Vlaamse cineast Rik Kuypers overleden in Peru

Rik Kuypers (geboortenaam Henri Kuijpers) zag op 11 april 1925 in Mortsel het levenslicht. Zijn grootvader Hendrik was een van de stichters van de Gevaertfabriek. Het was dan ook niet te verwonderen dat kleinzoon Rik in de filmwereld terechtkwam.

Zijn eerste stappen zette Kuypers als amateurfilmer. Zijn vernieuwende werk trok de aandacht van pers en opdrachtgevers, waardoor hij in 1952-1953 naar Indië kon reizen om enkele films over de missies te maken, waaronder de langspeelfilm Atcha (1954). Kuypers kreeg de reismicrobe te pakken en draaide de volgende jaren nog talrijke films in het buitenland. Zijn verfrissende stijl zorgde ervoor dat hij in 1955 samen met Ivo Michiels en Roland Verhavert de klassieker Meeuwen sterven in de haven kon regisseren, met in de hoofdrollen Julien Schoenaerts en Dora van der Groen. Bescheiden als hij was, hield Kuypers zich altijd op de achtergrond. Toch vond hij het jammer dat de twee andere regisseurs met de meeste aandacht gingen lopen, terwijl hij – als enige met filmervaring – verantwoordelijk was voor hoe de film eruitziet.

Nadien legde hij zich weer toe op amateurfilms, vooral in samenwerking met cameraman en regisseur Herman Wuyts, zoals het bekroonde Hollywood Speaking (1959). In 1958 richtte hij Filmgroep 58 op, waarvan hij de eerste voorzitter werd. Deze groepering van amateurcineasten uit het Antwerpse, met onder anderen Harry Kümel, Patrick Lebon, Herman Wuyts, Ralf Boumans en Robbe De Hert, haalde gezamenlijk fondsen binnen en maakte talrijke opmerkelijke, experimentele kortfilms.

Kuypers zelf ging voor de televisie werken en maakte onder meer verscheidene afleveringen van het poëzieprogramma Poëzie in 625 lijnen. De erkenning in de pers was groot. In 1966 volgde dan de langspeelfilm De obool, die hij met eigen middelen draaide in de stijl van de door hem bewonderde Jean Cocteau. De film werd als hermetisch beschouwd en kreeg geen release.

In 1968 kon hij de langspeelfilm Adieu Filippi inblikken met de steun van het ministerie van Nederlandse Cultuur. Robbe De Hert en Wies Andersen vertolkten de hoofdrollen. De producent vond echter nooit de bijkomende financiële middelen om de film af te werken. Hetzelfde jaar maakte hij ook het docudrama Lieven Gevaert, eerste arbeider, waarin hij een deel van zijn familiegeschiedenis kon verwerken. Het debacle van Adieu Filippi en het afschaffen van het poëzieprogramma op de televisie maakten echter een vroegtijdig einde aan zijn carrière. Hij vond geen financiers meer voor nieuwe projecten naar romans van Jean Ray en Felix Timmermans.

Na het overlijden van zijn vader pikte hij de draad weer op en filmde documentaires in India, Brazilië, Egypte en Haïti. Tijdens het draaien van Men kan het licht niet begraven (1981) over Peru werd hij verliefd dat land. Hij week er in 1982 naar uit om daar van een rustige oude dag te genieten. Van nieuwe filmplannen kwam niets meer in huis. Wel organiseerde hij tentoonstellingen van postzegels. Stilaan raakte hij vergeten in België. Filmhistoricus Paul Geens heeft ervoor gezorgd dat Kuypers’ omvangrijke archief met films, scenario’s en familiedocumenten weer naar België kwam, waar het bewaard wordt door CINEMATEK en de Heemkundige Kring van Mortsel. Kuypers overleed in Lima op 21 mei aan de gevolgen van longkanker.

Beeld: Rik Kuypers (© Paul Geens)

Geschreven door PAUL GEENS

Vlaamse cineast Rik Kuypers overleden in Peru

Media: 

onomatopee