Suspiria

De fans van Dario Argento en de meester zelf waren niet opgetogen met de nieuwe SUSPIRIA, maar die andere gekke Italiaan, filmkameleon Luca Guadagnino, leverde wel een eigenzinnig en gestileerd horrorsprookje af. Geen remake maar een ‘coverversie’, benadrukt de cineast die met zijn eigen esthetische gevoeligheden variaties op een thema doorvoert.

“Ik heb Suspiria altijd als een sprookje beschouwd,” benadrukte Dario Argento (Profondo Rosso, Inferno, Tenebrae, La terza madre) in zijn autobiografie Peur, “en bij sprookjes moet je niet subtiel te werk gaan maar expressief.” De Italiaanse giallo- en horrorregisseur koos nadrukkelijk voor barokke, in het occulte gedrenkte cinema die zijn kunstmatigheid uitvergroot, dankzij Technicolor bloedrood kleurt en uitpuilt van de gewelddadige nachtmerriebeelden.

Zijn uit 1977 daterende Suspiria is een briljante auditieve en visuele trip die het bovennatuurlijke introduceert in het stramien van ‘killer on the loose’ annex ‘vreemdeling in een vreemd land’. Het verhaal is eenvoudig: de Amerikaanse studente Suzy Bannion (Jessica Harper) ontdekt dat de bizarre moorden in de Duitse academie waar ze inschreef verbonden zijn met de heksenkolonie die er ooit huisde. Een eenvoudig verhaal, maar wat telt is het visuele spektakel dat ons onderdompelt in een universum van tragiek en wreedheid.

Het art-nouveaugebouw is vintage Argento: de zalen en geheime doorgangen ademen een helse sfeer uit en het wordt het decor van gruwel, met mysterieuze slangachtige studentes, ultrarode bloedstromen, hypnotische muziek en beklemmend angstgevoel. De kwaliteiten van de film zijn zo verbonden met de stijl van zijn regisseur dat een remake van Suspiria onbegonnen werk leek. Een behoorlijke zinloze onderneming eigenlijk.

Suspiria 2.0

Luca Guadagnino liet zich echter niet afschrikken. Hij ging resoluut voor een film die fel afwijkt van zijn eigen vorige films. SUSPIRIA staat immers stilistisch en thematisch mijlenver af van A Bigger Splash en Call Me by Your Name, de films waarmee de Italiaanse cineast zichzelf op de kaart zette. Tegelijk koos hij ook voor een Suspiria 2.0, een heel persoonlijke update die weigert Argento's stijl en filosofie te imiteren. Guadagnino spreekt dan ook niet over een remake, maar over een coverversie. Een even gekke als extreme film die vanuit zijn esthetische gevoeligheden variaties op een thema serveert.

“Ik werd op m'n veertiende een grote fan van Dario Argento”, zegt Guadagnino in de making-of van SUSPIRIA. “Ik was een groot filmliefhebber, wilde regisseur worden en toen ik Suspiria zag, raakte alles in een stroomversnelling.” De cineast die stelt dat al zijn films “een stap in zijn teenagerdromen zijn”, nam zich reeds als tiener voor om ooit een eigen versie van Suspiria te maken.

Het beeld van de Italiaanse filmposter – tegen een zwarte achtergrond zien we een danseres met een witte huid en bloedstromen die lopen van haar nek naar een rode plas op de grond – zou hem bijblijven. Vandaar zijn enthousiasme voor de danspakken van kostuumontwerper Giulia Piersanti: bloedrode textielslierten die rond de lichamen van de danseressen fladderen.

Argento’s verzuchtingen

“SUSPIRIA is een film over paria's en de vrouw als ultieme paria”, aldus Guadagnino. “Het gaat over een dansgezelschap waar een Amerikaanse bijkomt en zij ontdekt dat het heksen zijn. Drie moeders, drie goden, drie duivels: Moeder Tenebrarum, Moeder Lachrymarum en Moeder Suspiriorum.” Die moeders van duisternis, tranen en zuchten (van de menselijke miserie) voerde Dario Argento op in zijn ‘driemoederstrilogie’: Suspiria, Inferno (1980) en Mother of Tears (2007). Daarvoor putte Argento inspiratie uit Thomas de Quinceys verzameling van fantasiepoëzie Suspiria de Profundis ('Zuchten uit de diepte', 1845) en dan voornamelijk het deel ‘Levana and Our Ladies of Sorrow’.

“We maken een film over een specifieke periode, namelijk 1977”, zegt Guadagnino. “Berlijn was toen een verdeelde stad.” In dat jaar draaide Argento Suspiria en destabiliseerden RAF-terreuracties het land tijdens de Duitse Herfst. Via nieuwsflashes laat Guadagnino de paranoïde tijdsgeest binnendringen in een gesloten wereld gedomineerd door wreedheid en kwaad.

Dario Argento gaf Guadagnino carte blanche (“Hij zei me dat ik mijn film moest maken”, beweert Guadagnino), maar was niet onder de indruk van het eindresultaat: “Ik vond SUSPIRIA niet opwindend, de remake respecteert de geest van de originele film niet. Er is geen angst, geen muziek. Luca Guadagnino is een fijn man en zijn aanpak is verfijnd. Er zitten mooie tafels, mooie gordijnen en mooie borden in de film. Alles is mooi, maar niets bevredigt me.”

Via een omweg reageert Guadagnino op Argento's kritiek: “We hebben respect voor Dario’s origineel, maar we gaan de andere kant uit. Dario z'n wereld is kleurrijk, vol bloemen, terwijl die van ons heel scherp, hoekig, streng en angstaanjagend is.” Guadagnino’s wereld weerspiegelt een uitspraak van psychoanalyticus Josef Klemperer, de enige man (vertolkt door Tilda Swinton) in het vrouwengezelschap van SUSPIRIA: “A delusion is lies that tell truth.

Bezeten bewegingen

Susie Bannion is in deze versie een jonge Amerikaanse ballerina die naar Berlijn reist om dans te studeren bij de Markos Tanz Company, een gereputeerd gezelschap geleid door Madame Blanc. Op haar eerste dag wordt een weggestuurde studente vermoord. Dat blijkt niet het eerste vreemde voorval en Susie begint te vermoeden dat het gezelschap in de greep zit van duistere geheimen. Ze vreest het ergste: “Why is everyone so ready to think the worst is over?

Bovendien blijkt ze de ene gesloten gemeenschap (ze groeide op bij mennonieten) te hebben ingeruild voor de andere. Aan dokter Klemperer bekent ze haar angst om letterlijk bezeten te raken door een 'kwaad' dat bij haar wil binnendringen: “They'll hollow me out and eat my cunt on a plate.

Madame Blanc benadrukt dat ze als danseres een moet worden met haar groep: “Wanneer je de dans van iemand anders doet, maak je jezelf naar het beeld van je schepper. Je maakt jezelf leeg zodat het werk in je kan voortleven. Begrijp je?”

Het filmische karakter van dans wordt onderstreept door Madame Blanc: “Beweging is nooit sprakeloos. Het is een taal, een reeks energieke vormen die in de lucht geschreven worden en zinnen vormen. Zoals gedichten. Zoals gebeden.” Daar waar Argento het dansen niet integreert in zijn dramatische ontwikkeling, maakt dat bij Guadagino integraal deel uit van het verhaal en van de manier waarop hij dit verhaal vertelt.

Niet enkel door – zoals in The Red Shoes, Black Swan en Girl – de strijd tussen lichaam en geest te tonen, maar ook door controleverlies van de geest te illustreren met het verlies van controle over het lichaam. Een lichaam dat gaandeweg ook onmenselijke, onmogelijke bewegingen gaat maken. Vandaar dat Dakota Johnson ondanks haar opleiding niet alles zelf kon dansen.

Choreografie van de waanzin

Om zijn verhaal te vertellen en emoties te tonen via beweging had Guadagnino een partner in crime nodig. Die vond hij in choreograaf Damien Jalet. “In 2013 werd ik uitgenodigd om een soort installatie te maken in het Louvre in Parijs”, vertelt Jalet. “Toen we die gemaakt hadden, heb ik samen met de groep Suspiria bekeken. Ik zei hen: ‘Er zit iets in die film waarvan ik wil dat je het in je dans stopt.’ Drie jaar later zag Luca die video, waarna hij mij belde.”

Wat Jalet intrigeerde aan de originele Suspiria, was de associatie van hekserij met een dansschool. “Ik vond het leuk dat Luca dat idee nog verder wilde drijven. In het origineel wordt er weinig gedaan met de dans, het is een korte scène en meestal is het alleen ballet. Luca wilde dans een grote rol laten spelen in de film. Hij heeft van de dansschool ook een dansgezelschap gemaakt. Dans is hun geheime taal.”

Samen met Guadagnino creëert Jalet een evolutie: “De film start met een vrij academische manier van dansen. Het is een beetje als beeldhouwen: er is een sterke band met ritme en met de geometrie van het lichaam, met mooie lijnen. Naarmate de film vordert, treedt de vervorming op.”

De choreograaf wijst erop dat vanaf de jaren 70 choreografen meer werkten met vloeiende bewegingen en door de zwaartekracht te gebruiken dans “meer inwendig en minder visueel maakten. Het personage van Blanc is beïnvloed door veel sterke choreografes, die je een beetje met heksen kunt vergelijken, zoals Mary Wigman.”

Die pionier van moderne dans zei dat dans ook lelijk kon zijn en daar bouwen de makers van SUSPIRIA op verder. “We wilden een divers gezelschap met verschillende karakters en lichamen”, aldus Jalet. “Toch moesten ze allemaal die ambivalentie uitstralen, alsof ze makkelijk konden overgaan van iets moois naar iets gruwelijks.”

Die link tussen lelijkheid en gruwel vormt samen met de nadruk op tegenstrijdige verlangens het grote onderscheid tussen de versie van 1977 en die van 2018. De kracht van Guadagnino's SUSPIRIA is dat de escalatie van gruwel en waanzin verankerd is in een trip waar de middelpuntvliedende krachten overheersen. Daardoor wringt er iets, wordt de kijkervaring haast even onaangenaam als de heksen.

De meningen verschilden extreem bij de release van Guadagnino's SUSPIRIA. Het ging van miskleun tot meesterwerk. Ook Argento's Suspiria werd op zijn zachtst gezegd verdeeld onthaald bij zijn release. En bij Inferno gingen de vingertjes nog veel meer naar het voorhoofd. Onverschilligheid is echter veel erger dan controverse. We durven te voorspellen dat binnen tien à twintig jaar beide versies zullen gelden als meesterwerken en mijlpalen in de geschiedenis van het horrorgenre.

FILM: **** / EXTRA'S: *** (documentaires)

Themastukken en meer besprekingen van films op dvd, VoD en blu-ray, vind je in de rubriek 'Huisbios' in het tijdschrift Filmmagie.

Geschreven door IVO DE KOCK

Suspiria

Regisseur: 
Muziek: 
Genre: 
Productiejaar: 
2018
Distributeur: 
Cinéart

Media: 

onomatopee