The Sisters Brothers

Alhoewel de Franse cineast Jacques Audiard geen westernfan is, weet hij met THE SISTERS BROTHERS het genre nieuw leven in te blazen. In dit grappige én melancholische sprookje over trauma’s, geweld, beschaving, veranderende tijden en pacifistische utopieën zijn John C. Reilly, Joaquin Phoenix en Jake Gyllenhaal atypische cowboys.

De western is een oer-Amerikaans genre met filmmakers als John Ford, Howard Hawks, Raoul Walsh, Budd Boetticher, Anthony Mann, Sam Peckinpah en Clint Eastwood als vaandeldragers. Het is geen wonder dat de altijd al met ups en downs evoluerende populariteit van dit genre lijdt onder de globalisering. Met het besef dat Amerikaanse films meer opbrengen in het buitenland dan op de eigen markt denken Hollywoodproducenten twee keer na of de Aziatische markt wel zit te wachten op een met zijn pistool zwaaiende Texaanse cowboy. Westerns gelden dan ook meer en meer als zeer riskante operaties.

Toen Audiards THE SISTERS BROTHERS in Venetië (waar hij een Zilveren Leeuw won) en Deauville werd voorgesteld, noemde de pers die zijn eerste Amerikaanse film. “Maar eigenlijk is het een Engels gesproken, Europese film”, vertelde de regisseur ons tijdens Film Fest Gent. “In Europa gelooft men graag dat filmmakers met een Amerikaanse droom rondlopen, maar ik wilde niet per se in Amerika of voor een Amerikaanse studio werken. Ik droomde er evenmin van om Hollywood te veroveren of een western te draaien. Wél wou ik samenwerken met Amerikaanse acteurs en filmen in grote open ruimtes. Die vonden we in Spanje. Ik heb Oregon niet gemist.”

Europudding noch spaghettiwestern

De generiek van THE SISTERS BROTHERS leert ons dat er met onder anderen de broers Dardenne meerdere producenten gevonden werden in verschillende Europese landen. Zij zorgden voor een naar Amerikaanse normen bescheiden budget van 38 miljoen dollar, waarmee Audiard ook de gages van de Hollywoodacteurs mee moest betalen. Het Europudding-gevaar dreigde, maar Audiard is eigenzinnig genoeg om niet iedere producent (en elk land) te willen plezieren. Hij vond stevige partners in John C. Reilly en zijn vrouw Alison Dickey, die zowel in het boek van de Canadese schrijver Patrick DeWitt als in de Europese scenariotandem Jacques Audiard-Thomas Bidegain garanties zagen om de western clichévrij te houden. Hun vertrouwen was terecht, want de in Roemenië en vooral Spanje – het westernthemapark Fort Bravo in de provincie Almería – gedraaide film werd een uitstekende western. Een die het genre respecteert, maar er toch met humor en eigenzinnigheid nieuw leven in blaast.

THE SISTERS BROTHERS vertelt het verhaal van twee huurmoordenaars, de cowboybroers Eli (John C. Reilly) en Charlie Sisters (Joaquin Phoenix), die anno 1850 het spoor volgen van twee goudzoekers, detective John Morris (Jake Gyllenhaal) en chemicus Hermann Kermit Warm (Riz Ahmed). Hun trektocht loopt tijdens de Goldrush van Oregon tot Californië en is ook een achtervolging, want Warms geheime formule (waardoor goud snel zichtbaar wordt in water) blijkt een shortcut naar rijkdom die velen aanspreekt.

De film opent in het teken van de genadeloosheid met een hels vuurgevecht (waarbij paarden letterlijk vuur vatten) en gaat over in een Far West waar de goudkoorts en de wet van de sterkste domineren. Mannen en vrouwen zijn er in de greep van geld en geweld, agressie en hebzucht, waardoor plannen veranderen (de broers negeren hun opdrachtgever, de Commodore, en sluiten zich aan bij het goudzoekersduo), voornemens in duigen vallen en een gezondheidswandeling eindigt in een gruwelijke fysieke beproeving. Enkel het lot (lees: de dood) en een terugkeer naar huis bieden een uitweg.

THE SISTERS BROTHERS is grappig, gruwelijk én groots. Briljant is de scène waar de broers te paard een heuvel beklimmen en plots aan de andere kant de oceaan zien. Een verbluffend moment en een blik die we zelden krijgen in Go West-westerns. Voor westernhelden is de zee bijna nooit een eindstation, maar Audiard is zelf een pionier en voert zijn vermoeide cowboys langs een strand vol aangespoelde of achtergelaten spullen. Objecten zonder eigenaar. Met dit beeld slaat Audiard een brug naar het heden, naar de migranten die zoveel jaar later hun tocht zien eindigen op een strand. De geschiedenis herhaalt zich, onderstreept Audiard: mensen riskeren alles, hun leven en hun bezittingen, voor een beter bestaan.

Audiard actualiseert de western en sluit aan bij een traditie van uit Europa gestuurde vernieuwing. Denken we maar aan de spaghettiwesterns, de films die regisseurs als Sergio Leone en Sergio Corbucci in de jaren 60 en 70 draaiden ... in Zuid-Spanje. Met laconieke Europese en Amerikaanse filmsterren zoals Henry Fonda, Clint Eastwood, Charles Bronson, Klaus Kinski, Lee Van Cleef en andere Eli Wallachs. De heel eigen, opera-achtige stijl van die films zette de clichés vaak op hun kop en belichtte naast geweld ook kritische thema's.

Het gebied in de provincie Almería waar toen gefilmd werd, is ondertussen een toeristische attractie geworden met een heus westernstadje in Tabernas. Audiard keert ernaar terug, niet om een variant op de spaghettiwestern te maken, maar om het genre naar het tijdperk van de globalisering te tillen. Waar Leone & co inzetten op stilering en vertraging (quasi stilstand), blijft de cinema van Audiard up-tempo, expressionistisch en doordesemd van metaforen. De verwijzing naar de migratieproblematiek gebeurt allesbehalve terloops. THE SISTERS BROTHERS gaat over mensen die (net als in de huidige geglobaliseerde wereld) hun plaats moeten zoeken in een veranderende omgeving.

Het is geen toeval dat Eli en Charlie rijden, rijden en rijden, maar toch nog altijd te laat komen. De wereld om hen heen verandert in een razend tempo. Van tenten gaat het over hutten naar huizen, van de ongerepte natuur voert de tocht naar langzaam groeiende steden. Op een bepaald moment wordt achter de rug van de in een saloon binnenstappende broers een deel van een prefabwoning per kar vervoerd. Een paar scènes verder zijn ze er getuige van hoe die façade deel uitmaakt van een huis dat opgetrokken wordt.

Van barbarij naar broederschap

Die veranderende wereld en het aan Sam Peckinpah (meer bepaald The Wild Bunch en Pat Garrett and Billy the Kid) schatplichtige idee van cowboys die ‘out of time’ en ‘out of place’ zijn, inspireert Audiard om een moderne, morele western te maken. THE SISTERS BROTHERS gaat volgens Audiard over dingen waar hij gevoelig voor is: “de erfenis van geweld, een geweld dat via de Founding Fathers, de grondleggers van Amerika, bij de cowboys belandde. Wat me bezighoudt, is hoe we aan dat geweld ontsnappen. De western draait rond de strijd tussen barbarij en beschaving en laat toe om vragen te stellen. Op welk moment laat je wapens toe in het dorp? Wanneer duikt er iemand op die de sheriffster gaat dragen? Hoe ontkiemt de democratie? Een democratie die ik in THE SISTERS BROTHERS wou verbinden met broederschap.”

Tegelijk introduceert hij een sociale utopie via Warm, een goudzoeker die geen rijkdom nastreeft, maar een gemeenschap wil versterken. “Dat was belangrijk omdat het een projectie is van een pacifistische gedachte, het genezen van een gewelddadig universum door een solidaire gemeenschap”, zegt Audiard. “Ik wou van barbarij naar beschaving gaan via een sociale utopie. Wanneer je een zoektocht naar goud introduceert in een western, kom je snel uit bij hebzucht en die deur wou ik sluiten. De utopie maakt het mogelijk om op een andere manier over goud en zijn functie te spreken en niet te blijven steken bij verrijking.”

Terwijl vooruitgang meestal verbonden wordt met materieel succes, met de verovering van gebieden en de komst van de trein, linkt THE SISTERS BROTHERS progressie aan een idee. “Een filosofische gedachte”, preciseert Audiard. “1850 is een belangrijke datum. Er is inderdaad de Gold Rush, maar in 1848 werd het door Karl Marx en Friedrich Engels opgestelde Communistisch manifest gepubliceerd. In die periode waren er in Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië bewegingen actief – van de saint-simonisten over Proudhon en de anarchisten tot de utopisten en de communisten – die alternatieve samenlevingsideeën propageerden. Immigranten namen deze opvattingen mee naar de Nieuwe Wereld, waar dan ook veel nieuwe gemeenschappen ontstonden. Alleen waar religie het cement van de nieuwe samenleving vormde, zoals bij de amish en de mormonen, overleefden ze, maar de ideeën hingen wel degelijk in de lucht.”

THE SISTERS BROTHERS heeft een rudimentair verhaal en dito personages, adembenemende landschapsbeelden en de nodige shoot-outs, maar het is vooral ook een door personages gedreven western met diepgang en actuele echo's. Een universeel sprookje dat de mensheid en de beschaving bevraagt en de stelling ondergraaft dat ‘er geen alternatief is’. Audiard stelt dat er andere keuzes mogelijk én noodzakelijk zijn.

Audiards cowboys zijn geen vastgeroeste dino's, maar individuen gecharmeerd door moderniteit (gesymboliseerd door de verwondering oogstende tandpasta) die in eenvoudige woorden spreken over het kapitalisme, het menselijk bestaan en begrippen als thuis, familie en gemeenschap. De deur als beeldkader die knipoogt naar John Fords The Searchers (ook de naam van de Belgische distributeur!) is geen toeval. Via een verwijzing naar Fords brug tussen verleden en toekomst, tussen wildernis en beschaving, illustreert Audiard zijn eigen drang om traditie en vernieuwing te verenigen met een tegelijk klassiek en modern ogende western.

FILM: **** / geen extra’s

Geschreven door IVO DE KOCK

The Sisters Brothers

Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2018
Distributeur: 
The Searchers

Media: 

onomatopee