Aronofsky de meest menselijk vorm van Noah die er maar mogelijk is. Met Noah én elke film uit Aronofsky’s oeuvre tot nu toe, zouden we de naam van elk hoofdpersonage kunnen vervangen met die van de mythische Icarus: personages die in hun doel veel te ver gaan en des te harder in de dieperik tuimelen. In plaats van een Noah te portretteren die door en door goed is en daarom Gods uitverkorene is, verandert Noahs blinde vertrouwen in God hem net daarin waar De Schepper de wereld net van wilt bevrijden.

Aronofsky’s invulling bestaat vooral uit een fantasiewereld die in het begin te veel doet denken aan ‘Lord of the Rings’, en dan in het bijzonder Aronofsky’s eigen inbreng van ‘The Watchers’. Het lijkt eerst een misplaatste verwijzing naar de ‘Ents’ uit Lord Of The Rings: The Two Towers: beiden wandelende en brommende reuzen die tegen hun wil hun verantwoordelijkheid moeten opnemen in een oorlog. De manier waarop de legende van The Watchers wordt verteld, is nog enigszins aanvaardbaar. Al die fantastische verhaaltjes, gecombineerd met magie, wetenschap en religie zijn misschien mooi als losstaande sprookjes voor het slapengaan, maar doen gekunsteld aan in het bijbelverhaal van Noah en zijn ark. De focus op een zo menselijk mogelijke Noah en het actuele thema zijn interessant genoeg; het fantasygedeelte daarentegen doet daar alleen maar afbreuk aan.

Deze keuzes laten merken dat er geprobeerd is een gezonde balans tussen magie en wetenschap te houden maar daar slaagt de film niet echt in. We hebben het gevoel dat Aronosfky ondanks alles toch net iets te veel toegevingen heeft gedaan.  Zo wordt bijvoorbeeld het scheppingsverhaal uit de bijbel geciteerd, maar zien we visueel de evolutietheorie van Darwin. Geniaal! Tot de sequentie evenwel besluit met het aards paradijs en daarin een glow-in-the-dark Adam & Eva. De creationisten, die waarschijnlijk even ongelovig hun ogen uitkeken toen ze zagen dat hun scheppingsverhaal schaamteloos werd vergeleken met het (volgens hen) onjuiste Darwinisme, zijn gerustgesteld.

Aronofsky’s inbreng om Noah te voorzien van hout op een door de mens verwoeste aarde is (cinematografisch) adembenemend. Het oude testament dat in een notendop wordt verteld dankzij animatie-achtige beelden, Noahs vormgegeven visioenen en ja zelfs the Watchers als beschermers van de ark, wanneer deze in het heetst van de strijd wordt bestormd, zijn op dat moment zeer origineel te noemen. Opgelucht halen we adem wanneer we Aronofsky’s gebruikelijke aftasten van de grenzen zien. De scène waarin Tubal-Cain erin slaagt om toch met de ark mee te varen bijvoorbeeld. En in zijn pleidooi naar Ham toe (Noahs zoon), vragen we ons af of de Schepper het zélf niet hoog in zijn bol had toen hij de mens creëerde.

Aronofsky-gewijs is het zeker niet zijn beste werk. De film toont evenveel diepte- als hoogtepunten, evenveel uitgewerkte ideeën als onuitgewerkte en evenveel vraagtekens als antwoorden. Op blockbusterniveau steekt NOAH met kop en schouders boven tal van andere films uit. Voor de ware filmliefhebber zal de vraag echter blijven nazinderen hoe NOAH zou geweest zijn zonder al die afremmingen tijdens het productieproces. We gokken op: beter.

Geschreven door JULIE MISTIAEN

Noah

09/04/2014
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2014
Distributeur: 
Sony

Media: 

Trailer: 

EN8tnXM1WUI

onomatopee