Torpedo

Met TORPEDO is Sven Huybrechts’ megalomane jongensdroom uitgekomen: een no-nonsensefilm over schietgrage, ‘Antwaarpse’ macho’s in een duikboot tijdens de Tweede Wereldoorlog. Maar of die thuishoort in Vlaamse filmwateren?

Respect is zeker op z’n plaats voor de (financieel) zware onderneming, maar is deze Vlaamse cocktail van Inglourious Basterds, The Dirty Dozen en Das Boot een meerwaarde voor onze cinema, die moet meelopen aan de hand van het Vlaams Audiovisueel Fonds? Prijzige genrecinema is in Vlaanderen allerminst een evidentie, laat staan een verplichting. Toch wil het ambitieuze productiehuis A Team Productions daar verandering in brengen, met dank aan het arbeidsethos van Adil & Bilall en het onverhulde commercialisme van zakelijk leiders Hendrik Verthé en Kobe Van Steenberghe. Toen king of commerce Jan Verheyen het scenario van Huybrechts’ spectaculaire duikbootfilm op hun bureau gooide, waanden de twee producenten zich kinderen in een speeltuin. Dankzij de eigen portefeuille, heel wat sponsors én het VAF brachten ze 3,5 miljoen euro bijeen. Een peulenschil in vergelijking met het tienvoudige budget van Thomas Vinterbergs recente onderzeeërdrama Kursk, dat een deel daarvan spendeerde aan opnamen in de AED Studios in Lint, maar naar Vlaamse maatstaven een stevige boterham. En dat voor een debuutfilm.

Na opnames in Malta en de Antwerpse Kempen – waar een kopie van een duikboot uit de Tweede Wereldoorlog werd gebouwd – groeide TORPEDO uit tot een kruising tussen Vlaamse kermiscinema en een zelfbewuste B-film met de obligate brutale humor. Alleen Udo Kier die met een SS-armband uit een donkere hoek komt gekropen, ontbreekt. Helaas blijft het bij een – weliswaar getalenteerde en toegewijde – Vlaamse topcast onder aanvoering van een gespierde Koen De Bouw. Ondanks talloze andere charismatische vertolkingen staat vanaf nu ook het shot waarin hij een oorlogszuchtige Messerschmitt overdreven heldhaftig neerhaalt op het netvlies gebrand. Alleen slaagt niemand erin – ook niet comic relief Sven De Ridder – om meer gestalte te geven aan de kartonnen personages dan de twee woorden waarmee ze te beschrijven zijn. Tussen al het Antwerpse gekakel en de andere wereldtalen aan boord zou je bijna vergeten dat deze Indiana Jones-wannabe (inclusief rode reislijn op een wereldkaart) daadwerkelijk een oorlogsverhaal is. Een groep Vlaamse rebellen – noem ze gerust de Tegen de sterren op-versie van Tarantino’s Inglourious Basterds – moet tijdens de Tweede Wereldoorlog een lading uranium van Belgisch-Congo naar New York brengen, opdat niet Hitler, maar de Amerikanen de eerste atoombom uit een vliegtuig kunnen droppen. Omdat de boot uit Congolese wateren vertrekt, vond Huybrechts het nodig om een racistische zijsprong te maken (die even later toch leidt tot verbroedering tussen wit en zwart). De beledigingen die het stoere, zwarte bemanningslid naar het hoofd geslingerd krijgt, moeten kijkers én VAF-dirigenten toch ongemakkelijk doen schuifelen op hun cinemazetel?

Al moet je het Sven Huybrechts nageven. Hij neemt risico’s in een filmlandschap dat niet uitblinkt in spektakelepiek. Zelfs met een tenenkrullend scenario, een verwerpelijk racistische subplot en een ongegeneerde clichébingo aan onderwateractie slagen de regisseur en zijn zweterige nazihaters erin een verwarde grijns op je gezicht te toveren. Er schuilt iets aanstekelijk über-Vlaams in deze onhandige, platvloerse komedie. Duitsers zijn hier wienerschnitzels of teute gerards. Enkel karakterkop Thure Riefenstein als intense kapitein mag den goeden Duits zijn. Ietwat verrassend is de bloederigheid van het zee-avontuur. De camera kijkt niet weg van gewelddadig verwijderde ledematen en gore oorlogsdaden. Alsof de producenten de kijker elke eurocent willen doen gewaarworden. Alleen gaan onvermijdelijk wenkbrauwen fronsen bij wat een botsing lijkt tussen twee miniatuurduikbootjes in een badkuip.

De tijd zal leren of het Vlaamse publiek zit te wachten op een doldwaze avonturenfilm die de veruiterlijking is van een kind dat speelt met actiefiguurtjes en daarbij – als de onschuld zelve – elke nuance links laat liggen. De grotere vraag is echter of de Vlaamse filmcultuur wel dure, commerciële spektakels – met subsidiesteun van het VAF – nodig heeft. Heeft Jan Jambon, kersvers Vlaams minister van Cultuur, daar een antwoord op?

Vertoningen: cinenews.be. Meer reviews vind je maandelijks in print, te bestellen via info@filmmagie.be, te koop bij een van de verkooppunten of maandelijks in je bus met een abonnement.

Geschreven door SVEN HOLLEBEKE

Torpedo

23/10/2019
Regisseur: 
Genre: 
Productiejaar: 
2019
Distributeur: 
Independent Films

Media: