Rodin

“In de hiërarchie van de materialen voor een beeldhouwwerk stond goud bovenaan, dan steen en brons en ten slotte aarde. Ik heb die rangschikking omgedraaid. Bij mij staat aarde bovenaan”, zegt Auguste Rodin (1840-1917) in Jacques Doillons film, die precies honderd jaar na het overlijden van de beeldhouwer in de zalen komt. In het camerawerk van Christophe Beaucarne domineert dan ook de soberbruine tint van natte klei, hier en daar uitgelicht door een felle, witte straal, nodig voor het creatieproces. Of vervagend naar het wit van de vele gipsen modules in zijn atelier.

RODIN is dan ook vooral een film over het atelier van de kunstenaar, die met zijn modellen, vormen, pinnen en materialen voortdurend op zoek is naar de juiste vormgeving. Doillon richt zijn aandacht op Rodins eigen techniek en bijna manufacturale methode om met een modern negentiende-eeuws productieproces de strenge academische normen van toen te overstijgen. In de veelomvattende openingsscène kronkelt de camera tussen de wapperende gordijnen over het wanordelijk opgestapelde gips langs Rodins bedrijvige medewerkers de ruimte van de werkplaats binnen.

Ook het ingetogen, worstelende spel van acteur Vincent Lindon richt zich op de strijd met de materie. Met zijn grijze baard, witte schildersschort en woelende handen oogt hij even noest en massief als de kunstwerken van zijn personage. In een eerste fase kneedt hij figuren uit klei. Daarna maakt hij gipsen afgietsels, die hij kriskras naast elkaar combineert in verschillende houdingen en verplaatst tot een constructief geheel van menselijke poses, bewegingen en gevoelens. Rodins eindeloos verwoede pogingen om in gepeins verzonken, in zichzelf gekeerde slenterende figuren te beeldhouwen worden schitterend verbeeld in Doillons film. De cineast poogt te vatten hoe een kleine, vage schets van een model in het hoofd van de kunstenaar uitgroeit tot een solide beeldhouwwerk. Voor Doillon is Rodins kunst een combinatie van sensitief observeren, intens denken en zwaar ploeteren met niet altijd even soepel kneedbare of hakbare materialen.

Verwacht van de minimalistische filmauteur Jacques Doillon geen biopic in Hollywoodstijl. Met zijn elliptische vertelstijl heeft hij lak aan chronologische volledigheid of “kijk eens hoe ik op de echte lijk”-vertolkingen. De release van de film in meer dan 1300 Franse zalen  is in dat opzicht ook bovenmaats. Het ligt moeilijk om deze kleine, indringende film als een superproductie te promoten.

Wie verwacht dat een biopic de feiten rechtstreeks koppelt aan psychologische verklaringen, komt bij Doillons RODIN bedrogen uit. Over Rodins armoedige jeugd vertellen doet Doillon bijvoorbeeld niet. Hij zoekt met zijn beelden wel op hoe die jeugdjaren doorsidderen in zijn karakter, zijn visie en zijn relaties. In de plaats van de feitelijke gebeurtenissen stelt Doillon het creatieproces van Rodins meest persoonlijke werken centraal, van zijn eerste officiële opdracht voor La porte d’enfer in 1880 tot zijn Balzac in 1897.

De film toont amper de voltooide beeldbouwwerken. De burgers van Calais of De denker komen voorbij, maar ze staan in het atelier, altijd onaf, constant bewerkt en herwerkt tijdens het soms jarenlange creatieproces. Sommige beelden blijven ook bewust onafgewerkt, zoals Torse de jeune femme cambrée uit 1909. Tussen deze beeldenmanufactuur weeft Doillon de thema’s uit Rodins leven: zijn verzet tegen de officiële kunst, zijn conflicten met de opdrachtgevers, zijn zoektocht naar de essentie van het materiaal, de uitbouw van het atelier als manufactuur, zijn impressionistische drang om de wisselende lichtinval te beeldhouwen, zijn huwelijk met de robuuste Rose Beuret en zijn verhouding met de frêle Camille Claudel, een beeldhouwster die zijn muze zou worden. Soms krijg je door Doillons trage vertelstijl het gevoel dat je langs Rodins werk wandelt en zoals op een tentoonstelling de beslissende thema’s van zijn œuvre aangereikt krijgt. Dat is niet toevallig, want Véronique Mattiussi van het Rodinmuseum heeft meegewerkt aan het script. Geen enkel detail is over het hoofd gezien om het atelier en de gefaseerde afwerking van Rodins momunentale beelden te reconstrueren. Zo tonen de scènes gewijd aan Balzac onverbloemd hoe ontstaangeschiedenis en vormtaal in Rodins œuvre met elkaar verbonden zijn.

Doillons Rodin reikt veel verder dan de pure opdrachtfilm. De hand van de filmauteur blijft prominent aanwezig. Het is duidelijk dat Doillon geboeid is door de thema’s waar de beeldhouwer en de cineast elkaar kruisen. Net zoals de eigengereide Rodin viel het Jacques Doillon niet gemakkelijk om met de officiële Franse culturele wereld scheep te gaan. Rodins zelfbevraging en twijfel over zijn officiële opdrachten en zijn artistieke conflicten met zijn opdrachtsgevers weerspiegelen in die zin ook Doillons zelfreflectie op deze eerste officiële opdrachtfilm uit zijn filmografie.

Met dank aan Cinéart, de verdeler van RODIN, mogen we duotickets weggeven voor deze film. Wie kans wilt maken stuurt een mailtje met zijn of haar adres naar info@filmmagie.be.

De vertoningen van RODIN vind je terug op cinenews.be.

Geschreven door DIRK MICHIELS

Rodin

24/05/2017
Regisseur: 
Scenario: 
Muziek: 
Productiejaar: 
2017
Distributeur: 
Cinéart

Media: 

onomatopee